Cat Zeiltochten Wad & Zee

avontuurlijke zeilvakanties  met de kajuitcatamaran "Zeevonk"
ontdek de kleurrijke Carieb
 
 

 

e-mail: info@catzeiltochten.nl

onze vertegenwoordigster Margje in Nederland: 0647130930

Henk en Joke Bijl a/b Zeevonk: 00870 764020057

Reis naar de zon deel 45

Isla Margarita-Golfo de Cariaco-Puerto Real-Cubagua-Coche-Porlamar

ma 17 juli - ma 24 juli 2006

Wat is thuis?

Wat filosofische gedachten zijn hier op hun plaats. Vaste patronen, dezelfde omgeving, een vaste baan, familie en andere relaties geven je houvast zodat je je energie buiten deze 'schillen' kunt gebruiken. Vakantie is tijdelijk uit je vaste patronen, rollen, enz. stappen, kijken wat er in de 'andere wereld' te koop is. Bruikbare ervaringen neem je mee terug. Met een schip ergens een tijd liggen zorgt voor vastigheid aldaar. Ons wekenlange verblijf in Porlamar tijdens het vorige hurricaneseizoen maakte van Porlamar een 'thuis'. Nu we hier weer tijdelijk liggen herken je de dingen. Zelfs een aantal schepen en hun opvarenden zijn dezelfde. Maar waar zijn de anderen?

Albi, de steigerbewaker/bagagesjouwer/vuilnisverzamelaar

zoek de foto van de Zeevonk!

Autoriteitsconflict?

Juan Baro is de man die een eigen dinghysteiger in de baai van Porlamar heeft voor zijn kantoor en winkeltje. Hij verzorgt de in- en uitklaringen voor 170.000 Bolivar (1€=2600 Bolivar). Je levert voor negenen je paspoorten en scheepspapieren in en voor vijven krijg je alles keurig verzorgd terug. Dit keer is er een nieuwe regel: de schipper moet mee om een papier bij de 'port authority' te tekenen. Geen probleem denk je... De bewuste autoriteit blijkt echter niet aanwezig/beschikbaar. De eerste dag niet, de tweede dag niet... Als ik Juan mededeel de volgende ochtend te willen vertrekken en het risiko neem dat we problemen krijgen, zegt hij dat hij dan ook de problemen krijgt dus berust ik, naar blijkt samen met 19 anderen!!! Na drie dagen zo vast gezeten te hebben in Porlamar besluit Juan een vergadering te beleggen: de 20 schippers worden op zijn kantoor verwacht om met elkaar iets te doen aan deze onverkwikkelijke situatie. Daar legt Juan nogmaals de situatie uit en als oplossing heeft hij een stel taxi's georganiseerd die ons naar het havenkantoor op de oostpunt van Pampatar brengen. Hier is de rechterhand van Juan reeds aanwezig en hij verzoekt ons in de wachtruimte plaats te nemen terwijl hij weer met de autoriteiten overlegt. Gelukkig is de ruimte redelijk geventileerd en staat er een koelkast met de nodige frisdranken. Na dik een uur wachten worden onze taxichauffeurs toch wat onrustig en geven ze aan te vertrekken met de toezegging om twaalf uur weer terug te zijn. Zo kwart voor twaalf gebeurt er iets bijzonders: een klein aantal schippers mag mee naar binnen om hun klaar gemaakte permissie te tekenen! Een kwartier later weer een paar en zo maar door. De taxichauffeurs liggen intussen onder hun taxi te sleutelen. Tegen enen wordt de terugreis aanvaard, om vijf uur kunnen we onze permissie ophalen bij Juan. Op de onze blijkt dan de "ZEEVONIK" een frans schip... Moraal van het verhaal?

het noodzakelijke formulier

zonder dit stempel in je paspoort ben je niet in het land

Op naar de Golfo de Cariaco

Met prachtig zeilweer, windkracht 3 achter en stroom mee vertrekken we uit Porlamar na eerst benzine en diesel te hebben getankt van het rondvarende tankbootje. Met een draaiende handpomp met slang wordt de zeer goedkope diesel zorgvuldig in onze tank gepompt, het ééncylinder dieseltje van dit oude vissersbootje gezellig pruttelend op de achtergrond. De benzine wordt gewoon overgegoten uit een jerrycan.

Natuurlijk gaat de halfwinder omhoog om ten volle van het beetje wind te kunnen profiteren. We passeren Coche en Cubagua en koersen dan op de noordpunt van het schiereiland Araya aan. Bij Coche varen we over het puntje van het rif, minst gemeten diepte 2.10 m, het duitse jacht achter ons gaat toch maar om de boei. Dit kunstje herhalen we bij Araya waar de boei wel erg ver zeewaarts ligt. Nu met halve wind naar het zuiden richting Cumana, een van de oudste door Europeanen gevestigde steden in Zuid-Amerika. Waarschijnlijk door een soort venturi-effect neemt de wind toe en begint te vlagen. Precies op het moment dat we de halfwinder willen binnenhalen maakt hij een klap en scheurt dwars door midden... zo te zien op de eerder herstelde scheuren. Op de genua halen we nog 8 knopen tot de wind wegvalt en pal tegen terugkomt. Motoren. We ronden de zuidpunt van het schiereiland en zijn in de Golfo! Helaas zijn de volgende 7-8 mijl naar Puerto Real pal tegen wind en getij? Op één motor maken we weinig snelheid tegen de 'IJsselmeer golven'. Dus kruisen, hoewel dat betekent dat we in het donker zullen aankomen. In de schemering worden we vergezeld door groepjes dolfijnen die in ons een nieuw speelkameraadje zien. De laatste slag doen we motorzeilend. De lichten van het vissersdorpje zijn van verre te zien. We weten de weg en varen met een licht voorop het zeer beschutte baaitje binnen.

Puerto Real

Bij de opkomende zon blijken we in een andere wereld te zijn verzeild: rode bergen met aan de voet mangroves en een vissersgehucht met een klein kapelletje op een heuvel. Er liggen wat bootjes aan lange lijnen. Op de kant afdakjes met daaronder visgerei of een boot die opgeknapt wordt. Er lopen geiten en kippen rond. Hier en daar soms een menselijke beweging. Aan hoge palen branden nog de lichten die we gisteravond zo goed zagen. We liggen in een prachtig beschut baaitje met achter ons een rots die we rakelings moeten hebben gepasseerd. Er heerst een weldadige stilte.

"My Dream"

kapel

dorpsstraat

doorkijkje school

wasdag

Na het ontbijt stappen we in de rubberboot om de plaatselijke bevolking te ontmoeten. We rollen de boot over boomstammetjes het strand op en maken vast aan een vissersboot. Het gebouw waar we voor staan is de school met een paar open klaslokalen. Geen kind te zien op zaterdagochtend. Woest blaffende honden cirkelen om ons heen tot ze tot orde worden geroepen door hun bazin. Van het basketballveld is nu één bord met basket afgebroken: geen wedstrijden meer dus. Hier en daar zitten wat mensen voor hun huizen. De meeste deuren staan open en gunnen ons een doorkijkje. We zien mooie gladde stenen vloeren en eenvoudig meubilair. Wel vallen overal de tralies voor ramen en deuren op, een oud gebruik van de indianen toen de Spanjaarden regelmatig de dorpjes teisterden. Het kapelletje valt op door zijn eenvoud. De sporttrofeeën op een plank misstaan niet echt, ze vielen ons vorig jaar al op. De deuren worden met een kei dichtgehouden. Overal lopen geiten, honden en pluimvee,. Achter de armoedige huisjes onder de golfplaten wordt met de hand de was gedaan. Op een andere heuvel zaten wat kinderen die nieuwsgierig onze bewegingen gadesloegen. We streken daar ook neer en zagen een jonge vrouw emmers met zand vullen en die naar een hoger gelegen huis in aanbouw sjouwen. Een uitdaging om haar aan te bieden de zakken met zand in een keer boven te brengen. Ze nam het aanbod aan en Michiel en ik namen ieder als een doorgewinterde bouwvakker een zak zand op de nek om die in het huisje neer te zetten. Ze was dankbaar in het engels en meteen klaar met haar klus!

bouwvakkers

Fotosessie indiaanse (?) kinderen

Joke maakte intussen kontakt met de kinderen. Ze liet de foto's die ze van hun maakte meteen op het schermpje zien en ging een gesprek aan in het spaans. Meer kinderen kwamen er bij staan, nog meer foto's werden er gemaakt, Anouk nu ook van de partij. Vanaf een andere heuvel hadden we een schitterend uitzicht over de baai met in het midden een blinkende Zeevonk. Vervolgens naar een winkeltje waar een vrouw achter de tralies ons hielp aan broodjes, meel, koekjes, etc. Terug op de boot leek het een uitdaging om de foto's van de kinderen af te drukken en Joke aan de slag. Daarna weer terug naar het dorp om ze uit te delen. De kinderen moesten overal vandaan worden gehaald en trotse oma's bemoeiden zich er ook mee. Een heel bijzonder gevoel om zo toerisme te beoefenen.

groepsfoto

Rosa

Dolfijnenshows

Tijd om het anker te lichten. Naar Cubagua is het 40 mijl waarvan de tweede helft tegen wind en stroom in. Het grote fort bij de ingang van de zoutpannen van Araya staat nog redelijk overeind. Het is indertijd gebouwd omdat de Spanjaarden de hier met zout beladen schepen regelmatig aan Hollandse kapers kwijtraakten! De dolfijnen die we al in de Golfo verwachten komen pas ten noorden van het schiereiland Araya, maar dan in zoveel groepen dat we de tel kwijtraken. Onvoorstelbaar veel varaities laten ze zien: salto's in de lucht, hardzwemmen op de rug, noem maar op. Vanuit ons bakboord wc/douche raam kan je ze bijna pakken. Ook vanuit de ctrampolines heb je een geweldig zicht op hun show. Voor foto- en videocameras is het risico van een zoutwatersproei groot: de wind zwelt af en toe in vlagen aan tot 6 Bft en schijnbare wind tot in 7 Bft. Met een enkel rif in het grootzeil en de genua steeds aanpassend komen we een heel eind tot aan het eind van de middag als we de genua moeten inrollen en de fok ons al voldoende voortstuwing geeft. Vlak voor donker ankeren we aan het strand van Cubagua en is ons happy hour bij een waterig zonnetje.

spotters

dolfijnenshow

Bezoek aan de eerste Europese nederzetting in Zuid-Amerika

Vroeg op pad naar de ruïnes van Nuovo Cadiz, de nederzetting die al in begin 1500 door de Spanjaarden werd gebouwd toen Columbus bij zijn derde reis omstreeks 1497 ontdekte dat de parels die op dit eiland werden gevonden van bijzondere kwaliteit waren. De jaaropbrengst overtrof een gegeven moment zelfs die van het Incagoud. De oesters met parels werden opgedoken door indianen die als slaven werden gebruikt. Ze gingen naar beneden met een steen als loodgordel en een mandje. Het verhaal wil dat ze door de Spanjaarden zo slecht werden behandeld dat er regelmatig nieuwe indianen vanaf het vasteland van Zuid-Amerika moesten worden aangevoerd. De nederzetting werd door een aardbeving en bijbehorende tsunamis met de grond gelijkgemaakt. Ook vonden er overvallen door vrije indianen plaats. Toen de 'oogst' ook al geringer werd werd het eiland verlaten. De grondvesten van de huizen van toen zijn nog duidelijk aanwezig. Het eiland wordt nu bewoond door wat vissers en er zijn twee steigers met een modern strand met rieten parasols en ligbedden gekomen.

Ruines Nuevo Cadiz

Veerbootwrak

Het andere boeiende object is het wrak van een veerboot die in de jaren 70 in brand vloog en hier op de kust strandde. Er stonden veel auto's op die nu nog in het wrak zitten. Het wrak steekt dreigend boven water uit en wordt door pelikanen frekwent bezocht. Snorkelend zwem je samen met grote groepen trompetvissen - de grootste zijn meer dan een meter lang - en vele andere soorten bovendeks. Naast de veerboot ligt het wrak van een vrachtscheepje waarvan de boeg minder dan 1 meter onder water zit. Bizar is de watertemperatuur hier: slechts 24 graden!

wrak veerboot

de vuurtoren Cubagua deed het!

nederzetting vissers

Woelige overtocht naar Isla Coche

's Middags tijd voor het volgende stuk: Isla Coche, een mijl of tien richting Porlamar. Weer wakkert de wind in de middag aan en gaan we gereefd al slagen makend de goede kant op. Een groot scherp jacht leek ons (in de verte) wat in te halen door hoger aan de wind te gaan en sneller te zeilen. We vergrootten ons zeiloppervlak en plotseling was hij verdwenen. Waarschijnlijk een plekje aan de kust van Margarita gevonden. Andere mogelijkheden: mast eraf, gezonken, etc.

Het prachtige strand van Coche liet duidelijk zien dat het zondag was: motorbootjes, waterscooters en andere drijvende voorwerpen scheurden langs de kust. Tegen het donker worden verdwenen ze en samen met een vijftal jachten lagen we in een deiningvrije baai. Het resort met veerbootsteiger bleef aardig bevolkt. Wij naar de wal voor het afscheidsdiner. We boften, een lopend buffet met live zang voor de resort mensen (herkenbaar aan een blauw polsbandje). We mochten aanschuiven en onze borden vullen met een veelheid aan gerechten. Nog nooit een vier/vijf gangen diner zo snel voor ons op tafel gekregen! Van het mensen kijken kregen we ook niet genoeg. Het resort werd bevolkt door autochtonen en buitenlandse gasten. Een paar jongedames met maximale voorgevel en in minimaal textiel gehuld deed onze dames de opmerkingen maken als: "kan niet echt zijn" en "lopen hier om zich te laten zien". Was dit een uiting van jaloersheid of slechts het konstateren van feiten? Geen idee hoe duur de siliconen hier zijn.

Terug bij de rubberboot op het strand was het slot aan de ketting in het zand terecht gekomen. Het duurde even voor we het voldoende schoon gespoeld en doorgeblazen hadden voor we huiswaartsw konden keren.

Terug in Porlamar

De laatste dag brak aan. Zeilend over het rif, minimum diepte op onze route 1.50 m. De wind was minimaal en tegen de stroom opboksen was niet de goede optie. Moteren dan maar. We kropen met 4-5 knopen in de goede richting. toen we de wind iets ruimer kregen mocht de genua erbij en bereikten we snelheden tot 6,5 knoop. De contouren van het verlaten Concorde hotel werden het eerst zichtbaar. Daarna zagen we de witte stippen die weer later ook nog een mast bleken te hebben. Weer in Porlamar na in één dag heen en drie dagen terug te hebben gezeild, vele nieuwe indrukken en ervaringen opgedaan. Dit deel van Venezuela is buitengewoon boeiend. We praten maar niet over de Andes...

In de baai van Porlamar liggen nog twee Nederlandse jachten: de "Fiddlesticks" en de "Sortilege"

 

index

laatste wijziging: 28/07/06

 

index