Reis
naar de zon deel 138
Puerto
Rico - St. Thomas
do 2 februari - do 16 februari 2012

Gasten
zoeken
Onze
nieuwe gasten zijn van alle elektronische gemakken voorzien,
zoals dat tegenwoordig hoort. We hebben al met skype afgesproken
dat ze zich even melden als ze bij de steiger van de rondvaartboot
in La Parguera zijn aangekomen. Tegen vijven nog steeds geen
bericht en we besluiten er maar vast naartoe te varen. Komen
we daaraan vertelt een van de daar werkende mensen dat onze
gasten er al zijn. En jawel, we zien Marianne met bagage op
het plein! Ze blijken er al een tijdje te zijn en Geert-Willem
is op zoek naar een wifi-mogelijkheid. Even later komt hij
aanlopen en zijn we na een jaar weer herenigd.

nog
even het grootzeil stikken
Nog
even over de kleine naaimachine: Marg vond dat hij zo snel
ging toen ze de letters op haar jurk naaide. Toen Joke de
naaimachine later ook gebruikte en hem in 220 volt stopte,
was het raadsel opgelost: het is een 110 volt machine! Gelukkig
niets kapot gegaan.
Welkoms-
en afscheidsdiner
Het
klinkt wat dubbel, maar we moeten ook afscheid nemen van Michael
en Ursula, die over enkele dagen naar het westen varen en
de Stille Oceaan gaan opzoeken, voor hun bekend terrein. Zullen
we ze ooit weer zien? Wij gaan met onze gasten oostwaarts,
het schitterende zeilgebied van de Virgin islands verkennen.

Michael

Urula,
tijdens mangrovetocht
Bioluminescentie-tocht
in de mangroves
Heel
dapper staan we om vijf uur in de rubberboot om het groene
oplichten van het water te bekijken. De maan is dan al onder
zodat het maanlicht niet overheerst. We varen met lage snelheid
de mangroves in en worden al direkt verwend. Enkele smalle
doorgangen maken het spannend. Wat een prachtig gebied, je
vaart van het ene kommetje naar het andere. De boeggolf van
de rubberboot vol groene flitsen en een groene waas. Als we
bij het eind omkeren zien we de lucht in het oosten al lichter
worden. Zo genieten we ook nog van de dageraad.
Met
een kopje koffie zitten we op dek, wachtend op de zonsopkomst
en de dolfijnen. De zon komt wel, de dolfijnen laten op zich
wachten. Het is dan zaak om zo vroeg mogelijk te vertrekken,
zodat we optimaal kunnen profiteren van de windstilte. De
passaatwind begint meestal zo tegen tien uur door te zetten
en dan zijn we al een flink stuk onderweg.
Op
naar Ponce (22 mijl)
We
zwaaien de Kril vaarwel en zoeken onze weg tussen de koraalbanken
naar buiten. Het zonlicht bemoeilijkt het zicht op het water,
maakt eyeballnavigation moeilijk. De elektronische kaart heeft
echter nergens last van en zonder problemen passeren we alle
ondiepten en komen op volle zee. Dan duurt het niet lang meer
of de wind begint, natuurlijk uit het oosten en we moeten
kruisen richting doel. De wind wakkert aan tot 5-6. De genua
moet wat worden ingerold. We maken een redelijke snelheid
al proberen de golven ons behoorlijk te remmen. Als we weer
overstag gaan komen we niet echt op gang. Inspektie van de
zeilen levert een gescheurd grootzeil op, geen wonder dat
we niet op snelheid komen. Na het eerste rif te hebben gezet
is alles weer OK, de scheur zit in het onderste stuk.
De
wind begint te draaien naar ESE-SE en maakt het voor de laatste
slag wat makkelijk. We varen de baai bij Ponce binnen, passeren
het vuurtoreneiland en ankeren voor de 'boardwalk', de lange
houten steiger met zijn tientallen restaurantjes.
Weerzien
Marg en Hein
Na
een binnenlandse verkenning per huurauto komen ze weer aan
boord. Immers de volgende dag gaan ze naar het symposium over
de pre-Rafaelieten in het Art museum in Ponce. Marg hoopt
daar mensen te ontmoeten die van belang zijn voor haar Jane
Morris-projekt.
Diner
aan de wal, keuze genoeg. Overal muziek en genietende mensen,
het is immers vrijdagavond. Helemaal aan het eind zijn mensen
muziekinstrumenten en geluidsapperatuur aan het opstellen
en zitten al mensen met kampeerstoeltjes in een kring klaar.
Hier moeten we wezen. We veroveren een tafeltje en stoelen
op het nabijgelegen terras, maken een keuze uit de menulijst
en achter een glas sangria wachten we af wat komt.
We
worden niet teleurgesteld, een zestal muzikanten gaat aan
het werk à la Lacbaai, Bonaire op zondagmiddag. Meteen
beginnen ook mensen te dansen. Wij krijgen onze warme maaltijd
opgediend, de kwaliteit valt helaas wat tegen. Marg krijgt
haar vegetarische maaltijd met kip en brengt het terug. Als
troost een dessert van de zaak. Bij het afrekenen een streep
door de rekening en hoeft ze niets te betalen!
Bezoek
aan het Museo de Arte, Ponce
Hein
brengt ons naar het museum waar Marg en hij het internationale
symposium zullen bijwonen. Het is een schitterend, modern
gebouw met veel glas en een grote hal. We worden geweldig
ontvangen er heerst bijna een soort feestelijke stemming.
Wij krijgen een blauw armbandje voor een senioren prijs, Marg
en Hein een gele voor het symposiumbezoek inklusief koffie,
lunch, drankjes en hapjes na afloop.

Marg in haar speciale jurk
De
prachtige moderne zalen met veel klassieke schilderijen zijn
een lust voor het oog. Maar een enkele zaal met moderne kunst.
Een opvallend schilderij is dat van Mesdag: vissers aan het
Scheveningse strand!

Joke
bij het Scheveningse strand (Mesdag)
We
genieten van een gratis bakje koffie op het terras tussen
de symposiumgangers voor we te voet naar het stadscentrum
gaan. Al snel zien we de fraaie witte torens van de kerk.
We kopen bij het aparte bombardsmuseum een kaartje voor de
touristenbus. In de bus ook Amerikanen die
hier geboren zijn en een van de dames is zo aardig om te vertalen
wat de buschauffeur/rondleider te vertellen heeft.

fontein
en kerk centrum Ponce

de
beroemde brandweerkazerne

schitterend
witte kerk
We
krijgen weer een goed beeld van de stad. Leuk moment: de buschauffeur
stopt, stapt uit en helpt een automobilist omkeren in de straat
die per ongeluk de eenrichtingsstraat is ingereden. Hij was
nog niet op het goede spoor of een politieauto kwam aanrijden.
Kadootjes
kopen
De
drukste winkelstraat is voetgangersparadijs met banken waar
je heerlijk in de schaduw kunt zitten. Een agent op een segway!
patrouilleert in het centrum, maar ook agenten op de fiets
in korte broeken en agenten in een sqaud zien we passeren.
Veel blauw op straat dus met moderne vervoermiddelen. Opvallend
is dat ze allen kogelvrije vesten aan hebben.

te
paard door de stad
Terug
met de taxi?
Op
de taxistandplaats geen taxi te zien. Even later komt een
busje aanrijden met een bord "Ponce playa". Misschien
bedoelt hij daarmee het strand naast de haven? We vragen of
dit zo is en een passagier kan het bevestigen. Met de bus
voor $1,50 pp.!
Einde
familiebezoek
Marg
en Hein gaan nog een paar dagen over het eiland zwerven voor
ze terugvliegen naar Dominicaanse Republiek. We zullen ze
missen. Maar intussen hebben we besloten
dit jaar in mei terug te varen naar Nederland!
Op
naar Isla Caja de Muertos
Het
moet een prachtig eiland zijn met goede ankermogelijkheden.
Het is slechts 6 mijl verder dus zelfs overdag met de volle
wind en golven tegen is het haalbaar. Na een bezoek aan het
tankstation - ene liter diesel kost nog geen dollar - varen
we de luiddruchtige haven uit. Op naar de stilte en de natuur.
Het is alweer kruisen tegen een 'choppy sea' en in plaats
van rechte hoeken tussen de slagen lijkt het meer op een harmonika.
Al vanuit de verte zien we motorjachten en twee zeiljachten
liggen. Het is zondag, een dag voor de lokale bevolking. Door
de weeks moet het hier verlaten zijn.
In
de pilot lezen we hoe het eiland aan zijn naam komt (in het
engels coffin island): een verhaal van een piraat die zijn
liefje van Curaçao haalde doch ze kwam om bij een gevecht
en hij heeft haar in haar kist in een grot op dit eiland gebracht
zodat hij haar tussen de kaapvaarten kon bezoeken.
Onderweg
vangen we zowaar twee vissen, een cero en een tonijnachtige.
Joke fileert ter plekke en voor de avond hebben we vers gebakken
vis. Maar natuurlijk eerst sushi met rijstwijn. Tegen de avond
verdwijnen een voor een de andere boten, de zeilboten het
laatst. Nu is het ons eiland!
Een
bijzonder detail: nadat ik per radio gribfiles en post heb
binnengehaald ontdek ik dat we wifi-verbinding, dus internet
hebben! Dat op een onbewoond eiland.
Op
zoek naar geo-caches
Geert-Willem
heeft als hobbie om 'schatten' te zoeken met hulp van internet
en GPS. Hij weet dat er vier op dit eiland zijn en we gaan
welgemoed op pad. De eerste vindt Joke aan de voet van een
monument van de Rozenkruisers. De tweede ligt een stuk hoger,
bij de muur van de vuurtoren. Vanaf het vuurtorenplatform
hebben we een schitterend uitzicht op Puerto Rico en natuurlijk
op het westelijk deel van Muertos. Helaas zit de vuurtoren
op slot en kunnen we niet hogerop. De derde cache ligt langs
het strand, zo,n 300 m naar het westen vanf de steiger. Geert-Willem
komt teleurgesteld terug: een grote cactus beschermt de cache.
De vierde ligt aan de oostpunt. Het is te heet om daar naartoe
te lopen. Gauw naar de boot terug om van Joke's verse brood
te genieten.

wilde
vijgenboom

de
eerste

de
tweede

uitzicht
op Puerto Rico

de
vuurtoren van Muertos

helaas
zit de voordeur op slot

een
van de waterputten

met
water terwijl het bos rondom gortdroog is met cactussen

uitzicht
naar de westpunt

en
natuurlijk de Zeevonk
Vroege
start naar Salinas
Het
is 5.50 uur als ik spontaan wakker word. Meteen anker op en
motoren naar het oosten. Het is maar 13 mijl maar als je wacht
tot de oostenwind aanwakkert dan moet je kruisen tegen een
holle zee. Het gaat goed, we zien de zon op komen en varen
langs de branding van verschillende rifeilanden voor we in
de verte de ingang van Salinas zien. Als tegen negenen de
wind aanwakkert en naar het oosten draait zitten we al achter
de beschermende riffen en is het nog een halfuurtje varen.
Je hebt hier dus de keuze: of in het donker motoren zonder
wind of bij daglicht beuken tegen een 4-6 Bft met de daarbij
behorende golven. Het eerste is ons prima bevallen.
De
geneugden van Salinas
Het
is redelijk vol in de baai nabij de marina. Wij ankeren dichterbij
de ingang op een rustiger plek in de hoop daar meer kans op
zeekoeien te hebben. Als we met de rubberboot naar de dinghysteiger
van de marina varen moeten we daar met achteranker parkeren
volgens de bordjes. We doen het met een lijntje aan een meerpaal.
We wandelen het hek uit en zien meteen de zeilmaker, die is
echter gesloten. Ons zeilerscafé blijkt een metamorfose
te hebben ondergaan.
De
winkel met zeilersspullen blijkt gesloten en opgeheven, het
zag er toen al noodlijdend uit. Bij de bakker/minimarkt gratis
wifi. Op straat ontmoeten we een typisch zeilers echtpaar.
Ik spreek ze aan, het blijkt een Australisch/Amerikaans koppel,
ook net gearriveerd, maar dan uit Culebra. Van hun krijgen
we de tip waar je heerlijk ijskoud bier kunt krijgen. Hoewel
geen bierliefhebbers, wij er naartoe. Het blijkt een groot
restaurant aan het water. Het uitzicht is fenominaal: voor
ons duiken pelikanen onafgebroken in het water. Wat een acrobatiek.
In de palbomen voor ons een leguaan die lekker van de zon
geniet, in het water komen regelmatig vinnen boven, waarschijnlijk
van bonefish. Op een paar honderd meter een paar minieilandjes,
daarachter mangroveboss van een groter eiland met branding
ervoor. In de verte het eiland waar we net vandaan zijn gekomen,
het eiland van de doodskist.
We
gaan aan de snapperfingers, het blijkt een delicatesse. Het
bakje met twee porties is zomaar leeg terwijl het eigenlijk
nog lang geen etenstijd is. Als ook het zelfde echtpaar aan
een tafel naast ons neerstrijkt ontwikkelt zich een leuke
konversatie en is etenstijd niet ver meer. We gaan naar goed
voorbeeld van de buurvrouw aan de sangria en bestellen onze
warme maaltijd. Ongelooflijk, wat een heerlijke plek, dit
is maximaal genieten.

het
genot van sangria hebben we in Ponce geleerd
Op
de terugweg langs de bakker die slechts lambrusco als wijn
heeft. Dan blijkt de zeilmaker open en zit de zeilmaakster
Marian in de deuropening achter haar voorhistorische singer.
Ze herkent ons, knap na twee jaar. We mogen het gescheurde
grootzeil brengen, ze heeft tijd beschikbaar.
Grootzeil
reparatie, zelf of uitbesteden?
We
hebben de machine ervoor en voldoende zeildoek, garen en plakstrips.
De scheur zit een meter boven het onderlijk, dus kunnen we
er goed bij. De temperatuur is nog zodanig dat het hele grootzeil
eraf te halen een vervelend warme klus is, zeker omdat het
ook nog flink waait. We besluiten het eerst zelf te proberen.
De
naaimachine op dak, tafel eronder. Het grootzeil onder losmaken
en nu proberen met plakband een nieuwe strook over de scheur
te plakken. Dat valt niet mee, het materiaal is in de wind
behoorlijk onwillig. Zelfs de rol ducktape komt eraan te pas.
We bijten door en de eerste vijftig cm wordt moeizaam gestipt
want ook de machine is niet steeds goedwillend. Ook de volgende
50 cm lukt, het gaat steeds beter maar nu begint de zon te
zakken tot achter de bomen en hoewel onze gasten niet klagen,
we hebben behoorlijke dorst.
Opwindend
ochtend gebeuren
Terwijl
Joke aan haar eerste bakje zit hoort ze pal achter de boot
gesnuif. Wij kijken, cirkelt een grote dolfijn om de boot!
Als we even later wat verderop een manatee(=zeekoe) boven
water zien komen en langzaam weer onderduikt en dit een paar
maal herhaalt. Onze dag is alweer goed. Zware grijze luchten
belemmeren de zon en het drogen van het zeil, dus ook wij
...

een
wegduikende zeekoe naast de boot
Op
pad met een huurauto
Geert-Willem
en Marianne huren een auto en we mogen mee het eiland op.
Via de kustweg richting Ponce. We zien grote velden met waarschijnlijk
koffie. Op sommige plekken mannen in witte pakken en blauwe
kappen aan het gif spuiten, elders wordt in grote rijen geplukt.
Grappig, want elke arbeider lijkt met eigen auto te zijn gekomen
en er staan rijen voor het veld waar gewerkt wordt. Ook een
plantage met tomaten lijkt het. We rijden achter een hoge
vrachtwagen die zo nu en dan de overhangende bomen snoeit,
er ploffen een gegeven ogenblik zelfs rijpe mango's voor ons
neer!
Bezoek
aan het Tainomuseum
Even
voorbij Ponce aan de grote weg ligt het pas in 1975 ontdekte
gebied waar de voorhistorische bewoners hun nederzetting en
heilige gronden hadden. Het museum is eenvoudig maar smaakvol
en geeft een goed beeld van de elkaar opvolgende volkeren,
de oudste 4500 jaar v. C. , de jongste tot 1493 toen de 'weldoeners'
uit Europa arriveerden.

Joke
bij de ingang van het fraaie doch eenvoudige museum

ze
gebruikten ook al geestverruimende middelen

we
krijgen een videopresentatie in het engels
Vervolgens
met gids de rivier over naar de met stenen omzoomde balvelden
die werden blootgelegd door de overstromingen tijdens de orkaan
George in 1975. Alles is keurig onderhouden en gerestaureerd.
De gids Salvador vertelt veel over de bomen die na de hurricane
gepland zijn en hun geneeskrachtige werking. Het sap van de
wortels van een soort reuzen yuka moet zelfs zo geneeskrachtig
zijn dat als je daar een gallon verdund van in een paar dagen
drinkt, de dokter geen afwijkingen meer bij je kan vaststellen.
Moeten we ernaar op zoek bij de markt?
De
ceremoniële balvelden zijn omzoomd met onder andere kalebasbomen
en katoenbomen. Bij gebrek aan een originele rubberbal die
ze vroeger gebruikten vraagt Joke om een kalebas, niet om
mee te voetballen maar om thuis te bewerken. Hij plukt een
mooie voor haar. Op mijn vraag hoe hoog dit gebiedje boven
de zeespiegel ligt, gaat onze gids in de fout: het zou zelfs
onder de zeespiegel liggen. Later kijkt Geert-Willem op zij
gps en komt op 74 meter boven de zeespiegel!

een
van de vele met keien omzoomde balvelden

onze
gids met een kalebas voor Joke
Volgend
doel: de grotten in het noordwesten
Geert-Willem
vindt het heerlijk om een bochtige weg in de bergen te rijden
en komt volledig aan zijn trekken. Dan houdt de weg op: er
is een stuk neer beneden gestort. wij een beetje verontwaardigd
dat het niet eerder werd aangegeven. We rijden terug tot een
splitsing en wat zien we? Natuurlijk een bord waarop het wordt
aangegeven, maar we waren bij het passeren ons niet bewust
van de betekenis ervan. De weg is nu veel smaller, bochtiger
en vooral steiler. De kaart van PR weet niet van het bestaan
ervan, de gps van Geert-Willem laat echter feilloosc zien
waar we zijn en wat we gereden hebben. Toch rijden we weer
een doodlopend weggetje in tussen een paar villa's. Maar we
komen weer op de 123 en vandaar op de 10, een moderne vierbaansweg.
Deze houdt na een tiental km;s op metc een groot viadukt in
aanbouw. We moeten weer de kronkelende 123 op. Daar vinden
we een primitief wegrestaurant waar we onze warme lunch nuttigen.
Intussen regent het flink en hangen grijze wolkenflatden tussen
de bergen. We besluiten de grotten te laten voor wat ze zijn,
we halen toch de laatste rondleiding niet meer.

eenvoudig
wegrestaurant: vier maaltijden met vers sinaasappelsap voor
samen $ 20


een
deel van de weg is in de diepte verdwenen

het
bord dat we gemist hebben

deze
weg lijkt ook niet goed

deze
dan?

nee,
loopt echt dood
We
keren om en gaan op zoek naar het stadje Adjuntas. We parkeren
aan het moderne en stijlvolle plein en gaan op zoek naar een
geo-cache die hier vlakbij moet liggen. We komen bij een paar
fraaie oude gebouwen, de cache moet liggen bij Casa Pueblo.
Het lijkt een openbaar gebouw, de deuren staan wijd open en
binnen lijkt het op een museum. Het gebouw is voorzien van
flink wat zonnepanelen, heeft een vlindertuin en een groentehoek
met strkjes op buizen. We hebben geluk, een man arriveert
die in het engels ons het verhaal vertelt: het gebouw hoort
aan een groep die in eerste instantie tegen de kopermijnen
protesteerde en ecologie hoog in het vaandel heeft staan.
Ze hebben zelfs een radiostation. Aan de wand hangen fotoos
en kranteknipsels die een beetje de geschiedenis laat zien.
Van de cache weet hij niets af en helpt zoeken waarbij we
zelfs via een wenteltrap het dak bezoeken. We krijgen een
knuffel bij het afscheid.

het
koffierbarretje op het plein

intrigerende
bomen

fontein
met mosaïc

Casa
Pueblo, onze gids aan het woord

spanningsregelaars
van de zonnepanelen tussen historische platen

op
het dak met zonnepanelen en weerstation
Het
koffie - en chocoladebarretje op het plein voorziet ons van
een warme drank en een chocoladekoek voor we weer de snelweg
naar Ponce opzpeken. Vandaar over de tolweg naar Salinas waar
we weer uitgebreid boodschappen doen bij de grote supermarkt
buiten het stadje. Toch wel handig een auto.
Een
nieuw wrak in de baai
Bij
ons vorige bezoek, twee jaar geleden, zagen we hier een motorboot
uitbranden, nu ligt er plotseling een wrak van een motorboot
op twee honderd meter, De romp steekt half boven water, hij
ligt op de ondiepte nabij de mangroves. Wat is er gebeurd?
De policia komt al vroeg onderzoeken, we zien een duiker aan
het werk. Ook nieuwsgierige zeilers nemen een kijkje. Later
op de dag komt een sleepdienst en neemt het bootje op sleeptouw.
Hij gaat voorlangs, laat een modderspoor achter, het slachtoffer
heeft twee grote zwarte buitenboordmotoren diep in het water...
Zullen ze het overleven?

de
policia onderzoekt het wrak

het
wrak wordt weggesleept, arme buitenboordmotoren
Met
de kano op pad
Hoewel
het instappen niet altijd vlekkeloos gaat (!) is het toch
leuk om de kreekjes in te varen tussen de met pelikanen vol
bezette mangroves, wit van de uitwerpselen. Ze kijken je nieuwsgierig
na, een enkeling begint wat onrustig te schuiven. Geen spoor
van de zeekoeien, waar zitten die overdag?
Zeilreparatie
op het dak
We
zijn maar wat blij met onze nieuwe bimini. De loodzware naaimachine
en wij tweëen kunnen er gewoon op zitten om het grootzeil
te repareren. Na urenlang plak en stikwerk zijn we tevreden,
hier halen we St. Maarten wel en daar laten we de zeilen door
de zeilmaker voor de oceaanovertocht nog een flinke beurt
geven.
De
volgende etapp: naar de baai van Patillas (19 mijl)
De
route voerrt eerst een stuk tussen de vaste wal en rifeilanden,
De diepten staan keurig op de kaart en we hoeven maar een
beetje te meanderen als op het wad. Na de vroege ochtend zeekoeien
en eentje die ons vaarwel zwaaide toen we de baai uitvoeren,
zien we er geen meer. Wel komt een gegeven ogenblik vlak voor
de door de ondiepe boca del inferno naar buiten gaan, een
grote sleep tegen. Die moet een omweg maken wil hij op open
zee kunnen komen. De boca heeft als minste diepte 4 meter
en de branding aan weerszijden laat duidelijk de begrenzing
zien. Nu zijn we op open water en kunnen de zeilen erbij.
Het is weer zigzaggen tegen stroom, wind en golven. Bij nadering
van Patilles moeten we kiezen: of een heel lang slag buiten
het rif om, of de motoren erbij. Het heeft al weer lang genoeg
geduurd en we kiezen voor de meest komfortable route: recht
op Patillas aan. We zoeken een plek achter het rif, een Canadeze
boot is ons voor gegaan.
Een
bijzondere ontmoeting onderweg naar het apeneiland, Cayo Santiago
We
vertrekken weer vroeg om zo min mogelijk tegenwind te hebben,
die komt pas na negenen. Met een ruime bocht om het rif. We
hebben een beetje pech: er staat al een oostenwind dus motorzeilend
slagen maken want alleen op zeil raken we van ons doel af.
Met twee motoren en alle zeilen kunnen we net bovenlangs de
kaap met zijn mooie vuurtoren.
Opeens
zie ik een grote plons in de verte! Het kan alleen van een
walvis zijn en we verviervoudigen onze uitkijk. Met sukses,
nog geen vijf minuten later is het raak: een spuitende walvis
op een paar honderd meter!Hij verwent ons met nog meer spuiyen
en een beetje boven water komen. Dan een tweede spuiter op
honderd meter! We gaan verder en laten onze weldoeners achter
ons. De eerste walvissen van het seizoen
Eenmaal
de kaap om, het uiterste zuidoost punt van dPR, kunnen de
motoren uit en zeilen we met een afnemende wind en een brandende
zon naar het noorden. Cayo Santiago herkennen we al snel en
ook Vieques aan stuurboord wordt zichtbaar. Met het laatste
zuchtje wind bereiken we het apeneiland.
Cayo
Santiago
De
apen op dit eiland zijn rhesusapen waar in het verleden proeven
mee werden gedaan. Wat er nu mee gebeurt is onduidelijk. Worden
ze gevoerd? Worden ze nog ergens voor gebruikt? Ze hebben
geen natuurlijke vijanden op het eiland, het blijft interessant.
Geen
groots welkom van naar ons zwaaiende apen, toch moeten er
meer dan 400 zitten. Wel boeien met "no trespass"
en borden verboden toegang, verboden te voeren, gevaarlijk
ze bijten. Verder geen boten in de buurt, dus met de kano
naar de kant waar nu de eerste nieuwsgierige bewoners zich
laten zien. Later zien we een in een palmboom klimmen wat
bij mij de vraag oproept hoe ze weer naar beneden gaan, met
de kop naar beneden? We zien af en toe een enkele op het strand
lopen, echter geen badderende gezinnetjes.

door
wie?

prachtig
eiland, maar de afstand naar de apen is wel wat groot

zoek
de aap

Geert
Willem lost dat zo op en gaat bij ze op bezoek
Joke
bakt weer heerlijk brood tijdens het bereiden van een alweer
tropisch diner. We missen de walvoorzieningen nimmer.
Heel
bijzonder is weer dat we op deze verlaten plek dankzij onze
'badboy' wifi hebben en we naast de post ook weerkaarten kunnen
binnenhalen, De wind laat het afweten door de nadering van
een koufront uit het noorden. Dat is pech.
Met
windstilte naar Culebra
Valt
dat even mee, er is S-SE 3 bft het merendeel van het trajekt
en de 28 mijl zeilen we onder ideale omstandigheden. Onderweg
1x een regenbui, echter veel douchewater levert het niet op.
We zien Puerto Rico langzaam maar zeker verdwijnen. Vieques
laten we rechts liggen, jammer, maar geen tijd meer voor.
We varen de Ensenada Honda binnen onder een stralende hemel,
een warm welkom.

Marinne
aan het roer
Eerst
snorkelen bij het Pirate island en de onderkant van de boot
een beurt geven. Eerst het smalle kanaal door naar de veerbootsteiger.
Dan is het tijd om de wal op te zoeken. We deponeren ons huisvuil
bij de gemeentesteiger en wandelen via de Butika naar het
Dinghycafe waar het gezellig druk is met zeilers. Onderweg
schiet Joke plaatjes van Geert Willem en Marianne op de hefbrug
die nu in mooi rood-wit is geverfd, de Zeevonk op zijn T-shirt
en de Zeevonk in de verte! Het eiland straalt een zeer ontspannen
sfeer uit ook al is het zondag.

ingewikkelde
hijsinstallatie van de brug
We
dineren aan het water en de kwaliteit is uitstekend, van salad
bar via mahi-mahi tot American chocolate. De grote tarpons
slurpen restjes aardappel op, soms met veel geweld onderling.

de
tarpons bij de steiger
Op
bezoek bij de Southern Comfort
Ursula
en Micheal gaven ons de opdracht om hun vriewnden in Culebra
te bezoeken, Ze liggen in een zijtak van de Ensenada Honda
met twee boten aan elkaar, een oude houten en de grotere "Southern
comfort". Benieuwd wat we zullen zien, gaan we op pad.
We vinden ze op de aangewezen plaats en worden direkt aan
boord uitgenosigd. Jan en Paula hebben een pittig projekt:
ze kochten de 62-voeter Southern comfort in slechte staat
en zijn die nu aan het opknappen .Ze wonen nog steeds op hun
kleinere oude houten boot. Als ze van onze plannen horem moeten
we beslidt overc de Bahama's gaan. Ze hebben net een nieuwe
pilot van vrienden ontvangen en tonen ons de mooiste plaatjes
van baaien, stranden, enz. Om hun advies kracht bij te zetten
komt Paula met twee schelpen en giet deze vol met mangorum
uit de Bahama's. Het moet het lekkerste van het lekkerste
zijn. Wij nippen voorzichtig aan de hoorntjes - een originele
manier van een drinknap - en genieten van chet inderdaad heerlijke
drankje. Jan geeft ons een tip: ga naar de Pueblo in Charlotte
Amelie, ze hebben daar een iets mindere mangorum voor tien
dollar. Raad eens als we op mijn verjaardag op St. Fhomas
aankomen.
Culebrita,
het onbewoonde vuurtoren eiland
Het
is een van de juwelen van de Carieb: een prachtige baai met
zandstrand, een strand aan de zuidkust, een strand aan de
westkust met een zeer beschutte ankerplaats, een vuurtoren
die je kunt beklimmen, glashelder water met mooi koraal, een
paar wandelpaden en een natuurlijke jacuzzi. Dat allemaal
op een paar mijl afstand van Culebra, niet te missen dus.
We
maken vast aan een van de gratis moorings aan de beschutte
westkant. Voor de lunch eerst maar snorkelen, een bijzondere
ervaring na al dat min of meer troebele water van de afgelopen
dagen. Het koraal en de bodemvegetatie is prachtig. We zien
niet al te veel vissen en ook nog geen schildpadden.
Dan
het eiland op, voorzichtig tussen de koraalbanken manoevrerend
naar het strand. Het is even zoeken naar het begin van een
pad. Volgens Jan moet je een machete mee om door de stekels
te komen maar gelukkig blijk het pad goed onderhouden en wandelen
we zo naar de honderd meter hogere vuurtoren. Onderweg vrij
veel cactussen met die rode hoedjes: turkse fez. Behalve wat
hagedissen en een enkele vogel niet veel leven. Het uitzicht
wordt elke stap mooier.
De
omheining van de vuurtoren is vernield en je kunt zo door
naar 'binnen': allemaal vierkante kamers zonder dak met in
het midden de toren. Voorzichtig over een paar balken naar
de stalen wenteltrap die weliswaar roestig is maar goed begaanbaar.
Je kunt tot aan het licht komen. Wat je dan ziet is verbazend:
de lamp op bijna doorgeroeste metalen poten staat scheefweggezakt
maar alles lijkt intakt: ook de akkukist en de zonnepanelen.
Bizar is de bevestiging van de lamp op het stalen frame met
een snoer. Tijd om er wat aan te doen, beniewd of vannacht
het licht brandt trouwens. De muren van het indrukwekkende
gebouw waar geen raam of deur meer in zit, zijn zwaar verweerd,
op sommige plekken kan je door de bakstenen muur heen kijken!
In een soort keuken bijgebouw staat een modern maar vergaan
fornuis in een hoek. Behalve hier verder geen rommel en in
sommige ruimten is een eenvoudige tegelvloer te zien, gelijk
wat we ooit op Pampus zagen. Het uitzicht rondom is fenomenaal:
in het oosten St. Thomas, in het westen Culebra, wat kleinere
eilandjes, de lichtgroenblauw gekleurde riffen, de stranden
en niet te vergeten de brekers op de kusten. Volgens windfinder
zouden de golven deze dag 2.70 m zijn.

de
trap naar de toreningang

de
wenteltrap naar boven

de
lamp op een doorgeroeste sokkel, met snoer bevestigd

Joke
bij de lamp

Marianne
bij de koepel

Geert
Willem heeft weer een geo-cache

toch
een imposant gebouw geweest (nu zonder koepel)

maar
de kwaliteit van de muren laat te wensen over

uitzicht
naar het NW met de jaccouzzi

het
noordstrand met de prachtige natuurlijke haven
Natuurlijk
ligt hier ook een geo-cache en Geert Willem vindt hem onder
de koperen koepel van het licht die tijdens een hurricane
eraf gewaaid is.
We
dalen weer af en nemen nu de afslag naar het noordstrand.
Het is een afwisselende wandeling over een smal pad vol met
heremietkreeften. Ook zien we keutels: geit of konijn? Hagedissen
ritselen tussen de bladeren. In de verte horen we al de branding
en op het strand aangekomen zien we donderend geweld. Geert
Willem en Marianne gaan langs de kust verder naar de natuurlijke
jaccuzzi, de plek waar branding over de rotsen komt in een
soort bassin.
Wakker
worden en jarig zijn
Het
overkomt iedereen, elk jaar maar niet op Culebrita. De boot
is versierd met slingers en ballonnen en we ontbijten in een
feestelijke stemming: als kadoos een cd met Caibische muziek
en een cd met boomkikkergeluiden. Heel toepasselijk als we
straks weer in ons koude kikkerland zitten. We snorkelen nog
een keer langs het rif, Joke en de gasten doen nog een soort
inwijding en tegen tienen vertrekken we voor de laatste etappe.
Culebrita-St.
Thomas met golven van 2,5 meter
Windfinder
heeft gelukkig niet altijd gelijk: de golven zijn er wel maar
de wind gaat langzaam maar zeker naar NNE, ons doel is bezeild!
Aanvankelijk het bekende wasmachinegebeuren: de boot wordt
door de hoge golven schuin van voren af en toe gewoon opzij
gesmeten. Naarmate St. Thomas dichterbij komt worden de golven
iets rustiger en het varen komfortabeler. Heerlijk zeilen
tot ongeveer ter hoogte van het vliegveld. Dan daalt een bui
op ons neer en valt het restje wind weg. Nog een stukje motoren
tussen de eilandjes door en we zijn in de volle baai voor
de hoofdstad Charlotte Amalie.
Charlotte
Amalie
Vroeger
was ook St. Thomas Deens, de straatnamen zijn in twee talen.
De hoofdstraat bestaat voor een groot deel uit pakhuizen die
zijn omgetoverd tot diamantzaken. Aan de cruisesteiger liggen
vier cruiseschepen, en nog eens twee - de Westerdam en de
Eurodam van de Holland Amerika Lijn - aan de cruisekade een
stukje naar het westen. Het stadje is dan ook overvol en we
hebben even de tijd om te internetten bij Hotel 1829 onder
het genot van hun specialiteit: 'blue beards refense', een
drankje met acht verschillende rums. Het levert tevens het
wifi-wachtwoord op zodat we 'thuis' ook kunnen internetten.
Het
is dan al wat rustiger in de hoofdstraat en we bezoeken onze
favoriete elektronikawinkels. Dan is het tijd voor een terrasje
aan de boulvard. Wederom zagen we op dat tijdstip alweer joggers
langs het water. We dineren één-hoog op een
balkonnetje aan de boulevard en zijn getuige van druk verkeer
onder ons. De prijzen blijken op Amerikaans niveau, dat is
even wennen als je van de DR komt.