Reis naar de zon deel 31
Curaçao
Bon Bini, deel 2
9
oktober - 11 november 2005
Tijdens
het hurricaneseizoen biedt Curacao voldoende veiligheid vanwege
zijn zuidelijke ligging al is het niet onder de 12 graden noorderbreedte
grens.. Het Spaanse Water is een zeer beschutte baai met een
nauwe ingang. Geen wonder dat hier tientallen jachten overzomeren.
Met de bus ga je naar Willemstad, de hoofdstad van het eiland.
De Nederlandse invloed is hier onmiskenbaar. Bijvoorbeeld alle
verkeersborden zijn in het Nederlands. De gevels zijn heel bijzonder,
zowel qua vorm als qua kleur.

prachtige
oude gevels

gouveneurspaleis
Midden
door de stad loopt een breed vaarwater, de St. Annabaai. Voor
de voetgangers is de beroemde Koningin Emmabrug, ookwel pontjesbrug
die sinds 1839 de oevers verbindt. Als er een schip door moet
dan zwaait de hele brug naar een kant. Helaasl is de brug in
reparatie en varen nu twee pontjes af en aan. Het autoverkeer
gaat over de hoge brug aan het einde van de baai.

Pontjesbrug

Autobrug
over St. Annabaai
De
groente- en fruitmarkt is in handen van Venezolanen: zij liggen
met hun bootjes aan de kade en zorgen dat er elke dag vanuit
Venezuela verse waar wordt aangevoerd. Logisch dat de kustwacht
regelmatig met snuffelhonden wat steekproeven doet om te zien
of er ook een 'verdwaalde' partij verdovende middelen meegekomen
is. Recentelijk werd weer een flinke vangst gedaan.

Drijvende
markt
Strandleven
De
stranden en baaien met duik- en snorkelmogelijkheden zijn volop
aanwezig. Zeilend langs de zuidwestkust zie je grote en kleine
stranden al dan niet voorzien van parasols en een terras. Voor
naturisten is er één officiële mogelijkheid:
het kleine ommuurde strandje van het Sunset Waters resort. Wel
zie je overal monokini's en staat nergens wat wel en niet kan.
Grappig is dat je voor de meeste stranden per auto moet betalen,
meestal NAf 5,-. Met voor de kust geankerde schepen hebben ze
echter geen tarief. De stranden worden goed onderhouden, er
zijn volop afvalbakken en 's morgens wordt op de betaalde stranden
geharkt, etc. Vanaf de meeste stranden kan je prachtig duiken
of snorkelen. Het water is er glashelder en van een prima temperatuur.
Omstreeks het middaguur is het wenselijk om in de schaduw te
vertoeven, voor een Europees huidje is de zon dan veel te heftig.
Een
bijzonder ochtendje Caracas baai.
Zeven
uur, we worden opgehaald door buurvrouw Jelka van de "Aeson".
Op de schepen die we passeren nog geen tekenen van leven. We
varen de zijbaai van het Spaanse Water in, de witte breedvleugel
havik kijkt ons vanaf zijn hoge positie rustig na. Het voormalig
lepra-eiland bezit een binnensteiger met open partyboot en een
woonbootje, aan de zeekant een strandpaviljoen met een betaalstrand,
een duikschool, een grote aanlegsteiger voor kabelleggers, een
oud fort en het voormalig leprahospitaal. Er lopen asfaltbetonwegen
over het eiland die de Shell opslagtanks van tientallen jaren
geleden verbonden. Aan de westkant ligt het wrak van een klein
slepertje, een paar honderd meter ten zuiden daarvan is 'ons'
verlaten strandje.
We
maken de dinghy aan de binnensteiger vast en kiezen eerst voor
het pad langs de noordelijke oever. Achter de partyboot langs
waar de eigenaar in zijn hangmatje nog ligt te slapen. De regenplassen
van gisterochtend zijn nagenoeg opgedroogd. Een klein grijs
slangetje kronkelt over de weg en lijkt bereid om ons aan te
vallen. Dan over de hoogvlakte waar voorheen de tanks stonden,
deze zijn gelukkig 'spoorloos' verdwenen. Het uitzicht over
het Spaanse Water is schitterend. De weg daalt af tussen hoge
rotspartijen. Op een metershoge cactus zitten twee groene pagegaaien
met oranjegele koppen te kwetteren. Langs de kant van de weg
een meertje met zowaar een enkel steltlopertje, een soort Curaçaose
kluut. Achter het restaurant langs - waar een zware generator
zoemt - de weg omhoog. Kleine gele vogeltjes schieten over de
weg. Een enkel konijntje laat zich verrassen. We dalen aan de
zuidoostkant af over de onverharde weg naar de trap tegenover
de Barbara Beach. Aan de overkant het verlaten strand met de
bekende parasols van palmtakken.
Nu
naar ons strand aan de zuidwestkant. De versleten trap brengt
ons op het koraalstrand. De golven laten het koraal rinkelen.
Kleren uit, duikbril en snorkel aan en te water. Een tiental
meters van de oever is een koraalplateau van een meter of vijf
diep, om tien meter verder in een peilloze diepte over te gaan.
Prima zicht, je zweeft boven de afgrond. De een volgt het plateau
naar het gezonken slepertje om de hoek, de ander gaat naar de
hoek van het rif. Naast de 'gewone' rifbewoners zagen we een
groepje van 12 inktvissen, werden we een stuk begeleid door
en drietal grote barracuda's. Deze waren niet eens echt verdwenen
toen een school vissen naderbij kwam: wit met gele staart en
zwarte streep: horse eye jacks: het waren er meer dan vijftig(!),
de grootste tegen de meter. Ze bleken nieuwsgierig en zwommen
tot op 50 cm aan je duikbril voorbij. Een had een stuk nylon
uit zijn bek hangen: aan de dood ontsnapt. Als je al geen kippevel
had van de barracuda's dan had je het nu. Opgetogen van deze
geweldige ontmoetingen weer richting kust. Een groot betonblok
- of een schatkist - in het vizier, het bleek het eerste...
Vlakbij onder een rots een zwiepende antenne die vissen wegjoeg.
Een duik en ja hoor, een enorme kreeft zat er in zijn hol. Hoe
krijg je die nu op je bord? Helemaal uit mijn dak naar ons koraalstrand.
Drogen in wind en zon, een verdwaalde strandkrab kruipt onder
je voet. Ook veel migrerende "purple clawed" heremietkreeftjes
maken het strand onveilig. Ze verdwijnen snel in hun schelp
als je nadert maar als je stil staat dan komen ze voorzichtig
weer naar buiten.
Via
het slingerende paadje omhoog. Ligt er een onderkaak en enkele
botten van een mongoose (?) of een ander roofdiertje naast het
pad. Bovenaan gekomen genieten we van het schitterende uitzicht
over zee: is Venezuela vandaag wel of niet te zien? Over de
heuveltop langs het pittoresk vervallen gebouw waar de lepralijders
in hun isolement zaten naar beneden. Onderweg een paar kalabassen
geplukt om er pindaschaaltjes van te maken. Een nieuwsgierige,
felgeel gekleurde trupiaal kruist onze weg. Bij de dinghy aangekomen
even de schoenen schoonmaken en weer op huis aan. Wat drijft
daar? De ongelukkige blijkt een levende mangrove koekoek. We
scheppen hem uit het water. Mee om aan te sterken. Nadat hij
wat water dronk, op de klep van de laptop zat en het scherm
volpoepte dacht hij weer mangrovewaarts te gaan. Na enkele slagen
bleek zijn overmoed en belandde hij ten tweede male in het water.
Hij dreef snel weg en via de marifoon werd Jelka op de Aeson
achter ons opgeroepen. Helaas, al snel niets meer te zien...
Om 9.15 terug aan boord voor een welverdiend uitgebreid ontbijt.
Mijn
eerste goud gevonden in het Spaanse Water!
Piet
Hein kaapte hier in de buurt de Spaanse Zilvervloot in 1626.
Er liggen nog ontelbare al dan niet ontdekte wrakken bij de
Caribische riffen. Een spannende roman hierover is "The
Reef" van een Amerikaanse schrijfster. Met dit in het achterhoofd
maakte ik mijn eerste duiken. De vermoedelijke plaats markeerde
ik met een boei. De modderige bodem lag op 8 m diepte, het zicht
was iets meer dan een meter.
De
tip kreeg ik van de "Angelique". Bij het overstappen
van de dinghy naar de "Angelique" was Dia haar gouden
slaven armband verloren...
Je
moest dicht bij de bodem blijven om iets te zien maar mocht
niet met je zwemvlies de bodem raken anders dwarrelden de eerste
uren wolken modder omhoog en was de bodem totaal onzichtbaar.
De eerst poging van Mariëtta slaagde niet vanwege een totale
desorientatie onder water. Vervolgens een lijn aan de ankerketting
vastgemaakt om zo cirkelbogen te beschrijven. Samen naar beneden,
wederom zonder succes. Na een bewolkte dag waarbij duiken weinig
zin had, weer een duik. Zelfs met de lijn aan de ankerketting
raakte ik het spoor bijster. Met twee ankertjes de vermoedelijke
plek gemarkeerd met aanwijzingen van At die de vermoedelijke
positie op zijn GPS had. Met lijnen aan de ankertjes weer een
poging en met succes: bij de tweede haal pakte ik iets op dat
de armband bleek! Zo had ik mijn eerste goudvondst!
Happy
hour bij Sarifundi
Wat
eerst nogal overdreven leek is nu uitgegroeid tot een hoogtepunt:
happy hour betekent het ontmoeten van je mede zeilers onder
het genot van een biertje of rumcolaatje. Hier maak je kennis
met je buren, vindt uitwisseling plaats van ervaringen, worden
afspraken gemaakt.
volgend
verslag
terug
laatste
wijziging:
19/07/08