Cat Zeiltochten Wad & Zee

avontuurlijke zeilvakanties  met de kajuitcatamaran "Zeevonk"
ontdek de kleurrijke Carieb
 
 

 

e-mail: info@catzeiltochten.nl

onze vertegenwoordigster Margje in Nederland: 0647130930

Henk en Joke Bijl a/b Zeevonk: 00870 764020057

 

Reis naar de zon deel 25

Bequia-Grenada-Los Testigos-Isla de Margarita

zondag 29 mei-zondag 12 juni.

Het zeer heldere water van de Admiralty Bay nodigde uit tot weer eens schoonmaken van het onderwaterschip met plamuurmes, duikbril en snorkel. Na een uur in het zoute water gelegen te hebben hadden we de koffie wel verdiend. Kort daarna verscheen een dinghy langszij: onze Amerikaanse buurman die accentloos nederlands blijkt te spreken. Het is Adriaan van de "Petit Fleur" die komt kennismaken en ons uitnodigt voor een bezoek.

De "Tigger" met Peter en Tony is ook weer in de buurt, we kennen ze van Antigua, St. Maarten, Nevis en van vorige week St. Lucia.

Er blijkt nog een nederlands schip te liggen, de "Esperanza". De schipper herkent ons direkt als van de Zeevonk zonder dat we elkaar echt eerder hebben ontmoet. Het zijn Han en Carla die zich graag laten uitnodigen voor een borrel bij ons aan boord.

De "Passaat" ligt trouwens ook hier voor anker, benieuwd wanneer we die schipper eens spreken.

In het dorp stonden de kerkdeuren en -ramen wijd open en was er geen gelovige te zien. Even verder onder twee grote bomen aan het strand zagen we zingende gelovigen. Weer opvallend is het grote aantal vrouwen tov het aantal mannen.

Het internetcafe met terras op de eerste verdieping was nodig om de gewone emails te lezen en na een sapje weer naar de boot.

De Tigger-bemanning zagen we onderweg snorkelen en we waren nog niet aan boord of ze verschenen druipend en wel om ons te begroeten. Toen een kwartier later Han en Carla verschenen konden zij hun Venezuelaanse avonturen aan vier liefhebbers kwijt. Ze waren een jaar geleden met muilezels de Andes ingeweest en vertelden ons hoe je dat kon realiseren. Het werd een geanimeerd gesprek, dat begrijp je.

uitleg tocht in de Venezolaanse bergen

Eierleggende schildpad op het strand

Met Carla de volgende ochtend hardlopen viel niet mee: helling op en af bij temperaturen omstreeks de 30 graden. Wel onderweg veel gezien, wat dat betreft heeft een jogger/hardloper veel voor op gewone stervelingen. 's Middags een wandeling naar Hope Bay aan de Atlantische kant. Het laatste stuk ging over keien en de bergschoenen van Joke kwamen goed te pas. Op het verlaten strand aangekomen bleek het alles behalve verlaten: er stond een groepje mensen - bleken van de "Attitude"- te fotograferen en te filmen. Alras werd duidelijk wat het onderwerp was: een kolossale schildpad die eieren aan het leggen was! Deze zogenaamde Leatherback van bijna twee meter en dik 500 kg begroef haar eieren en verdween weer in zee. We maakten iets unieks mee, anderen moeten daar nachten voor waken, in hutjes aan het strand slapen (Grenada) en wij krijgen het op een presenteerblaadje.

Nu was wel iemand op de "Passaat" te zien en Pieter Bakker nodigde ons meteen uit om aan boord te komen.

De Tigger bemanning kwam ons uitnodigen voor een "expeditie" naar de schildpadden crêche (turtlesanctuary), samen met de Engelse bemanningen van de Ngoma en de "Triumfant". Om negen uur met de taxi er naar toe. Zij hadden trouwens met snorkelen zeepaardjes gezien.

Na de ochtend training op het strand en snorkelen achter het schip naar de wal om daar in een soort taxihuifkar te stappen. Het turtle gebeuren bleek prachtig aan de kust te liggen en er waren vele schildpadden van allerlei leeftijden te zien. De performance van de rondleider was matig, je moest eigenlijk te veel aan hem trekken om iets te weten te komen. Het bleek dat de leatherback die wij op het strand zagen een werkelijk uniek gebeuren voor daar was en hij wilde graag foto- en filmmateriaal zien. Joke bood aan dit te verzamelen en op CD te zetten en hij ging graag op de uitnodiging in om in de namiddag het aan boord te komen ophalen.

leatherback Hope beach, Bequia

terug voor het laatste ei

het laatste ei

strandhut Hope beach

schildpaddenopvang

's Avonds naar de "Petite fleur" en kennisgemaakt met Adriaan en Paula. Het was al pikkedonker toen we huiswaarts keerden, nadat Paula ons op Unox rookworst en op een gedicht had getrakteerd.

In de daarop volgende dagen zuidwaarts met als eerste doel de Tobago Cays, het mooiste en meest karakteristieke gebied van de Grenadines, nee van heel de Carieb. Hier onbewoonde eilandjes met palmbomen en zandstranden, riffen met prachtig koraal en haaien! En wat bleek, de Sun-Ra met Willy, Ria en dochter Sonja lag er. We wisten dat ze in de buurt waren, maar ja er waren zoveel mogelijkheden. Het weerzien - zes maanden na onze avonturen op Barbados - was hartverwarmend.

Zeevonk bij de Tobago Cays

We troffen het er minder goed met het weer, er kwam net een tropical wave over en we zagen twee dagen geen zon. Grijze luchten met stevige buien waarin we soms 7 Bft konden meten waren ons deel. Het snorkelen werd daardoor ook bemoeilijkt, tegen de stroom in op zoek naar haaien viel niet mee. De volgende dag toch nog een haai gezien maar deze wilde niet op de foto.

op haaienjacht

Union Island lag een paar mijl verder en hier gingen we voor een gezamenlijk Creools vijfgangen diner met ketelmuziek de wal op. De eigenaar van het restaurant was een zeer zware zwarte man die hartelijk iedereen persoonlijk de hand schudde. We waren de eersten zelfs de ketelmuziek was nog niet gearriveerd. We werden vlot geholpen en de tafel was al snel te klein voor alle schalen met inheemse gerechten. We hadden niet voldoende fut om daarna nog te dansen (oorzaak de ti-punchjes die we al aan boord hadden gedronken?) maar gelukkig was er een frans gezelschap dat er lol in had.

Veel dood koraal (door de laatste hurricanes), buiten de kom zou het mooier zijn. Op zondag veel geluierd, een knipbeurt gekregen en 's avonds naar "Happy Island", een miniatuur eiland dat is omgetoverd tot terras en bar. De kade is gemetseld van grote schelpen, de zwarte eigenaar voorziet je gaarne van rum-punch die overheerlijk smaakte. Hier maakten we kennis met de bemanning van de "Atlantis", een 54 ft stalen monohull waarop Frits en Marianne al 14 jaar in de Carieb charteren. Hun gasten zijn vooral Amerikanen die met onze prijzen vergeleken ongeveer een dubbele dagprijs betalen.

De ochtend regende het en de knipbeurt van Willy en Joke moest overdekt plaatsvinden. Het maakte voor Ria weinig verschil, beiden kunnen er weer maanden tegen.

bemanning Sun-Ra

kapper aan boord

Tobago Cays

oerwoud

haaienjacht

Zeevonk met Grenada op achtergrond

Carriacou

Nog een laatste bezoek aan het dorpje van Union Island, zo kenmerkend door al zijn houten bordjes met opschrift waardoor een geheel eigen sfeer. Een internetcafé was zo ook snel gevonden. Joke klaarde uit - de immigratie zit op het kleine vliegveldje een stukje verder op - en we zeilden met een briesje op de genua naar Carriacou, een eilandje horend bij Grenada. We passeerden een onbewoond eiland - luisterend naar de naam Jack a Dan - met een prachtig strand (en goede duik- en snorkelmogelijkheden volgens de gids) en voeren tot aan het dorpje waar we bij de veerbootsteiger ankerden. De volgende dag naar douane, immigratie, havendienst, kassa havendienst ($50 EC) voordat we het werkelijk heel bijzondere dorpje Hillsborough in mochten. De winkelstraat is een bonte verzameling van 'rommelwinkeltjes' met een breed assortiment waarbij de een neigt naar huishoudelijke artikelen, de ander meer naar kleding en weer een ander meer gereedschap heeft. Toch heeft de klerenwinkel ook gereedschap en ook snuisterijen. Kortom, je bent bijna verplicht om al deze winkels met hun antieke en zeer simpele meubilair te bezoeken. Opvallend is dat het tourisme hier nog onderontwikkeld is.

Communicatieperikelen

De moderne telefoonwinkels met verkoop van GSM telefoons en abonnementen hebben het druk. Toen wij met onze vraag naar een internetverbinding via GPRS kwamen konden ze ons niet helpen. De Amerikaanse provider gebruikt weer een andere frekwentie (850 Hz) dan die onze triband aan kan. Het probleem is ook dat op de Franse eilanden weer andere providers zitten zodat je zowel een Frans als een Engels abonnement moet bezitten om op alle eilanden lokaal te kunnen communiceren. Dan praten we nog niet over Venezuela en de ABC-eilanden waar we de komende zomer gaan genieten. Onverrichter zake terug, we konden zo snel geen besluit nemen nu we ook nog moesten kiezen tussen AT&T, Cable and Wireless en Digicel.

De route van de oversteek naar Grenada loopt langs Tyrrelbay - volgens de pilot was het daar zo rustig dat je de vogels kon horen. Wat wij op afstand zagen was een druk bezette baai met werkschepen voor anker en behoorlijk wat bebouwing op de kant. Misschien de volgende keer proberen? Door een enkel regenbuitje geplaagd naderden de enkele eilanden ten noorden van Grenada en zowaar een grote schildpad kwam even boven water om ons te begroeten. De vislijnen bleven echter leeg. Interessant was de "exclusionzone" op de zeekaart: hier is een onderwatervulkaan genaamd Kick 'em Jenny nog vrij recent actief geweest. De laatste twee jaar is hij slapende en dus konden we zonder probleem er recht overheen varen, diepte 500 m.

Grenada

Onze volgende stap is naar dit laatste windward eiland dat september j.l. zo kolossaal werd getroffen door de hurricane "Ivan". Er was in de laatste vijftig jaar geen hurricane geweest en Grenada gold als een veilige plaats om het hurricaneseizoen door te brengen. Dat hebben de botenverzekeringen geweten! Honderden op de kant staande boten gingen om als dominostenen waarbij de masten en stagen onvoldoende sterk bleken om vallende boten tegen te houden. Catamarans gingen de lucht in, daken en muren werden weggeblazen. Nu negen maanden later zou veel zijn hersteld maar zijn nog legio huizen, gebouwen en vooral kerken zonder ramen en/of dak. In de hoofdstad St. George's bestaat de mogelijkheid om in de lagoon, een zeer beschutte baai, te liggen. Met de verhalen over diefstal in het achterhoofd, het drukke autoverkeer langs een van de oevers en hutjes en kapotte steigers aan de andere oever vonden we hier ankeren niet echt aantrekkelijk en besloten we buiten - samen met een tiental andere schepen - tegenover het strand met vissershutten en -bootjes te ankeren. In het donker hadden we een prachtig uitzicht op het stadje en konden we ook de melkweg zien met af en toe een vallende ster als extra.

Onze eerste gang was naar de Yachtclub waarheen we onze nieuwe creditcards hadden laten sturen. Helaas, er was geen aangetekend briefje bij, ook navraag op het kantoor leverde niets op. Het postkantoor een kilometer verder richting centrum had ook nog niets ontvangen. Je wist trouwens niet wat je zag, is in Nederland het postkantoor het voorbeeld van degelijkheid en efficiëntie, hier was het een bijna totale chaos waar de medewerkers wel veilloos hun weg in konden vinden. Er stond geen ontvangst uit Nederland in het grote boek dus afwachten...

De yachtclub was natuurlijk voorzien van een groot overdekt terras waar een heerlijk verkoelende bries doorheen waaide. Een fles coca cola - 500 cc - met ijs kost drie East Caribbean dollars, ongeveer €1. Internetten was $5 EC voor 15 minuten. Met een voor de poort staande taxi naar ENZA marine aan de Prickly bay waar een nieuwe pomp (garantie!) voor de watermaker was gearriveerd. Achter de nieuwe loods van Budget Marine lag nog een stapel gekreukelde masten en rolreven met de stagen erom heen, overblijfselen van de terreur van "Ivan". Het monteren van de nieuwe waterpomp liep niet geheel volgens plan en met een nog steeds niet werkende watermaker moesten we verder. Ook de volgende dag was er geen post voor ons en na een tweede bezoek aan Island Waterworld (een van de grote winkels in scheepsbenodigdheden) liepen we naar het centrum langs de kade. Het was al na vieren en de weg raakte bijna verstopt met taxibusjes (max. 18 pers.). Zittend op het enige terras aan de kade kreeg je een aardige indruk van de dynamiek van de Grenadiaan(?). Op een oude veerboot stond nog "Bodó te lezen, het was ook een duidelijk Skandinavisch schip. Toen ik werd lastig gevallen door een verwaarloosde bedelaar die zonder te spreken mij een geldstuk voorhield kwam een pittige zwarte vrouw van een tafel naast ons in het geweer, riep de man en gaf hem een briefje van $5 EC. "Zo doen we dat op Barbados, je moet touristen niet lastig vallen, dan komen ze niet meer (terug)."

Oversteek Grenada-Los Testigos

Na een laatste bezoek aan het terras van de Yachtclub vertrokken we om zeven uur 's avonds richting Los Testigos (Venezuela). Zodra we uit de windschaduw van Grenada waren hadden we halve tot bakstag wind 4-6 Bft. De te overbruggen afstand was zo'n 88 mijl, we vertrokken in het donker om bij daglicht aan te komen. Al snel haalden we enkele andere zeilboten in, wat wil je met snelheden van 8-10 knopen! De zee was in het begin rommelig, waarschijnlijk door een aantal riffen en de stroom van 1,5 knoop mee. Doordat de hel tocht stroom mee was hoefde je in feite maar een dikke 60 mijl te zeilen en al snel merkten we dat we voor zonsopgang zouden aankomen als we zo doorgingen. De oplossing was een rif en de genua een stuk indraaien. We bleven zo ook nog redelijk in de buurt van andere zeilschepen. Mocht er onverwachts een piraat opduiken dan was je niet alleen. Nadat het nog prille maantje onder de horizon was verdwenen liet de melkweg zich in volle glorie zien. Hij gaf zoveel licht dat je het idee had erbij te kunnen lezen. In het water trokken we een bulderend spoor met zowaar zeevonkjes!

Los Testigos

Tegen de ochtendgloren zaten we op de hoogte van Los Testigos, om zeven uur meerden we af voor de kustwachtpost, een rondgebouwtje lijkend op een paddestoel. Een jonge man in overall schreef ons in een groot boek en wenste ons "mucho gusto"(veel plezier). Het gehucht bestond uit hooguit enkele tientallen huizen met boten op de kant en een paar in het water. De ankerplaats was in de baai bij het tegenoverliggende eiland. Hier stonden nog geen tien huizen aan het strand en lagen er vijf visboten voor anker, alles zeer kleinschalig. Het zoutmeer achter de huizen lag droog, er stonden aan de rand wat geiten te grazen. We hadden al onderweg contact met de Saline due, een Proud catamaran onder Oostenrijkse vlag. Het nederlandse schip Thetis (zie griekse mythologie) arriveerde ook. Het werd een gezellig borreluurtje met Victor en Waltraud en Dries en Else. De laatste staat met een interview in het januarinummer van Zeilen als ARC-deelneemster. Tegen het donker ging er op de kant een aggregaat aan waarop de huizen elektrisch licht hadden. Die nacht kregen we te maken met een kort onweer.

Het snorkelen leverde weer nieuwe vissen op, o.a. een elektrische rog en hogfishes met drie grote stekels.

Een autotochtoonse kwam met een bootje langs om ons voor een diner op de wal te vragen. Er bleek redelijke belangstelling en om zes uur 's avonds togen een aantal rubberboten naar het strand waar de koude pils en de meegebrachte wijn verrukkelijk smaakten. Joke speelde op de trekzak een aantal internationaal bekende liederen en de Noren, Fransen, Schotten, Oostenrijkers en Nederlanders kwamen langzaam maar zeker op gang. Het eenvoudige maar smakelijke diner had als hoofdgerecht een overheerlijke barracuda. Het koude bier raakte tijdens het eten op, er was geen alternatief voorhanden. Bij het afrekenen bleek de maaltijd $4,5 te kosten en het bier $1 voor een tray van 12 blikjes...

's Morgens vroeg al foto's uitgewisseld met de Oostenrijkers waarbij een Italiaanse koffie heerlijk smaakte. Net toen Victor omstreeks 7 uur de marifoon aanzette om hem met ons te kunnen testen klnok: "Zeevonk, hier de Esperanza" en bleken Han en Carla ten zuiden van Los Testigos te zitten. Ze zeilden de hele nacht door vanaf Cariacou en waren nu onderweg naar Isla de Margarita. Toen zagen ze in de verte een witgele catamaran zagen liggen... Kort daarop vertrokken wij en haalden bijna alle schepen in die voor ons waren vertrokken. Toch wel een snel schip, de Zeevonk!

Isla de Margarita

De wind viel weg in de middag en de laatste 8 mijl moesten op de motor worden bedwongen. In de baai van Porlamar was het een hele drukte: veel voor ankerliggende schepen, onder andere de Russische catamaran die we in Las Palmas ènkele weken als buurman hadden (zie ook Zeilen, jan 2005). Aan het strand leefden de Venezolanen zich uit en klonk een ontspannen muziekje. In de havenmond lag een groot jacht half gezonken. De vallen werden gebruikt om slingeraap te spelen. Grote groepen pelikanen vlogen zich een weg tussen de schepen. Enkele ongelukkige vissersschepen waren er helemaal mee bezet en zullen wel lekker ruiken. Het is een genot om een pelikaan te zien vliegen, heel sierlijk en licht terwijl ze zo'n grote snavel hebben en wat plomp aandoen. De vissersboten zien er slecht onderhouden uit en maken samen met hun bemanning een armoedige indruk. Dat komt heel tegenstrijdig over als je de achtergrond van de baai ziet met veel hoge flatgebouwen waarvan enkele het predikaat wolkenkrabber of mammoeth hotel verdienen.

We werden al snel benaderd door twee dinghies: Steve en Helmuth die bouwplannen hebben voor een 17 catamaran en graag de Zeevonk wilden bekijken. Vlak voor het donker kregen we nog de Esperanze in het vizier: de bemanning had niet veel puf meer. Een gesamenlijk etentje zat er niet meer in.


Isla de Margarita- Isla Coche-Golfo de Cariaco-Isla de Margarita

terug naar verslagen

index

30/06/07

terug

laatste wijziging: 30/06/07

 

index