Reis
naar de zon deel 48
Curaçao-Klein
Curaçao-Bonaire-Curaçao
za 16 sept -za 30 sept 2006

groen: Bonaire->Curaçao
met wind achter en stroom mee
licht blauw: Curaçao->Bonaire
in twee etappes, alles tegen!
Inschepen bij Sari
Fundi
De vrouwelijke taxichauffeur
was al een keer eerder in deze uithoek geweest en bracht onze
nieuwe bemanning feilloos te plaatse. De overtocht schuin tegen
de wind in naar de Zeevonk verliep redelijk droog. De bagage
verdween in de hutten en de naturistische reis begon met een
welkomst slok ti-punch door Joke gebrouwen. Veel te sterk voor
deze bleekgezichten, wijn, bier en water kregen de voorkeur.
De KLM had goed voor ze gezorgd, veel eetlust hadden ze nog
niet. Daarom een licht diner, met pindasoep, stukje pizza en
papaya toe. Een mooie zonsondergang was hun kennismaking met
dit deel van de Carieb. De biologische klokken waren al snel
aan het aftellen, toch zagen ze kans zonder van de slaap om
te vallen nog uren wakker te blijven.
Dauwtrappen=snorkelen
Om half zeven reveille. Het
bleek niet nodig iemand te wekken, de biologische klok doet
wonderen en iedereen was al op. Om zeven uur in de rubberboot,
de Kabrietenbaai in om allereerst het 'Leprahuis' te bezoeken.
Dit gele gebouw staat boven op een heuveltop en zou in Nederland
direkt op de monumentenlijst komen te staan. Het gebouw is niet
afgesloten, er zitten geen deuren of ramen meer in, de vloer
is van hout, twee wenteltrappen voeren je naar de eerste verdieping.
Prachtige doorkijken op de buitengalerijen, vooral met de ochtendzon.
Er gaat een statigheid van uit die je extra nieuwsgierig maakt
naar het verleden. We dalen weer af, nu via een klein paadje
naar het zogenaamde dierektiestrand. Hier lagen kennelijk de
hoge funktionnarissen van de Shell met hun familie van zon en
zee te genieten. De roestige en met koraal begroeide palen die
waarschijnlijk als hek dienden steken nog boven water en vormen
de stille getuigen van die periode. Nu is het een afgelegen
en meestal verlaten strand waar af en toe een visser op de rotsen
zit zijn geluk te beproeven. In het weekend staat er ook wel
eens een auto op de parkeerplaats en wordt er de liefde bedreven.
We gaan met snorkelset te water en zodra onze duikbril onder
de zeespiegel zit gaat er een wereld voor ons open. Vele kleine
vissen zwermen boven de koraalkeien en het zand. Te veel soorten
om te onthouden en later aan boord in een boek of op een kaart
op te zoeken. Iets verder van de oever duikt de bodem steil
naar beneden en zie je een blauwe peilloze diepte. Vaag zie
je grotere vissen die ook langs de rand zwemmen. Ineens een
schrik, een grote barracuda schuift voorbij en kijkt je aan.
Nieuwsgierig naar de indringer, niet echt bang, dreigend met
zijn bek happend - naar men zegt een vorm van ademhaling. Joke
wijst allerlei vissen aan, de een nog mooier dan de ander. De
grote french angelfish scoort hoog op deze lijst, hij laat zich
ook makkelijk bekijken, lijkt zelfs als het ware zijn schoonheid
te showen. De schildpad heeft zijn bedje al verlaten en laat
zich deze ochtend niet zien. Na een uurtje in deze duizelingwekkende
omgeving te hebben rondgedreven begeven we ons weer huiswaarts.
"Je mist toch wel veel in Nederland."

Leprahuis en duikschool

koffie bij 'Vreugdenhill'
Rondleiding boot en
rondleiding Spaanse Water
Op veler verzoek maken we eerst
een rondje boot, testen de trampolines, klimmen op het dak,
laten een zwaard zakken en proberen we de zeilen uit elkaar
te houden. Na de lunch vertrekken we met een volle tank om met
de rubberboot de omgeving te verkennen. Eerst tegen de wind
in wat de nodige wateroverlast geeft maar met deze temperaturen
heb je daar weinig last van. Riante villa's aan de waterkant
met steigers en bootjes zie je om je heen. Dure stekjes, om
het zo maar te zeggen. Dan naar de bron van de over het water
aanrollende muziek: Barbara Beach. Dit is aan de smalle doorvaart
die het Spaanse Water met de zee verbindt. Het blijkt er vol
te liggen met voornamelijk motorboten met luierende, zonnende
en bbq-ende mensen. In het midden de feestboot met rieten dak
en etage die doordeweeks in de Kabrietenbaai ligt. Men is bezig
instrumenten uit de pakken, grote boxen worden herschikt, een
wat zenuwachtige zangeres morrelt aan de microfoon. We maken
eerst een rondje buitengaats om de golfhoogte te ervaren en
gaan dan naast het feestschip liggen. Helaas duurt het opstellen
van de instrumenten lang en varen we weer af naar het inwendige
van het Spaanse Water. Fantastische staaltjes architectuur strelen
onze ogen, de kleuren van helblauw tot bruinrood doen er nog
een schepje bovenop. Terug op de Zeevonk beseffen we dat rijkdom
niet ver van ons is en dat om hier de rest van je leven te mogen
doorbrengen niet verkeerd hoeft te zijn.

welstand aan het Spaanse Water
Bezoek aan Willemstad
Met de openbare rammelbus naar
Punda. Via het postkantoor naar de overdekte ronde markt waar
je meteen diep in de Curaçaose kultuur terecht komt.
Exotische spijzen, kruiden, kip, vis, CD's, kleding, noem maar
op. Langs de Venezolaanse drijvende groente markt de unieke
winkelwijk Punda door om uiteindelijk uit te komen op het terras
van Cafe Vienna, aan de Annabaai waar de Emmabrug nog steeds
op het reparatiegeld gewacht voor hij weer in funktie komt.
De af- en aanvarende pontjes maken gelukkig een hoop goed. De
lunch vond plaats in de oude markthal waar het geitevlees zo
lekker moet zijn. Ook moesten er pompoenpannenkoeken mee voor
het avondeten. De oversteek naar Otrabanda verloopt even later
zonder kleerscheuren en een wandeling door dit deel van de stad
geeft weer een hoop nieuwe indrukken. Om het geheel diepte te
geven is een bezoek aan het schitterende museum Kura Hulanda.
Hier trekt de historie voorbij met nadruk op het slavengebeuren
waarbij je je als Nederlander behoorlijk beschaamd voelt. De
gids deed het erg goed hetgeen het bezoek nog waardevoller maakte.
Met de bus terug naar de vissershaven en vandaar met de rubberboot
naar de Zeevonk. Geen puf meer voor een bezoek aan het happy
hour van Sari Fundi...

kantoor "Gezaghebber"

kade Annabaai met 'Insulinde'

Waterfront Punda, alweer zonder
pontjesbrug

muurschildering bij museum
Rondje Curaçao
Met een huurauto met airco
gaan we op pad. Over de hoge Julianabrug met zijn schitterende
uitzicht rijden we naar de grotten van Hato,
vlak naast het vliegveld. We krijgen een rondleiding van een
welbespraakte Ruthilla die het hek achter ons sluit en met ons
de diepte in verdwijnt. Hier is een keurig grindpad, overal
schijnwerpers en zelfs grote ventilatoren zodat we heerlijk
kunnen genieten van de stalagtieten (tieten hangen), stalagmieten
staan op de grond en zo verder. Kleine fruitetende vleermuisjes
fladderen in het rond en hangen in groepjes onderste boven aan
de rotsen. Daarna in het noorden naar de boca's, inhammen in
de oostkust waar de golven naar binnen denderen en zich door
gaten naar boven persen. Hoewel weinig wind en een kleine deining
toch behoorlijke fonteinen met als topper de Boca Pistol. Met
het watergedonder nog in de oren naar de meest noordelijke beach
waar we onder het genot van een ijsdrankje kunnen zien hoe de
badgasten zich hier kunnen vermaken. De stoelen worden zowat
onder ons vandaan getrokken, de glazen tafelbladen verwijderd,
tijd om verder te gaan. De naald van de benzinemeter kruipt
wat bedenkelijk naar de 'E'. Voorzichtig, rustig rijdend zoeken
we onze weg naar een benzinestation. Zodra we hebben getankt
naar de zoutpannen met flamingo's, we hebben geluk, er staan
er nog vier...

druipsteengrotten van Hato

Boca Pistol (of kanon?)

kleurige huizen met cactushaag
Feestelijk diner in
de' boogjes'
Het 25-jarig huwelijksfeest
van ons gastenechtpaar begon met thee op bed, nu was het tijd
om deze indrukwekkende dag af te sluiten op een terras half
boven water onder het fort bij de ingang van de St. Annabaai.
De koperkleurige ondergaande zon gaf alles een extra romantisch
tinje. De obers sloofden zich uit en het echtpaar kreeg als
afsluiting zelfs een stuk slagroomtaart met een kaarsje! Zeer
voldaan kropen we weer in onze luxe auto en koersten we naar
Sari Fundi waar onze rubberboot half leeg (of half vol) op ons
lag te wachten. We hebben het dan over lucht en niet over water,
dat was 's morgens tijdens onze ochtendwandeling en snorkelavontuur
voldoende gevallen: we moesten zelfs een half uur schuilen in
het Leprahuis. Daarna stond de parkeerplaats bij het Playa Baya
onder water en moesten we omlopen om niet ten onder te gaan.

thee op bed
Tijd voor Klein Curaçao
Eindelijk dan het grote water
op. De wind was ongunstig, pal tegen, windkracht 4-5. Al op
het Spaanse Water ging het eerste petje de lucht in om achter
ons in het water te belanden. Eerste oefening: petje redden.
Het ging zonder probleem! Langs de nu verlaten Barbara Beach
maar het stuurwiel haperde wat dus oefening twee: vastmaken
aan een boei. Eén crewlid mocht te water om onze lijnen
door het oog van de boei te trekken: ging wederom prima. Goed
team! Hydraulische olie bijgevuld, oliedruppels verwijderen.
Dan valt het afsluit- en ontluchtingsdopje op de vloer en rolt
naar het grote loosgat. Murphy ligt op de loer en wint: diepte
9 meter. Met snorkel en zwemvliezen haal ik de bodem niet dus
komen de duikspullen eraan te pas. De eerste luchtfles lekt,
de koppelring is onvoldoende aangedraaid. De passende inbussleutel
laat zich niet vinden dus volgende fles. De bodem blijkt zachte
modder die zodra je in de buurt komt in een ondoorzichtige wolk
verandert. (zie ook "het eerste
goud gevonden"). Geen succes. We starten weer de motoren
en varen de zee op. Op voldoende afstand van de gevaarlijke
kust hijsen we de zeilen en daar gaan we. Ik was bang dat we
met tegenwind en -stroom weinig voortgang zouden maken maar
dat viel reuze mee. Op de elektronische kaart kon je zien dat
het tweede rak bijna haaks op het eerste stond. Konklusie: we
hebben stroom mee! We kruisten tot de punt van Curaçao
en met het volgende rak kwamen we een paar mijl onder Klein
Curaçao uit. De vuurtoren, het wrak en de ongebruikte
vissershuisjes waren al heel dichtbij. De wind was al toegenomen
tot kracht 5, de genua rolden we een stuk in om niet te veel
in de golven te duiken. De overstagmanoevre ging hier alleen
maar beter door. Er lagen twee jachten aan boeien en wij maakten
vast aan een nieuwe boei met opschrift "gesponsord door
de Mermaid". Weer ging ons nu ervaren crewlid overboord
om de lijnen door het stalen oog te halen. We waren te plek
en konden van ons door Joke samengestelde mixdrankje gaan genieten.
De zon begon als een oranjerode bal de horizon te naderen, zouden
we de 'groene flits' meemaken? Camera's in aanslag en zowaar,
een voor iedereen duidelijke groene flits verwent ons. Helaas
geen tijd om hout te sprokkelen voor een kampvuur en snel valt
de pikdonkere nacht met een schitterende sterrenhemel in. De
melkweg laat zich daarbij op zijn mooist zien. We worden akelig
verwend door moeder natuur.
Snorkelen tussen de
dolfijnen
Een wens van iedereen en menigeen
is bereid om hier een flinke som geld voor neer te tellen. Wij
gingen vroeg in de morgen bij de zuidwest punt snorkelen om
schildpadden te zien. Ineens grote donkere schimmen voor me.
Het duurde even voor ik ontdekte dat het spelende dolfijnen
waren. Zij ontdekten mij ook en kwamen nieuwsgierig naar me
toe, bekeken me en keurden me af als speelbal. Het waren vier
grote beesten die toch steeds weer naar mij keken en me uitdaagden?
Een ging op zijn rug liggen en volgde mijn weinig esthetische
menselijke zwemslag. Toen hoorde ik een buitenboordmotor en
een bootje van de Italiaanse buren kwam naderbij. Gevolg: de
dolfijnen verdwenen... De anderen waren intussen op het strand
gearriveerd en we gingen alsnog met elkaar te water. Eerst kwamen
we een rustig peddelende schildpad tegen en vervolgens... de
vier dolfijnen! Ze bleven nu op een wat grotere afstand maar
bleven spelen. Zelfs toen we uit het water waren maakten ze
nog salto's met anderhalve schroef in de lucht!
Bezoek aan de vuurtoren
Na het ontbijt werd het tijd
voor bezichtiging van de vuurtoren, een van de verplichte nummers
alhier. Zwemmend naar het strand met de waterdichte zak voor
de camera's, daar uitpakken en blootsvoets over het versleten
betonpad naar de in vervallen staat verkerende toren die wordt
geflankeerd door twee vuurtorenwachters woningen waarvan de
dakpannen steeds verder afzakken. De houten vloerdelen worden
ook steeds dunner of ontbreken al gedeeltelijk. De stalen deur
naar de toren staat open en via de wenteltrap omhoog tot twee
etages onder de top. Hier hangt een groene tros waar je je moet
optrekken om op de volgende etage te komen. Dan een smalle trap
en je bent boven bij het licht. Hier natuurlijk een fantastisch
uitzicht rondom. Het achterschip van het wrak is duidelijk zichtbaar.
Het eiland zelf is vlak en van scherp lavasteen waar je niet
met blote voeten over kunt lopen. De vervallen vissershuisjes
vormen een kleine onbewoonde nederzetting, de verbrande resten
van wat eens een koelcel was zijn duidelijk zichtbaar. De vorig
jaar november gebouwde palm afdaken bij de ankerplaats van de
dagcharters staan er prima bij. Zou er een boek zijn waarin
de geschiedenis van dit eiland en of van de vuurtoren in te
vinden is?

de fotogenieke vuurtoren van
Klein Curaçao
Volgend doel: Bonaire
De bergen in het noorden zijn
al zichtbaar aan de horizon, de windrichting is ESE, kracht
4. Prachtig zeilweer. De golven zijn rustiger dan de vorige
dag en we kunnen een koers halen die uitkomt in de knik van
Bonaire ter hoogte van het antennepark dat ook al van verre
zichtbaar is. De vuurtoren van Klein Curaçao verdwijnt
langzaam maar zeker onder (of achter?) de horizon. Joke heeft
een paar vislijnen uitstaan. Dan zakt de snelheid van 6 naar
3,5 knoop. Tegenstroom? Grote vissen aan de lijn? Het wordt
duidelijk als ik het grootzeil zie: de bovenste naad is gescheurd
en het zeil hangt er als een vaatdoek bij. Motor aan, grootzeil
naar beneden en met 5 knopen kunnen we redelijk koers houden.
Bij de opslagtanks aangekomen moesten we kiezen: of recht tegen
de wind op de motor, of nog slagen maken op de genua en motor.
Voor de eerste optie kiezend liepen we op één
motor 3,5 knoop en tergend langzaam kwam Kralendijk dichterbij.
We arriveren net na vijven en maken vast aan een mooring vlakbij
Kareltjes bar zodat we volop kunnen genieten van het uitgaansleven
van Kralendijk. Rubberboten trekken voorbij, happy hour! De
zon gaat oranjerood onder achter Klein Bonaire. De lichten van
bars en restaurants komen nu duidelijk uit. Het voorbij trekkende
verkeer doet het rustig aan. Allemaal bekende zaken waardoor
we ons nog meer thuis voelen. Toen vervolgens Ben en Sabrina
van de 'Gaia' uit Marken kwamen aanvaren, we lagen in november
2004 met hun in Las Palmas, kwam weer een stukje recente geschiedenis
boven. Wat is het lang geleden dat we Nederland voor een rondje
Atlantisch verlieten.

blauwe baan erbij of naadje
los?
Zeldzaam ochtend gebeuren
Ook de gasten die op het toilet
zaten werden door Joke gealarmeerd: een grote rog onder de boot.
Iedereen met duikbril en snorkel gewapend te water. Het dier
had volgens enkelen wel een staart van twee meter en met de
gedachte aan Crocodile Hunter die recent door een rog door het
hart werd geboord bleven we op redelijke afstand. Eenmaal aan
boord was de volgende verrassing een groep dolfijnen met roze
buik die achter de Zeevonk aan het jagen en het spelen waren.
Af en toe een blijde sprong in de lucht verraadde hun aanwezigheid.
Vervolgens zag je de rugvinnen in gelid een haakse bocht maken,
reden genoeg om de camera's in stelling te brengen en mooie
plaatjes te schieten. De koek was nog niet op: de enige zeekoe
die Bonaire rijk is verscheen aan de horizon! De gasten vonden
het zo genoeg en we konden aan het ontbijt.

barracuda bij onze mooring
Rondje Kralendijk
"Leuk stadje!", "met
een goed gevulde supermarkt." Terug op het terras van 'Kareltje'
komen onze Amerikaanse vrienden Carmen en Larry van de 'Water
Musik' aanvaren. We hebben ze de laatste keer op St. Maarten
gezien. Ze beloofden ons toen het onderwater fotograferen bij
nacht te leren! Even later verscheen Simon, gast vorig jaar,
op het terras. Het leek wel reunie! Een maal aan boord kwam
Arjanne van de 'Orion' langs om ons uit te nodigen voor een
bezoek aan ze.
Snorkelen bij Klein
Bonaire
Terwijl Joke het gescheurde
grootzeil zou proberen te repareren voeren wij naar Klein Bonaire
met de rubberboot. Onderwatercamera's mee. Het koraal op de
helling viel wat tegen. Ook hadden de onervaren ogen moeite
om de schildpadden te ontdekken. Oogst: 2 schildpadden (een
miste zijn R achterpoot), 3 barracuda's, vele black durgons
die we eigenlijk alleen hier zien. Hun opvallende manier van
voortbewegen en hun nieuwsgierigheid maken dat je ze goed kan
bekijken. Van zeepaardjes geen spoor. Opvallend was het verschil
in watertemperatuur: boven het ondiepe heerlijk warm, in het
diepe een stuk frisser. De stroming leverde geen problemen op.
Mede door het enthousiasme van Joke voeren we vervolgens naar
het strekdammetje aan de zuidkant van de marina ingang. Deze
populaire duikplek heeft voor snorkelaars ook het een en ander
in petto. Het meest opvallend zijn de drie snoeken die hier
rustig onder je door glijden. Ook andere grote vissen zijn er
van de partij. Kortom, zeer voldaan togen we na twee uur snorkelen
weer huiswaarts.
Het afscheidsdiner was bij
de Bobbejans BBQ, een royale binnenplaats was er omgetoverd
tot terras. De spareribs lieten zich heerlijk smaken. Ben en
Sabrina dobbelden nog voor wel of geen nageslacht, de uitkomst
laat zich raden en dat één dag na je verjaardag!
Zaterdag, wisseldag
Om half elf verscheen Rian
van Sorobon om een paar van onze gasten over te nemen. Ze nodigde
ons uit om 's avonds te komen BBQ-en op Sorobon en regelde direkt
vervoer zodat tegensputteren niet mogelijk was. 's Middags hadden
we even tijd voor een korte duik achter het schip, de flessen
waren niet geheel vol (zie Barbara Beach), het koraal onder
en achter de boot was matig van kwaliteit met veel ankersporen.
Joke zag slechts één garnaal, verder enkele prachtige
zeeslangen en een grote tarpon. Tussen de schepen kwam ook nog
een schildpad zijn zuurstof aanvullen. De duikschool zorgde
snel voor het vullen van de flessen, de gratis wifi werkte er
niet, later hadden we bij Kareltjes Bar meer succes. Om precies
zes uur verscheen Carla met een prachtige Sorobon pick up en
bracht ons langs meren met flamingo's naar het idyllisch gelegen
naturistenresort waar de palmen in de konstante passaatwind
zo heerlijk ruisen en de rust zo overweldigend is. Hier bracht
Barbera ons naar het huisje van onze nu ex-gasten. Deze hadden
zich al helemaal geïnstalleerd met hangmat op het terras
met uitzicht over de Lac Baai. De overige gasten waren dit keer
voor 90% Nederlanders, heel anders dan drie jaar geleden toen
de Amerikanen veruit in de meerderheid waren. De BBQ werd met
zorg bereid en de tafels met spijzen zagen er smaakvol uit.
Opvallend was dat iedereen gekleed was, bij Club Oriënt
op St. Maarten is het net andersom. Onze andere ex-gast Simon
bracht ons terug naar Kralendijk waar we nog een rustig terrasleven
troffen. Dat later de zeer luide muziek tot 's morgens een uur
of vijf doorging hadden we toen nog geen weet van.
Zondag Sorobondag
Op al dan niet een huurfiets
dwars over het eiland naar Lac Baai, Sorobon resort. Hier werden
we ontvangen door onze ex-gasten, en Barbara en Rian van Sorobon.
Huisje 27 bleek zeer gunstig te liggen: fraai uitzicht over
de baai en lekker in de wind. De jeux de boules baan lag er
maagdelijk bij, tafeltennis en dart waren ook zonder gebruikers.
Genietend op het terras brachten we de dag door. Voor de lunch
moesten we even naar het restaurant. Simon, de overbuurman van
nr. 10 had nog een fles 'Welkom' staan en vond dit het moment
om hem open de trekken. Tegen zonsondergang arriveerden we weer
bij de Zeevonk (zonder ezels of geiten te raken, maar ook zonder
plaatjes van flamingo's die veel te ver van de weg stonden).
Maandag rondritdag
Met de pick up van de 'One
Way Wind' naar het noorden, Rincon en het Washington Slagbaai
nationale park. Het eenvoudige museum geeft een boeiend overzicht
van de natuur maar ook van de menselijke aktiviteiten door de
eeuwen heen. De rit door het park maak je bij voorkeur met een
auto die wat hoog op de wielen staat: de rivierbeddingen vormen
dan niet echt een probleem. De grote leguanen onderweg stelen
de show: merkwaardige beesten die geluidloos hun weg gaan maar
nu ook al interesse voor mensen hebben. Het Gotomeer stond redelijk
vol met flamingo's, de eenrichtingweg langs de westkust blijkt
nog steeds alleen naar het noorden te gaan zodat een omweg via
Rincon nodig was om thuis te komen. 's Avonds togen we naar
de 'Orion' waar we welkom waren, van de reeds slapende kinderen
geen spoor gezien.
Dinsdag reparatiedag
Het gescheurde grootzeil -
gelukkig de bovenste baan - was nu aan de beurt. Met hulp van
onze Amerikaanse vrienden Carmen en Larry van de 'Water Musik'
kropen we met naaimachine en tafel op het dak en slaagden erin
na enkele zonnige uurtjes het zeil klaar te maken voor gebruik.
Na afloop werd de ti-punch met pizza zeer gewaardeerd. Tegen
de ondergaande zon stond een nachtduik met hen op het programma.
Het lood en de forse stroming speelden Joke parten maar gewapend
met licht leverde uiteindelijk het snorkelen meer boeiende beelden
op dan het duiken! Na afloop smeerden we de kelen op de 'Water
Musik'.

op de primitieve manier

met Amerikaanse supervisie (Carmen
en Larry)
Woensdag vertrekdag
met uitklaringsproblemen!
Even uitklaren bij douane en
immigratie. De douaneman was zeer vriendelijk en duidelijk om
een praatje verlegen. Zijn politieke wens: Curaçao net
als Aruba losser van Nederland. Op Bonaire moeten ze steeds
met lede ogen aanzien dat het geld niet eerlijk wordt verdeeld
en er teveel in Curaçao blijft hangen. De immigratiedame
liet me in een overvolle wachtkamer weer een formulier invullen
en omdat er twee gasten achterbleven die op een later tijdstip
vanaf Bonaire zouden vliegen moest ze hun paspoorten en vliegtickets
zien en verblijfplaats weten. Ik kon alleen melden dat ze al
van boord waren en waar ze verbleven. Haar meerdere erbij: ik
was "verantwoordelij"k dus moest ik de paspoorten
en de vliegtickets laten zien. "Moet ik ze dan op het eiland
gaan zoeken?" Het antwoord was "ja". Schouderophalend
vertrok ik. Terug naarj 'Kareltjes bar' en wie zitten daar op
terras: de drie Sorobongangers! Ze hadden net een lichte lunch
besteld en hadden helaas geen paspoort en ticket bij zich. Wel
waren ze met de auto dus in geval van nood... We haalden de
overige bemanningsleden van boord om er een gezellig afscheid
van te maken. Na het eten togen we met zijn allen naar de immigratie
waar ik de twee "illegalen" opbracht. Uiteindelijk
bleek het niet nodig dat ze eerst de paspoorten haalden, wij
kregen ons immigratie uitreisstempeltje en zij deden de toezegging
de volgende dag met de gevraagde bescheiden langs te komen.
Een apart wereldje want nu had de immigratie nog niet de gevraagde
papieren gezien en wat als onze ex-gasten niet langs zouden
komen? Door dit 'gedoe' vertrokken we pas na half twaalf, uitgezwaaid
door de achterblijvers. Het gerepareerde grootzeil stond er
prima bij, de wind was ESE 5.
De rust van Fuikbaai
Met de toenemende wind werden
de golven van achteren wat hoger en steiler. De stuurautomaat
kreeg het wat zwaarder en de tijdelijke afdichting van de stuurwielpomp
klapte er uit. Hydraulische olie aan het plafond! Het laatste
stukje dan maar op de hand sturen. We voeren volgens plan de
Fuikbaai binnen waar slechts één motorboot lag
met een kinderfeestje op de wal leek het. We kozen een rustig
hoekje uit en op advies van Joke snorkelen langs de mangroves.
Het leverde weinig op, er was een duidelijk verschil met Los
Roques waar onder de mangrove hele scholen vissen zaten in het
schemerdonker. De avond viel in, de motorboot vertrok en we
hadden de baai voor ons alleen. De sikkel van de maan speelde
met de planeet Jupiter konform het artikeltje in een Bonairiaans
blaadje. De melkweg liet zich later ook niet onbetuigd, duidelijk
het voordeel van het ontbreken van straatlantaarns. De viermaster
die nog bij daglicht uit de Caracasbaai was vertrokken bleef
lang aan de horizon hangen, de vier zeiltjes hadden weinig effekt
tegen de wind in. De rookpluim uit de twee achterste masten
verraadde dat de machines bij stonden. De rode en groene toplichten
bleven lang aan de horizon.
De volgende ochtend op verkenning
met de kano. De twee gebouwtjes aan de oever leken het meest
op kleedkamers, stammen duidelijk uit betere tijden. Sporen
van auto's leiden naar een weg die Barbara Beach verbindt met
de haven waar nog steeds fosfaat (?) van de Tafelberg wordt
geladen. Ook nu arriveerde een vrachtschip met sleepboothulp.
De stuiterende vissersboten op zee voeren richting zuidpunt
van Curaçcao, Kaap Kanon. De stilte was indrukwekkend.
Toch wilden we verder, naar het Spaanse Water. Op de genua met
windje achter naar de ingang, langs een verlaten Barbara Beach
zeilden we zo naar binnen. Het ankeren moest op de motoren,
daarvoor was het te druk/vol. Natuurlijk kwamen we weer tegenover
de surfschool te liggen want ons plekje was nu ingenomen door
de "Fia", bekend van Judy, de "culture vulture"
van Porlamar. Zij stuurde ons en andere jachtbewoners toen regelmatig
naar het theater. Het duurde dan ook niet lang of een afgevaardigde
van de surfschool kwam langszij met de mededeling dat in het
weekend wedstrijden werden georganiseerd en dat we op de startlijn
lagen. Of we een andere plek wilden zoeken. Met begrip voor
dit verzoek deden we de toezegging.

onze roerganger stuurt het Spaanse
Water op
De pontjesbrug draait!
Voor het inklaren moesten we
weer naar Willemstad en At van de "Angelique II" was
zo vriendelijk ons een lift te geven in zijn bestelwagen. Ook
ons koffiezetapparaat mocht mee. Maar drie problemen: de zekering
sloeg steeds door, het lampje bleef branden, ook als je hem
uitzette en natuurlijk lekte de kan (eigenlijk van begin af
aan). Omdat de garantietermijn nog niet was verlopen en we hem
in Willemstad kochten... Verder moest er nog een som geld overgemaakt
worden naar Europa. Kortom een serie klusjes waarbij die van
At: letters bestellen voor zijn schip in het niet viel. Wie
schetst onze verbazing toen we vanaf de hoge Julianabrug de
pontjesbrug over de Annabaai zagen liggen! Zou het dan eindelijk
gebeuren? Na de formaliteiten naar Punda en op naar de brug.
Het was er druk. Het brugdek bewoog op het ritme van de geringe
deining. Toen we halverwege de brug waren ging een bel en bijna
iedereen maakte dat hij/zij aan de kant kwam. Wij bleven staan
en maakten zo een ritje. Het duurde lang voor een schip passeerde,
de "Pelicaan" van de marine was de eerste. De 'brug'wachter
aan de Otrobanda kant liet ons het draaipunt van de brug zien.
Ondanks het rustige weer kwam een ijselijk gepiep uit het scharnier.
Zijn inschatting is dat als het echt ruw wordt problemen zijn
te verwachten.
'zoek de tien verschillen':
linker foto: oktober 2005: Joke
poseert voor foto van de Emmabrug
rechter foto: oktober 2006:
Joke loopt op de echte Emmabrug links op de achtergrond

Julianabrug, pont en Emmabrug
in één beeld
volgend
verslag
index