Reis
naar de zon deel 41
St.
Maarten-St. Barth-St. Kitts-Nevis-St. Eustatius-Saba-St.
Maarten
za 25 maart-za 8 april 2006
Aankomst
nieuwe gasten
Vanaf
het Explorer eiland aan de Franse kant hoef je de lagune
maar een stukje over te steken naar de dinghiepier van de
Turtle Bar/Restaurant/hotel. Dit ligt maar een paar honderd
meter van het vliegveld, dus geen ander vervoer nodig. De
eerste gast zat al om 2 uur bij de Turtle, de anderen kwamen
met de KLM van vier uur. Dat was boffen, konden we tussendoor
naar Shrimpies om te internetten (post binnenhalen) en kon
de gast zijn jarige kleindochter met Skype bellen. Intussen
deden Joke en Siets de boodschappen. De gasten van vier
uur hadden lang werk met hun bagage en werden ook nog door
een douanebeambte geplaagd met de vraag waar de Zeevonk
lag. Het antwoord via mij was: "Simpson Bay Lagune"
en bleek wederom afdoende.
Heftig
zondagochtendprogramma
Om
een uur of acht was het ontbijt - eieren met spek - al achter
de rug toen onze achterburen ankerop gingen. Verhip, die
gaan door de Franse brug! Zullen wij ook...? Binnen enkele
minuten voeren we achter ze aan en waren royaal op tijd.
Het tanken had meer voeten in aarde, er waren twee schepen
voor ons. Daarna een plek gezocht in de baai van Marigot.
Joke naar de douane om uit te klaren, de gasten Marigot
in en het fort op. Tegen het middaguur was er een beetje
wind en besloten we naar Oriënt Bay te zeilen, een
prima lichtweer oefening. De wind was vrij zuidelijk en
we konden strak langs de kust. Onder Tintamare overstag
en net boven de rotsen midden in het vaarwater langs naar
Île Pinet, daar het grootzeil neer en met de motor
erbij om het rif de Oriënt Bay in.
Ankerperikelen
We
rolden de genua op voor het strand en zochten een geschikte
ankerplek. De eerste keer slipte het anker in het gras,
bij de tweede poging pakte hij ook niet. Ik te water met
snorkel en duikbril en wat bleek? De ketting volgend zat
er alleen een halve wartel aan het eind!!! Weer bleek de
schroefdraad de zwakke plek, terwijl ik alles 's morgens
nog gekontroleerd had. Onze sportieve bemanning nam de handschoen
op en ging snorkelend op zoek naar het losse anker, eerst
nog een grote rog tegenkomend. Met een der gasten aan de
slag, een gat geboord in de schroefdraad van de wartel,
daar een draad in getapt en met een boutje op maat alles
muurvast gezet. Deze definitieve oplossing geeft weer een
kopzorg minder! Pikant detail: ons tweede anker, een delta,
houdt perfect in het gras!
Windstilte?!
Geheel
volgens de prognoses komt om kwart over zes een mager zonnetje
op en is er geen wind. Heerlijk rustig voor als je net uit
Nederland komt! Om een uur of tien een licht briesje uit
het zuiden. We genieten van de heerlijke warmte en gaan
voor het echt gaat branden met de kano en de rubberboot
naar een goede snorkelplek. Een van de gasten kon niet begrijpen
waarom de peddelbladen haaks op elkaar staan en wilde ze
het liefst gelijk. Sputterend probeerde hij het toch maar
was niet overtuigd na een klein tochtje met zijn vrouw.
Op de hoek van een eilandje met zandstrand was de branding
van twee kanten zo wild dat een Japanse met kano omsloeg
en geholpen (gered?) moest worden. Lekker rood ondanks de
zonnebrandolie's van respektievelijk 10-15-20-30 beschermingsfactor
kwam men weer terug. Iedereen tevreden over deze snorkelexpeditie.

Theo
in aktie
Tegen
het middaguur nog steeds een lichte bries uit het zuiden,
maar nu ook donkere wolken in het noorden: we zaten precies
op de grens hetgeen het eigenlijk heel aangenaam maakte.
Na de strandwandeling stond nu een bezoek aan het winkeltje
van Club Oriënt op het programma: zowel levensmiddelen
als mooie souveniers en strandattributen zijn er te vinden.
Winkelen in je blootje en in het Vlaams worden geholpen,
waar heb je dat. Joke ontdekte bij de 'bookswap' het beroemde
boek "Caribbean" van Mitchener en ging nog een
tweede keer om het te bemachtigen, een perfect kadootje
voor andere yachties. Intussen kwam bij het volleybalveld
regelmatig een mooi gekleurde bal boven het net uit, reden
om daar eens een kijkje te gaan nemen: ik mocht meteen aanschuiven
en nadat we gewonnen hadden kreeg ik een kontrakt aangeboden
voor de volgende dagen. Vanuit de richting restaurant kwam
steeds meer lawaai en inderdaad het stroomde vol, zodanig
dat mensen buiten moesten staan: zomaar een 'happy hour'
of toch ook nog iets bijzonders? We kwamen er niet achter.
Toen de zon achter de bergen was verdwenen trokken de groepjes
pelikanen weer voorbij naar het zuiden. Prachtige vogels
die vlak boven water kunnen zweven. De dorade die Joke op
de markt in Marigot had gekocht bleek uitstekend te smaken.
Zelfs bij kaarslicht waren de spaarzame graten makkelijk
te vinden. Om half tien zocht iedereen de kooi op. Morgen
iets meer wind uit het oosten? De noordoost-passaat wordt
door een frontje ten noorden van ons geplaagd.
Verjaardagsfeest
Een
jarige zus aan boord in de Carieb! Vlaggen binnen en buiten,
verse croissantjes bij het ontbijt. Kado's bestaande uit
rum, een verjaarskalender met foto's van deze reis en een
cd met Caribische muziek. Het meest bijzondere kado moet
nog komen... Op de genua varen we met een licht windje naar
het onbewoonde eiland - dat dachten we - Tintamarre. Koffie
met nog warme verjaardagscake met een kaars. We zwommen
naar de kant waar net een dame in mini-bikini een zestal
blote heren met meel of zo hielp omtoveren tot aboriginals.
vervolgens verdwenen de heren, weliswaar zonder peniskoker,
de bosjes in. Hier kwamen we ze tegen op weg naar de oostkant
van het eiland om daar te snorkelen. In dit schitterende
natuurgebied viel als enige dissonant het bord met verbodsbepalingen
op: je mocht niets meenemen, je mocht helemaal niets. Typisch
Nederlands? We zwommen weer terug naar de Zeevonk terwijl
onze aboriginals zich net van hun witte huid ontdeden. Was
het een vorm van therapie? We kwamen er niet achter. Intussen
draaide de wind naar het zuidwesten en begon de bewolking
dikker te worden. Dat wordt dus kruisen naar St. Barth.
Tijdens een lange slag waarbij we niet opschoten gingen
de vislijnen overboord. Theo deed een poging de vissen te
voeren en leek wonderwel te slagen: Siets haalde een knaap
van een wahoo aan boord: 95 cm verrukkelijke vis, ruim 3
kilo filet, goed voor twee diners!
' 
het
ultieme verjaardagskado voor Siets
Gom,
ooit visserman bij de Moerdijk, assisteerde Joke bij het
fileren. Nog dezelfde avond stond de Wahoo op tafel. Deze
zeer smakelijke vis blijkt een topper en door Joke zeer
smakelijk en mals klaargemaakt.
Een
gegeven ogenblik gaf de wind het op, moest de genua worden
ingerold en voeren we op een motor recht op Colombier, de
NW-punt van St. Barth aan. Het duurde nog anderhalf uur
voor we er arriveerden, onderweg nog een visboeitje in de
schroef waardoor de motor acuut stopte. Het voordeel van
buitenboordmotoren bleek direkt: schroef uit het water,
de lijn eraf gewikkeld en varen maar weer. Het zal je gebeuren
met een monohull met diep onder water liggende schroef!
In de Anse du Colombier was het redelijk vol doch ankeren
nabij het strand was nog mogelijk. Nadat we met muzikale
ondersteuning nog eens het 'lang zal ze leven' zongen kwam
de bemanning van de Breehorn 'Batje B' langs om te feliciteren.
Naast ons een groot zeiljacht met de Texaanse vlag in het
want. Met hun bijboot gingen ze 'even' naar Gustavia (bijna
3 mijl) om te stappen en vervolgens nog een keer om? Voor
een buitenstaander veel machtsvertoon.
Druk
programma: klippentocht-snorkelen-Gustavia
In
ons Caribisch wandelboek (The Caribbean, A Walking &
Hiking Guide by Leonard M. Adkins)staan verschillende wandelingen
beschreven. Voor ons interessant zijn:
Anse
de Colombier trail naar 'ons' strand waar je: "can
laze away the day watching pelicans and boobies diving into
the sea and emerging with their afternoon meals";
Sentier
des Pêcheurs van Anse de Flamands naar Anse
Colombier met een "steep descending side trail to tidal
pools that are home to a rich variety of sea life";
"the
special walk on the desert island of Ile Fourchue, a
unique and wonderful place that resembles a moonscape";
en
als attractie voor naturisten:
Anse
de Grande Saline Walk: "once on the shore
you may decide to join others who are sunbathing sans
clothing.Though technically banned, the enforcement
of the ordinance against total nudity on beaches is very
lax. However, be aware that arrests have been made from
time to time."
Om
op het strand te komen moest de branding worden getrotseerd.
In de nacht was de deining flink toegenomen en het echtpaar
dat voor ons landde was nat tot aan de nek. Ze stonden dan
ook geamuseerd te kijken hoe wij dat zouden doen. Vlak voor
de branding keerden we de rubberboot met de boeg naar de
golven, sprong ik te water en liet ik de boot op de branding
zo goed mogelijk zakken. Siets was wat vroeg met uitstappen
hetgeen haar een nat bikinibroekje opleverde. Verder ging
het redelijk goed en zou tijdens de wandeling alles wel
drogen. Terug bleek moeilijker en Theo verdween half onder
de boot. Natte kleren in de Carieb zijn niet erg...
Het
snorkelen naar schildpadden valt tegen, door de diepte gekombineerd
met de bewolking(!) is het zicht matig. Wel werden we weer
verwend met een traag zwemmende stingray.
De
drie mijl naar Gustavia doen we op de motor, de wind was
pal tegen. In de verte zagen we de J5, de "Ranger"
oefenen met spinnaker. In de haven werden we verwend met
meer van dit soort schepen: de "Endeavour", beroemd
en enige jaren geleden helemaal gerefit, de "Rebecca"
en de onder Nederlandse vlag varende "Windrose"
die een paar jaar geleden het Transatlantische record brak.
Volgens mij herkende ik Gerard Dijkstra aan boord. De namen
van de andere vijf ben ik vergeten... Op de wal werd een
feesttent opgezet voor de volgende dag. Champagnereclame
op grote spandoeken beloofde wat.
Bij
Bar d'Oubli betrokken we onze hoektafel voor het internetten/mensen
kijken. Na de vaste punten: email binnenhalen, website bijwerken,
weerberichten binnenhalen, onze webstatistiek bekijken en
vliegreizen uitzoeken was het verplichte bezoek aan de havenautoriteiten
aan de beurt en konden we de zeilgiganten van dichtbij bewonderen.
Tegen het donker worden een pilsje op het terras waar zowaar
enkele muzikanten op snaarinstrumenten begonnen te spelen.
Om zeven uur naar de palmentuin van "Eddy's restaurant"
om daar een heerlijk maal te nuttigen. Voor de insecten
echt begonnen te steken kregen we een spuitbus en een rookspiraal
voor onder de tafel. Het was voor Caribische begrippen laat
toen we huiswaarts keerden. Bij de bemanningen van de grote
zeiljachten aan de kade was het alkoholpercentage al wat
gestegen en stond men geanimeerd in groepjes op de wal te
praten. Men was nog steeds bezig met de opbouw van de feesttent.
Verder
naar het zuiden
Onze
poging om St. Kitts of nog liever Nevis te halen strandde
wegens een te zuidelijke windrichting en een te zwakke wind.
Uren motoren om in het donker aan te komen is geen aantrekkelijke
optie. Het werd dus Statia (St. Eustatius) waar we na een
erg rustige overtocht na acht uur arriveerden. Snorkelen
om de kanonnen te proberen te vinden die voor het duikcentrum
bij het piertje liggen. Nadat we zo wat afgekoeld waren
en de grootste hitte voorbij was de wal op. Eerst inklaren
en een bezoek aan het kantoor van het Marine Park. Tenslotte
weten we nog niet hoe het met de killer-bee plaag is. Lopen
we gevaar? Kunnen we de Quill wel op? Het viel allemaal
reuze mee, de kranten hadden weer schromelijk overdreven.
We kregen het aanbod om de volgende ochtend vroeg met een
groep vergezeld door een Nederlandse gids de wandeling naar
de botanische tuin aan de andere kant van de Quill te maken.
Een tocht van anderhalf uur. We werden dan met een Stenapa-pickup
naar de startplaats gebracht en van de botanische tuin weer
naar de haven. Het leek ons een prima voorstel.

Na
een bezoek aan Fort Oranje - dit keer drongen we ook de
cellen binnen - een rondje dorp, wat boodschappen en op
een terras genieten van het plaatselijk verkeer. Opvallend
veel moeders met kinderen in nieuwe grote vans en fourwheeltrucks.
Op zo'n klein eilandje toch wat bizar.
Botanische
tuin
Om
zeven uur stonden we voor het kantoor van het Marine Park.
De opperparkwachter was er doch moest opbiechten dat alles
anders liep van voorzien. De andere groep kwam later, dus
de gids ook. Hij bracht ons wel naar het startpunt van de
Quill en legde uit hoe we bij de botanische tuin kwamen.
Daar kwam de gids ("Johan de Bruin") dan ook en
konden we met hem weer terug. Gom en Marijke kozen voor
de Quill met afdaling in de krater, Rien, Theo en ik voor
de botanische tuin en na een halfuurtje splitsten onze wegen.
Langs steile hellingen over smalle paadjes van rollende
steentjes en gordijnen van dunne lianen kwamen we steeds
hoger. Boven de White Wall - de kalkstenen wand die zo goed
van zee te zien is - was een uitzichtpunt. Je kon nog net
fort de Wind zien in de diepte. In de verte zag je de machtige
contouren van de vulkaan van St. Kitts, de top in de wolken.
Vanaf dit punt begon het pad weer te dalen. Even later kwamen
we een groepje mensen met de opperparkwachter tegen: hij
was dus met de auto doorgereden naar de botanische tuin.
Ik gaf hem de lege hulzen die we onderweg vonden en vroeg
of ze hiermee op de killerbees hadden geschoten. Men bleek
met hagel op geiten te jagen... Het pad was redelijk gemarkeerd
door rode lintjes op ooghoogte en zonder al te grote problemen
kwamen we bij een hek. Hierachter was de 'birdtrail', een
route met borden met gegevens van de vogels alhier. De vogels
zelf waren nergens te zien. De gebouwen van de botanische
tuin waren verlaten. Alles stond open, de radio stond aan.
CD-spelertjes en mpeggevalletjes her en der verspreid. Boeken
open op de vloer onder de hamac's. We maakten het ons gemakkelijk
in een hamac - hangmat - maar na enige tijd gingen we op
onderzoek. Het was duidelijk bewoond door een aantal mensen:
bedden met muskietengaas in een paar kamertjes, corveelijst
in de keuken en bij het douch/toiletblok. Stroomvoorziening
door zonnepanelen op het dak. Watervoorziening door de opvang
van regen, misschien aangevuld door de waterauto bij langdurige
droogte. De koelkast bleek goed gevuld met bier en red bull.
We waren maar zo brutaal om een greep te doen, afrekenen
kon straks wel. De tuin bestond uit een aantal prieëlen
en bloembedden en zag er zeer verzorgd uit. Het was al te
warm om er doorheen te lopen, de zon was al weer heftig.
Toen eenmaal gids Johan met een groep jonge Amerikanen verscheen
was de stilte voorbij. Hij had niet veel zin een rondleiding
door de tuin te geven, terecht. Weer later verscheen de
pickup van de opperparkwachter met zijn groep die we onderweg
waren tegengekomen. Het bleken de nieuwe vrijwilligers die
twee maanden zouden helpen de paden te onderhouden, etc.
Zij bleken de bewoners van hier hoewel de meesten het moesten
doen met een koepeltentje naast de gebouwen. We werden keurig
met de auto naar de haven teruggebracht, een ongekende service
voor $3 per jaar!







Prima
museum
Het
museum in Oranjestad geeft een ruim overzicht van de historie
van Statia. Op oude prenten zie je hoe de baai er uitzag
in de Gouden Eeuw: vol schepen en de oever vol met pakhuizen.
Het was toen de grootste overslagplaats in de Carieb. Maar
ook archeologische vondsten van indianenkulturen zijn present.
Voor de Oranjefans foto's van de koninginnen Emma, Wilhelmina,
Juliana en natuurlijk een familieportret van Beatrix en
Claus met hun vier zoontjes.
Naar
het zuiden
Na
alweer een rustige nacht vroeg anker op en met een ESE briesje
richting St. Kitts. Af en toe de motor erbij om toch minstens
een knoop of vier te halen. De pas gerepareerde halfwinder
(Siets en Joke) kwam er niet aan te pas. Onder het eiland
viel de wind helemaal weg en motorden we voorbij het machtige
Brimstone Hill fort hoog op zijn berg en Bloody Point waar
de Fransen en Engelsen in 1626 de laatste indianen van het
eiland joegen. Vervolgens kwamen twee cruiseschepen in zicht
aan de pier voor de hoofdstad Basseterre. Regenbuien vielen
boven het eiland, wij hielden het keurig droog. Ons doel
Nevis werd steeds duidelijker, de witte stranden met palmbomen
doken op boven de horizon. De machtige vulkaan was natuurlijk
al veel eerder te zien. Bij het strand klaarde het op en
in de middagzon kozen we een plekje aan het strand waar
al een tiental schepen voor anker lag. Zelfs een Nederlander
was van de partij: de 'Mijdt spijt' uit Amsterdam met solozeiler
Paul. Hij woonde in Harlingen toen we daar in de Noorderhaven
lagen en dus kende hij ons.
De
geneugten van het wonderschone Nevis
Tegen
zonsondergang naar de Sunshine's Beach Bar & Grill voor
de "Killer Bee", dit keer niet een stekend insekt
zoals op Statia maar een drankje met een pittige samenstelling
met als hoofdbestanddeeel natuurlijk rum. We gingen er aan
de spareribs die net zo lekker waren als was aangekondigd.
Het werd een gezellig gebeuren, eten op het strand aan een
grote picknicktafel in rood-geel-groen geverfd. Na afloop
moesten we weer door de branding doch bereikten door onze
opgebouwde ervaring droog de Zeevonk.
Gom
vindt een paar kokosnoten op het strand en rust niet voor
hij eentje mag(!) openen: duikmes, zaag, priem en hamer
komen er aan te pas. Marijke kijkt veel de andere kant op,
Siets heeft het over een dummy maar Gom hakt en zaagt driftig
verder. Het lukt zonder bloedvergieten, een hele prestatie.


Buurman
Paul laat zich graag uitnodigen voor de koffie met verse
zondagochtend cake tijd, hierna is het tijd om Nevis onveilig
te gaan maken. De rubberboot aan een palm. Helaas stond
ik daarbij in een mierennest en moest het met vele prikken
bekopen. Langs vele volle kerkjes lopend komen we in Charlestown
bij de pier waar ook de taxi's staan. Als enige staat er
een luxe Chevrolet minibus met rasta chauffeur Walihu. Voor
$15 de man wil hij ons een stuk van het eiland laten zien.
Onze wensen: botanische tuin (blijkt gesloten op zondag),
de Hermitage - een oude plantage met veel authentieke spullen,
hoge hoeden staan er op de tv - en de Golden Rock Plantation
Inn met zijn schitterende uitzichten, heerlijke terrassen,
authentieke gebouwen, zwembad en wandelingen door een apengebied.
Walihu blijkt ook muzikant, zingt en speelt gitaar. Hij
laat ons zijn cd's horen. Als eerste verwent hij ons met
een bezoekje aan de warm water pool (Bath Spring) waar we
met handen en voeten in het bijna te hete water mogen staan
om te profiteren van de geneeskrachtige werking. Zijn taxibus
zoeft vervolgens naar de Hermitage waar we een half uurtje
kunnen rondkijken. Het is waarlijk genieten al viel het
op dat we geen gast zagen, zo tussen koffie en lunch. Dan
naar de Golden Rock waar manager Pam ons opving en direkt
adviseerde om meer tijd uit te trekken voor de lunch en
de wandeling richting top. Zij zou wel proberen onze chauffeur
voor een later tijdstip voor de terugreis te bestellen.
Er was belangstelling voor de korte wandeling langs de bomenroute
en voor de lange wandeling richting bron. Natuurlijk werden
lunch en zwembad niet vergeten. De bibliotheek bleek een
prima boek over Nevis te bezitten: "Swords, Sails and
Sugar" met veel historie over het eiland. De passage
die beschrijft hoe in de 2e wereldoorlog de Duitse U-boten
de zeilende vrachtvaardertjes tussen de eilanden tot zinken
brachten geeft weer hoe medogenloos hun oorlog was. Martinique
was het bevoorradingsstation voor de duikboten in de Carieb.
Hoewel niet helder, was Redonda te zien. Nadat we de apen
voldoende hadden gefotografeerd stapten we weer in de luxe
bus en werden we bij de haven afgezet. Ondanks een wetenschappelijke
diskussie over het verschijnsel 'groene flits' lukte het
ook bij deze zonsondergang niet om getuige van dit fenomeen
te worden. Na het gezamenlijke diner aan boord met buurman
Paul - die veel over de visserij blijkt te weten - en de
koffie, kwam de maan aan de orde: waarom ligt hij op zijn
rug en is er geen verschil tussen eerste kwartier en laatste
kwartier zoals in Nederland?

rasta
taxi, respect man!

heet
voetenbad ...

en
verkoelend zwembad
Herontdekking
St. Kitts
Na
een ochtendje passagieren en boodschappen doen in Charlestown
- de Zeevonk voor anker voor de pier - was het tijd voor
het zustereiland St Kitts. In het kleine zeegat stond een
oostenwindje en zeilend kwamen we aan bij de marina van
Basseterre. Twee grote cruiseschepen deden hun best de Kittianen
met dollarpubliek te verwennen. De marine was US$ 1.20 per
foot per nacht, voor ons een maatje te kostbaar. We mochten
van de havenpolitie ankeren bij het strand achter de oranje
boei. Het was heel rustig water en vandaar konden we makkelijk
naar de kant via de marina of het strand. De crew Basseterre
in, ik op bezoek bij het Nederlandse jacht Schorpioen uit
Zierikzee met de familie de Bruin, Dick en Annette. Hij
is voor de tweede keer aan een rondje Atlantisch bezig,
ze gaan nog naar Statia en misschien Saba. Op Montserrat
hebben ze in de asregen van de onrustige vulkaan gelegen.
Ze zijn er gevlucht.
Basseterre
bevalt, alleen op onze ankerplek zitten we in het felle
licht van het cricketstadion en in het lawaai van grote
boxen op de kant waaruit weinig interessante muziek klinkt.
Gelukkig wordt het geluid tegen tienen nogmaals gedimd en
hebben we er 's nachts geen last van.
Plannen
voor de volgende dag: het 'snelle' team gaat het eiland
rond per dollarbusje, de anderen bezoeken het fort Brimstone
Hill. Al vroeg ging het eerste team via het strand op pad,
helaas kwamen ze niet geheel droog over maar de zon doet
hier wonderen. De rest ging eerst naar het Balahoo restaurant
vanwaar je neerkijkt op het Circus, een rond plein vol met
taxi's en mensen onderweg naar hun werk. In de marina werden
we aangesproken door een 'assistent' en mochten we US$ 5/
24 uur betalen voor de rubberboot, er werd een keurig bonnetje
uitgeschreven waarop meer gegevens van ons dan van het bootje
kwamen te staan. We herkenden vanaf het balkon van de Balahoo
'onze' chauffeur van de vorige keer: Edward Johnson. De
man stortte toen een brij van jaartallen over ons uit en
dat voor een 70-jarige! Hij wilde ons graag tegen betaling
van US$ 15 p.p. via een korte rondrit door het stadje, een
bezoek aan de petroglyfen en aan de botanische tuin met
de batikshop naar Brimstone Hill brengen. We hoefden er
niet lang over na te denken en stapten in zijn mooie van
airco voorziene bus. De oude kustweg is hersteld van alle
hurricane geweld. Op veel plekken is hij versterkt met grote
rotsblokken. Maar als het water 3 meter hoger staat en enorme
golven op de kust beuken dan is niets tegen dat geweld bestand,
ook de pier voor de cruiseschepen loopt dan weer kans te
worden vernietigd. Het lijkt onbegonnen werk om vulkaanuitbarstingen,
aardverschuivingen en hurricanes te moeten weerstaan. Na
twee hurricanes moet je toch aardig moedeloos zijn als je
huis weer in puin ligt.

het
Circus vanuit het terrasa van Balahoo op de 1e verdieping
Petroglyfen
Ooit
hebben er indianen op St. Kitts gewoond. In musea zijn archeologische
vondsten - voornamelijk potscherven, sieraden en werktuigen
- te zien. De rotstekening op St. Kitts is redelijk uniek.
Een mannetje en een vrouwtje, mensen of apen?

de
enige petroglyfen in de Carieb?
Batikken
in de Botanische tuin
Een
botanische tuin in de tropen vind je gewoon buiten en hoeft
niet in een kas. Prachtige bomen, vooral de palmen en een
bloemenrijkdom die zijn weerga niet kent. Voor vruchtenkenners
is het ook het goede adres. Jammer dat je niets mag plukken.
Midden in de tuin een grote winkel waar zeer kleurige kleding
wordt verkocht. Het hele batikproces wordt gedemonstreerd.

fontein
in het midden

schitterende
palmen

de
was wordt aangebracht
De
geduldig wachtende taxichauffeur wordt niet lang op de proef
gesteld: de tuin blijkt niet groot, onze koopwoede is niet
heftig. Langs piepkleine en vaak zeer gammele huisjes bereiken
we weer de kustweg en vervolgen we onze route naar Brimstone
Hill dat hoog boven het landschap uittorent.
Brimstone
Hill fort
Het
fort op de natuurlijke berg ziet er vanaf het water als
een Griekse tempel uit: de 'galerijen' waren het onderkomen
van de onderofficieren. Terwijl wij op het hoogste punt
van het fort staan komt in de diepte een rode tweemaster,
de 'Schorpioen' uit Zierikzee voorbij. De restauratie van
het fort gaat gestaag verder. Een aantal doorgangen is nu
geopend en er wordt druk gemetseld. Het uitzicht rondom
is adembenemend. Aan de horizon Statia, Saba en zelfs St.
Maarten aan de ene kant, Nevis aan de andere kant.




een
paar plaatjes van Brimstone Hill fort
Onze
chauffeur-gids bracht ons weer naar het Circus in Basseterre.
Joke en ik gingen met hem door naar de diepzee haven voor
een bezoek aan de douane. Nog steeds was de douane niet
terug bij de pier voor de cruiseschepen. Joke zag kans om
in vijf minuten alles af te handelen en had daar niet eens
geld voor nodig. Na een late lunch bezochten we de tourist
information. Het kostte wat moeite om de donkere jongedame
te ontdooien maar toen was alles goed. Volgende keer wil
ze wel mee zeilen...
Bij
de boodschappen zat ook ijs zodat we nog even langs de Zeevonk
moesten. Voor het diner gingen we weer de kant op. De Canadese
monohull die achter ons ankerde ging zo te keer op de korte
deining dat hij ten einde raad maar de marina invoer. Uit
je kooi rollen is tenslotte geen leuk vooruitzicht. Onze
gereserveerde tafel stond klaar, het 'snelle team' was ook
al gearriveerd. Lekker eten.
Test
voor de halfwinder
Het
effekt van uren naaiwerk konden we eindelijk bewonderen:
windkracht 3 achter naar Saba dus de halfwinder omhoog.
De reparaties zagen er prima uit en met een leuk gangetje
gingen we in de goede crichting. We waren halverwege St.
Kitts toen achter ons in de verte stevige buien over het
eiland aankwamen. Het water kreeg meer witte kopjes en de
snelheid ging omhoog. Langzaam maar zeker werden we gepasseerd
door dikke buien met vlagen van 6 Bft. De halfwinder hield
en onze snelheid kwam tot ruim tien knopen totdat Siets
gaten zag vallen. Snel opgedoekt en op grootzeil verder,
koers meer westwaards zodat de buien langs ons gingen. Zodra
de laatste was gepasseerd weer richting Saba. We waren intussen
goed opgeschoten, Statia lag nu aan stuurboord. De buienaktiviteit
verdween en met een heerlijk windje onder een blauwe hemel
naderden we Saba. Al met al geen spatje regen gekregen!
Niet wetende hoe hoog nu de branding onder de 'Ladder' zou
staan voeren we door zonder de gasten af te zetten en in
te klaren. Eenmaal te plek ankerden we aan de voet van de
'Ladder' en het duurde niet lang of men zwom naar het zandstrandje
waar men zonder kleerscheuren de kant op kon. De klim tot
aan de douanepost leverde een mooi uitzicht over de baai
op in het lage middaglicht. Als helden haalden we onze dappere
zwemmers binnen...
Op
Saba-expeditie
Het
hoogste punt van het koninkrijk der Nederlanden is de Mt.
Scenery en meet 877 m. Je krijgt een diploma als je de top
- meestal gehuld in de wolken - weet te bereiken. Door de
grote hoeveelheid vocht boven is er een tropisch regenwoud
met al zijn eigenschappen: veel mos, planten die op omgevallen
bomen groeien en zoal meer. De communicatietoren op de top
is hoog, roestig en behalve het witte flitslicht voor het
luchtverkeer, in het bezit van vele antennes. Mensen hebben
we er nog niet gezien. Onderweg naar boven - 1064 treden
vanaf Windwardside - zijn er twee bushokjes voor als de
regen te heftig wordt. Op te top groeien ook kleine wilde
aardbeitjes. De uitzichten zijn schitterend mits het wolkendek
even open trekt.
Wij
met de rubberboot van de Ladder bay naar de Fort Bay, de
enige haven van Saba waar je wel je bootje kan neerleggen
maar niet bmet vje zeilschip in mag. Natuurlijk stond Billy,
onze bekende taxichauffeur al klaar. Hoewel we voor hier
zeer rustige omstandigheden troffen hadden de meesten van
ons een nat achterwerk. Wat wil je, zeven man en vuilnis
in een rubberboot. Na wat folders bij de duikwinkel op de
hoek te hebben gehaald bracht de Toyata ons naar boven en
vervolgens naar Windwardside. Hier scheidden onze wegen:
naar de top van de Mt. Scenery, naar de top van de Maskerhorne
en naar de Ecolodge. De bewolking was taai zodat we niet
in de brandende zon hoefden te klimmen. Het uitzicht vanaf
de Maskerhorne was prima: St. Kitts, Nevis en Statia duidelijk
aan de horizon. Ook zag je een enkel buitje boven zee. Na
lange tijd hoorden we ook weer boomkikkers, Jokes favorieten.
De mooie fotoboeken op de leestafel van de Ecolodge kwamen
weer aan bod, de koffie was goed. Deze plek tussen de mini-bananenplantage
en zijn padverlichting op zonnecellen heeft een geweldige
bekoring.

Billy,
onze vaste taxichauffeur

natte
achterwerken bij aankomst

afslag
naar de top

uitzicht
over Windwardside vanaf de Maskehorne
Tijd
om het Saba museum te bezoeken dus via het pad achter de
trailshop naar beneden. Hier werden we opgeschrikt door
vliegende geiten: een moeder geit moest haar kinderen beschermen
tegen ons en vloog letterlijk de helling af, lianen met
zich meesleurend. Het museum is het voormalig huis van een
scheepskaptein en probeert een indruk te geven hoe het vroeger
was. De trotse mevrouw die als suppoost dienst deed toonde
in het gastenboek dat Willem Alexander en Maxima hier ook
rondgekeken hadden. Er lagen interessante boeken over de
geschiedenis van Saba te koop. Jammer dat we aan gewichtsbesparing
moeten doen.

entree
Saba museum
Het
zwembad van het Tropic restaurant was volgens de temperatuur-eend
28 graden maar voelde toch fris aan. De dames trokken wat
baantjes, de heren kozen voor een verfrissing in een ligstoel
aan de rand van het bad. Nadat we weer kompleet waren bestelden
we een lunch. De stagiaire Maaike die hier werkte had haar
stage al afgesloten en was naar St. Maarten vertrokken.
De gekrulde patat met krab of beefburger ging er gretig
in.
Na
een bezoek aan de dorpskern - bibliotheek, kerk, begraafplaats,
kroeg de 'Swinging doors' en de Tourist Office werd het
tijd om naar beneden te liften. De eerste drie staspten
in een grote slee bestuurd door een mooie Columbiaanse pilote
zo leek het. Ze waren nog niet van de schrik bekomen of
Joke liet ze overstappen achterin een pick up die nog sneller
leek te scheuren. Een jongensachtige blik kwam boven bij
de heren. Ze genoten!
De
bibliotheek in Bottom zou internetmogelijkheden hebben maar
helaas was er geen verbinding mogelijk op dat moment. Langs
het bejaardenhuis en het ziekenhuis naar de haven gelopen.
Aan de haven was tussen de duikscholen een mini medisch
centrum met een heuse hyperbare tank waar duikers die te
snel naar boven zijn gekomen geleidelijk de luchtbellen
uit hun bloed kunnen laten verdwijnen. De stroomgeneratoren
draaiden weer op volle toeren en maken dit deel van de haven
zeer onaantrekkelijk met hun lawaai. In de haven werd net
kanoles gegeven en ook zwemmers maken gebruik van de trappen.

een
van de stroomgeneratoren

hyperbare
tank
Wij
terug met de rubberboot en ja hoor, op het strand onder
aan de ladder stonden al een paar gasten te wachten en Siets
zwom zelfs al in de buurt van de Zeevonk. Hun bagage bleef
droog en herenigd aan boord konden we naar ons eenzame plekje
in de Well's bay varen, waar je zo schitterend kunt snorkelen
tussen de schildpadden en roggen. Het diner was bij een
indrukwekkende avondlucht. Na de afwas tijd voor kultuur:
aria's van Don Giovanni schalden over het water en de digitale
foto's van een ieder bekeken we op een scherm in de kuip.
De steile wanden van Saba toornden hoog boven ons uit in
het maanlicht. Hoe kan je ooit weer aan Nederland wennen?
Terug
naar St. Maarten
Zodra
de zon boven de bergen uitkomt stappen we in de rubberboot
en varen we door de grot: door de deining worden we opgenomen
en door de smalle opening geperst. De heldere kleuren van
het koraal onder ons nodigen uit om te snorkelen. Wetende
dat je hier schildpadden en roggen tegenkomt laten we ons
in het water zakken. Dan is het tijd om Saba achter ons
te laten. Zeil omhoog en langs het 'maanlandschap' richting
St. Maarten dat zowaar bijna bezeild blijkt. Aan de horizon
boven St. Barth zware buien die we uiteindelijk kunnen pareren
door onze snelheid die nog eens toeneemt naarmate de buien
dichterbij komen. De laatste 25 mijl van deze reis gaan
dan ook vlot. We ankeren voor ons 'loop'-strand van de Simpson
bay en vieren de thuiskomst met een drankje. Om vijf minuten
voor half zes klettert een flinke bui op het dek, ook een
vorm van welkom?