Communicatie
in het Frans blijft moeilijk
Het
vliegtuig met onze Kerstgasten, acht man sterk, zou omstreeks
half acht arriveren. We schatten de tijd nodig voor uitstappen,
bagage en douane op een half uur tot één uur. De
taxi van Lamentin naar Fort de France moet het in een half uur
kunnen doen. Om negen uur zaten we op de boulevard om ze te verwelkomen.
Na anderhalf uur wachten maar weer terug naar de Zeevonk, het
vliegtuig zal wel vertraging hebben. Opgebeld naar hun mobiele
nummer, ingesproken. Om twee uur gingen we naar bed...
De
volgende ochtend lag er een email van Rinske uit Nederland: de
gasten konden ons niet vinden en zijn ten einde raad in een hotel
gekropen.Ze probeerden ons te bellen doch kregen geen gehoor.
Wij
weer een belpoging en nu was het raak! Om een uur of negen zouden
ze op de kant staan. En ja hoor, daar waren ze! Tegen de taxichauffeur
hadden ze iets van "le marine" gezegd en deze begreep
dat ze Le Marin bedoelden, aan de zuidoostkant van het eiland.
Daar liggen honderden schepen en zou je de Zeevonk niet makkelijk
vinden. Vervolgens noemden ze Fort de France en hier liepen ze
om half elf op de kade, zagen schepen liggen maar herkenden de
Zeevonk helaas niet. We lagen als achterste schip vanwege de problemen
met stuurinrichting en motoren. Wij keken regelmatig met de verrekijker
of we witte mensen op de kant zagen, maar nee, alleen zwarten
waren zich er aan het vermaken. Konklusie: we hebben elkaar op
minder dan een half uur gemist. Hoe het nou kon dat ze ons telefonisch
niet konden bereiken is ons een raadsel. De volgende morgen lukte
het prima.
Met
huurauto's de zuidelijke helft van Martinique rond
Op
het verlanglijstje staan een rumfabriek, een bananenplantage en
nog meer van dat soort bezienswaardigheden. Martinique is hierin
ruim bedeeld en enthousiast kwam men 's avonds terug.
Kerstdiner
door gezamenlijke inspanning
Joke
heeft goede ervaring met samenwerking op kookgebied dus iedereen
kreeg een taak op papier en een bakje met ingrediënten. Hierdoor
werd een meergangen diner een fluitje van een cent en voelde ieder
zich betrokken en verantwoordelijk. De Kerstverlichting bestond
uit louter kaarsen, het elektrische setje dat we in Porlamar kochten
en voor 110 V was kreeg ik (nog) niet werkend omgebouwd tot 220
V. Met muziek van het koor van de St. Paul's
cathedral op de achtergrond werd het diner met Jambon de Noël
een groot sukses.
Twee
verrassingen!
Eerst
probeerde ik met Amerikaans spul - twee komponenten, hard als
metaal en druk bestendig - het gebroken T-stuk te repareren. Na
zes uur uitharden monteren en het stuursysteem vullen. Het ging
goed tot Joke olie uit het gerapeerde T-stuk zag spuiten.
Jammer dan, mislukt, maar gelukkig bij een stadje waar misschien
nieuwe onderdelen zijn te vinden. Sea Service, de watersport winke,l
was het eerste adres. Groot was de verrassing van Jacques om mij
weer te zien: het naaimachine onderdeel dat hij ooit achter ons
aan naar St. Maarten stuurde was twee maanden later bij hun terug
bezorgd! Wij hadden op St. Maarten al uren besteed aan het terugvinden
en het uiteindelijk opgegeven. Nu kwam Jacques met het doosje
aanzetten.

het
zoekgeraakte naaimachine onderdeel
De
jongen bij hun in de zaak hielp mij aan een adres waar onderdelen
voor de hydrauliek waren te vinden. Wij er naar toe, lopend in
de warmte, en vonden de zaak snel. De vrouw achter de toonbank
- er lagen RVS koppelstukken in de vitrine! - dacht eerst dat
deze niet pasten - maar ik wilde zeker zijn van de zaak omdat
het een beetje taps moest toelopen. Passen leverde op dat de maat
goed was!!! Overal in Nederland en in Australië naar gevraagd,
hier liggen ze in de eerste de beste winkel! Per paar slechts
€90. Meteen twee paar gekocht, plus 10 m hydraulische slang
en 4 liter olie. Het afrekenen ging helaas wat moeizaam: de VISA-kaarten
pakten niet. Lopend naar de stad om geld te tappen, net voor lunch
sluitingstijd weer terug om te betalen. Eindelijk RVS koppelstukken
die tegen het zoute water kunnen. Geen gedoe meer met vetband
en doorroesten. Bij het demonteren braken de andere T-stukken
heel makkelijk af, we zijn dus een hoop ellende bespaard gebleven.

glimmend
roestvrij staal!
Testvaart
naar Anse Mitan
De
paar mijl naar de overkant van de baai van Fort de France moeten
laten zien dat de stuurinrichting weer werkt als vanouds en dat
de motoren - eindelijk nieuwe brandstoffilters - blijven lopen.
Iets voorbij de helft begon de SB-motor weer te sputteren doch
herstarten hield hem weer even aan de praat. We ankerden vlakbij
de boei met de twee zwarte ballen waar een prachtige koraalbank
onder zit. Hier konden we heerlijk snorkelen en daarna brachten
we een kort bezoek aan het moderne toeristenplaatsje Anse Mitan.
Anse
Noir en Grand Anse d'Arlet in de regen
Op
de genua naar Anse Mitan. Door de wind werden we gedwongen om
het eilandje dat als miltair gebied op de kaart staat heen te
zeilen. Dat kwam goed uit want een motorboot die aan de verkkerde
kant langs voer kreeg een helikopter achter zich aan. Grijze luchten
kwamen snel naderbij en vlak voor we de intieme baai van Anse
Noir invoeren en de genua hadden ingerold barstte de bui los.
Het snorkelen in de regen had wel wat: het water voelde warmer
aan dan de lucht! Daarna Kaap Salomon om naar onze geliefde baai:
Grande Anse d'Arlet, waar je fantastisch kunt duiken en snorkelen
en je op de kant leuke eetgelegenheden hebt. 's Avonds na de regen
naar de pier om een geschikt restaurant uit te zoeken. Er bleek
weinig keus, alleen de grootste was open, hoewel het terras door
de regen niet kon worden gebruikt. De bediening was wat rommelig,
hoewel de goede aantallen werden opgeschreven kwamen we toch een
red snapper te kort en moesten we er werk van maken voor hij op
tafel kwam.
Ankeren
op harde ondergrond
In
de nacht slipten we ook al hadden we het anker gekontroleerd.
We lagen op vijf meter van de achterbuurman dus meteen anker op
en een betere plek zoeken voor de wind ons tegen hem aan zou blazen.
Hij had waarschijnlijk nog niets gemerkt maar toen we de motoren
startten en het anker ophesen zag ik beweging bij hem aan boord.
We ankerden nu op 10 meter, zestig meter ketting en voor de zekerheid
kontroleerde ik nog even met snorkel en duikbril. Wie schetst
mijn verbazing bij het zien van een achterstevoren liggend anker
met de ketting gehaakt achter het harpje voor het lijntje waar
een ankerbal aan kan! Tja, goede raad is duur, weer het anker
op of toch maar even met snorkel naar beneden? Het laatste was
toch het handigste en het lukte zowaar op tien meter diepte het
anker in positie te krijgen, wel belangrijk want we liggen boven
de rand van het diepe deel van de baai.

onderweg
naar Grand Anse d'Arlet

Christmas
tree worm (vlak na de Kerst)
Wandelpad
in het groen
Volgens
de Nederlander die ons 's morgens kwam opzoeken, Douwe van de
"Johanna" - hij kwam ons de groeten doen van zijn neef
Michiel op Vlieland - liep er een schitterend, door gele strepen
aangegeven pad langs de kust. Reden om de boeken erbij te pakken
en na het ochtendbad op stap te gaan. Een enkel regenbuitje zorgde
onderweg voor een frisse geur al werden de wat steilere rotsgedeeltes
hierdoor wat glad. Een schitterende pijlstaartr rups kwam natuurlijk
op de foto. De platgereden "aap" had wel een lange staart
maar was toch waarschijnlijk iets anders. Terug met zijn allen
in één keer met de rubberboot, niemand hoefde te
zwemmen.
Nederlandse
invasie
Opvallend
was de invasie van de Nederlandse driekleur binnen een uur: de
"Fine Fleur", "It Heidenskip" en later de
catamaran "Maraq". De laatste kennen we van het wad
waar we elkaar al eens tegenkwamen. Tegen borreltijd kwamen Douwe
en echtgenote Maaike en Martin en Rosemarie van de "Maraq"
op bezoek. Altijd weer leuk om plannen en ervaringen van andere
zeilers te horen. Intussen was vader Marcel met zijn twee zonen
met de kano op expeditie geweest. Na het snorkelen - Joke vond
weer een schorpioenvis - en de eerste oefeningen van onderwaterfotografie
door Marijke en Emil begon de konditie een woordje mee te spreken.
De popcorn bracht niet voldoende energie, later deden de gevulde
christophenes met medium tenderloin uit Venezuela, perzik met
sour cream en koffie/thee het beter. Al met al een drukke, aktieve
dag die zo wreed begon met het geratel van de ankerketting!
De
vuurdoop
Naar
Le Marin, de grootste en drukste baai waar ook alle huurboten
liggen en alles op het gebied van watersport is te krijgen. De
afstand hemelsbreed is een mijl of 12, stelt dus niets voor. Maar,
windkracht 5 tegen, oceaanrollers tegen en stroom tegen geven
het toch een ander tintje. We motoren het eerste stukje onder
de kust waar de wind zeer grillig is en plotseling kan wegvallen
om even later onder een totaal andere hoek weer terug te komen.
Zodra de Roche Diamant om de hoek zichtbaar wordt hijsen we de
zeilen, de genua moet nog wel een stuk ingerold worden want 24
knopen over dek met deze zee is duidelijk te veel, we zijn tenslotte
geen duikboot. De jongens hebben nu nog dikke pret (later werden
ze wat pipsjes) elke keer als er een forse golf komt aanrollen
en sissend onder de boot verdwijnt. We gaan buitenom de Roche
Diamant - ooit tot Engels oorlogschip verklaard! - maar ook de
zee is daar op zijn woest. Na een uur boksen overstag en de slag
brengt ons net boven deze bijzondere steenklomp tot aan de kust.
Daarna nog vele keren overstag en hoe dichter we bij de baai van
Le Marin/St. Anne komen hoe rustiger het water. Al snel zien we
de masten van de daar voor anker liggende schepen en natuurlijk
de gebouwen van het Club Med komplex. Bij de kust van St. Anne
wordt het ondiep en liggen overal plastic flessen als boeitjes
voor de viskorven. Het is net slalom en volgens mij bleef er ook
eentje even hangen. De zeilen konden worden opgeborgen en op de
motoren tuften we het veld geankerde schepen binnen tot vooraan
bij de zwemboeien. Joke verscheen met een gifblauw mengseltje
("blue dream") om de behouden reis te vieren. Dan naar
de kant voor het strand en een bezoekje aan het zo leuke dorpje
St. Anne waar we ooit carnaval meemaakten. Zowaar de groene flits
bij de ondergaande zon, een kado van de natuur met vast een betekenis
al zijn we niet bijgelovig. Toen ik om half zeven naar de steiger
voer om het gezelschap op te halen zaten ze al luid zingend op
het puntje. Uit de kombuis kwamen al lang heerlijke geuren en
het duurde niet lang of een verrukkelijke Creoolse maaltijd werd
door Joke en haar assisterende dames opgediend. Daarna viel ik
van vermoeidheid in slaap...

golven
tellen als afleiding tegen zeeziekte
Stappen
in Le Marin
Drie
ploegen: 1. naar de supermarkt, 2. naar het strand, 3. naar het
watersportcentrum met wifi. Om half elf kunnen we vertrekken,
weer volgeladen met allerlei heerlijks via de grote Leader Price
supermarkt. Lekker oostenwindje, kracht vier. Gelijk met een andere
catamaran voor de wind richting Roche Diamant. De golven gaan
nu van achteren onder ons door en geven ons af en toe een zijwaartse
zet hetgeen onze roergangster Bertine af en toe handenvol werk
geeft. Maar wat een komfort: met 6-7 knopen in de goede richting,
heel wat anders dan het boksen tegen de golven op de heenreis!
Voorbij Roche Diamant kom je in de luwte van de bergen en Cap
Salomon. Maar eenmaal hier voorbij ligt de baai van Fort de France,
altijd een waar tochtgat. We maken snelheden tot boven de negen
knopen en Emil heeft het als roerganger niet moeilijk en geniet
met volle teugen: dit is zeezeilen! Eenmaal weer in de luwte van
het land valt de wind weg om even later terug te komen uit het
noorden. Tijd om te motoren en met opgerolde genua gaan we recht
op ons doel af: St. Pierre.
St.
Pierre
Op
zaterdagmiddag na vieren is er weinig te beleven in deze stad
die 8 mei 1902 door een vulkaanuitbarsting geteisterd werd: 30.000
doden, 1 overlevende (diep in een gevangeniskerker) en 26 verbrande
en gezonken schepen voor de kust. Kortom, de hoofdstad van Martinique
verdween van de landkaart door een alles verzengende gaswolk van
meer dan 2000 graden die zelfs het zeewater deed koken. Er wonen
nu 9000 mensen, de kerk is gerestaureerd en er is een nieuw overdekt
marktgebouw, een boulevard met palmbomen, een oud museum en een
nieuw museum, een aanlegpier en een prachtig beursgebouw in oude
stijl. Het eenrichtingsverkeer wurmt zich door de straten en kinderen
spelen op het strand. Een visser roeit voorbij, een boot met duikers
gaat terug naar zijn basis. We ankeren achter de "Johanna"
vlakbij de pier. Het diner is vandaag aan de wal en we zitten
nog niet aan tafel als een zware bui losbarst. We zijn de eersten
en worden snel geholpen. Het menu van €14 spreekt ons aan:
vooraf ti-punch of een planteur: vruchtenrumdrank met suiker op
de rand van het glas, naar keuze kip, vis of vleesgerecht, ijs
of pudding toe. De maaltijd was eenvoudig. Bij het afrekenen kregen
we een heerlijk glaasje rum uit waarbij de bodem bestond uit een
vergrootglas met daarin een sexueel gekleurde afbeelding. ..
De
volgende ochtend naar het museum, de douane en de kruidenier.
De douane, tegenwoordig bij het internetcafé, blijkt niet
op tijd open maar Joke voorzag dit en had de ingevulde formulieren
en fotocopiën van de bemanningslijst al klaar en gooide ze
maar door een gat boven de deur. En passant hielp ze een Amerikaan
die ook wilde uitklaren, aan een leeg formulier. Je zal niet weg
kunnen omdat de douaneformaliteiten ter plaatse niet lukken en
je bijvoorbeeld terug moet naar Fort de France!

zondagochtend
In
recordtijd naar Dominica
Met
halve wind, kracht vijf, golven van ruim twee meter scheuren naar
het noorden waar de contouren van Dominica te zien zijn. De Amerikaan
die het eerste stuk motorzeilend met ons opvoer lieten we snel
achter ons. We klokten ruim negen knopen met een stuk ingedraaide
genua. Wel kwam er af en toe een plens water op het voordek of
in het gangboord zodat iedereen lekker in het zonnetje aan lijzijde
in het gangboord zat. Het rollen was behoorlijk hevig met de golven
precies dwars. Eenmaal in de luwte van Dominica komen we in vlak
water en - natuurlijk - vliegt er al snel een bootboy op ons af.
Het is de ons bekende Pancho. Hij helpt ons aan een boei voor
het Fort Young hotel bij het centrum van de hoofdstad Roseau en
biedt aan voor ons een tour over land te organiseren. Wij hebben
de gidsen nog onvoldoende bekeken en zeggen toe hem later via
de marifoon te bellen. Het aanbod op Dominica is groot: vulkaanmeertjes,
watervallen, indianennederzettingen, bananenplantages, oerwoud
met papegaaien, botanische tuin en ga maar door. Er wordt een
tocht afgesproken, om negen uur op de steiger. Acht man een hele
dag voor $165.
Oudejaarsavond
Na
de heerlijke pindasoep komt Joke met een ware sushi-maaltijd op
tafel: schaaltjes krab, gember, avocado, komkommer, naar keuze
inpakken in velletje nori (zeewier) en dippen in wasabi en sojasaus.
Daarna zoeken enkelen hun kooi al op, de rest blijft met spelletjes
wakker. Tegen twaalven is iedereen weer aanwezig en kan het feest
beginnen. De stad blijft stil maar wij niet: toeterend gaan we
het nieuwe jaar in, onze lichtkogel schijnt op het hotel waar
de muziek gewoon door lijkt te gaan. Bij ons vloeit de champagne
rijkelijk, ook aan de jongsten is gedacht. De geroosterde garnalen
smaken best, maar het volgende programmapunt doet alles verbleken:
we worden de eerste Nederlanders die dit jaar een Nieuwjaarsduik
maken. Bij naturisten hoef je dit maar één keer
te zeggen: binnen mum van tijd is ieder uit de kleren en zwemt
een rondje om de Zeevonk. Onder de boot is het lichten van de
zee (zeevonk) goed te zien. Een geweldige start van het nieuwe
jaar: "tweeduizendzeven".
Excursie
in het regenwoud
Even
na negenen arriveerde de taxi en even later ook Pancho. Hij liet
weten een zware nacht te hebben gehad en liet ons over aan de
taxichauffeur. Deze verstond zijn vak en dat van gids uitstekend
en reed naar watervallen, modderbaden en meertjes. Het zoete water
was heerlijk, door het ontbreken van cruiseschepen aan de pier
hadden we het rijk alleen en kon er textielloos worden gebaad.
De wegen waren steil en bochtig en bij interessante plekken werd
gestopt en kregen we uitleg over vruchten, etc. De bus die door
de hurricane David in 1979 sneuvelde onder een woudreus in de
botanische tuin is het monument van oergeweld dat hier over het
eiland kan komen. De lunch was in een klein restaurant onderweg,
door de taxichauffeur aanbevolen. De kwaliteit was goed, de prijs
pittig. De papegaaien lieten zich niet zien. Het laatste stuk
ging over de kustweg naar het noorden. Hier is de tweede stad
van Dominica aan een grote baai waar twee wrakken van vrachtschepen
tegen de kant liggen, ook orkaanslachtoffers. Je zal zoiets in
je achtertuin hebben liggen. Van weghalen is kennelijk geen sprake.
Onze suggestie: laat Indiërs het slopen. Op het steigertje
van het "Purple Turtle" restaurant kwamen meteen weer
boatboys op ons af, dit keer voor de roeitocht de Indian River
op. We maakten de afspraak voor de volgende ochtend. Eenmaal aan
boord tijd voor een drankje en het bekijken van de onderweg gemaakte
foto's. (voor de begrijpende lezer: de Zeevonk zeilde van Roseau
naar Portsmouth, had onderweg te kampen met behoorlijk wat regenbuien
en aardig wat wind uit de goede hoek.)

een
heerlijk zwavelbad

Trafalger
Falls

bananen-boatboy
in Portsmouth
Op
roeitocht in de stromende regen
Lawrence
kwam het gezelschap afhalen en vlak na vertrek barstte de eerste
bui los. Nat tot op het bot en bijna niet vooruit kunnen kijkend
werden we door Lawrence de Indian River opgeroeid. Zware regen
in het tropisch regenwoud. Pas bij het restaurant kon er wat water
van de kleren verdampen. Het wandelpad dieper het woud in was
onbegaanbaar, Duitsers kwamen bemodderd te voorschijn. Terug konden
we meer zien van de schitterende flora en fauna van dit gebied.
Zeer de moeite waard. Eenmaal weer op de Zeevonk konden de doorweekte
kleren uit en stond Joke met vers gebakken bananen muffins en
koffie klaar.

Lawrence
met zijn Sea Bird 2

Indian
River
Nieuw
rekord naar Les Saintes
Een
zeegat van 17 mijl oversteken lijkt niet veel. Zodra we achter
Dominica vandaan kwamen bleek er een dikke windkracht vijf uit
het oosten te staan met bijbehorende rollers. Deze kwamen schuin
van achter in en tilden de Zeevonk soms op tot ongekende hoogte.
We surfden net niet, ook niet toen de fok erbij kwam. De snelheid
lag steeds tussen de 9 en 10 knopen met een maximum van 10,4.
De iets kleinere catamaran voor ons, voor dagtochten en dus relatief
lichter, haalden we geleidelijk in. Bij de Pas de Dames vlogen
we tussen de rotsen door en werd de zee eindelijk wat rustiger.
Het allerlaatste stuk naar Bourg kruisten we op grootzeil en fok.
Op de volle rede zochten we naar een ondiepe plek maar kwamen
toch uit op 10 meter tussen een prachtig Noors jacht, een Engelsman
die ons niet wilde zien en een Fransman die gebaarde dat we boven
zijn anker lagen. Later op de middag kwam de schitterende driemaster
"Sea Cloud II" ook de baai binnen en liet met enorm
geratel zijn anker vallen.

onze
achterburen, de "Sea Cloud II"
Passagieren
in Bourg
De
laatste dagjesmensen stapten rond 5 uur op de veerboot naar Guadeloupe,
een drukte van belang op de veersteiger. In het kleine zeer toeristische
winkelstraatje bleven de meeste winkels nog even open en kon er
naar hartelust worden rondgekeken. Verleidelijke kleren in verleidelijke
kleuren sierden de gevels. Natuurlijk werd ook de internetshop
ontdekt en er zat een man op straat een paar broden te verkopen.
Toch niet de bakker? Het fort boven op de berg zag er verlaten
uit, ook de Franse vlag hing er niet te wapperen. Het werd snel
donker, tijd om een geschikt restaurant op te zoeken. We waren
de eersten die een met blauwe lampen en blauwe kerstverlichting
versierde gelegenheid aan het water binnenvielen. De houten banken
waren wat hard, alles zat goed in de lak. De serveerster in het
rood, de magere kokkin in het rood en de dikke kokkin in het groen
sloofden zich behoorlijk uit. Het werd vol en toch zagen ze kans
in de kleine open keuken heerlijke maaltijden te bereiden. De
jongens werden het eerst geholpen en kregen een menu met hamburger
en patat. Snel zaten ze op het strand en vonden daar "fossielen"
dachten ze (het zijn chitons, doen inderdaad prehistorisch aan
met hun platte schild). Als echte Nederlanders konden ze de drang
naar zandkastelen maken niet onderdrukken en in het donker verschenen
wat onbestemde bouwsels die de aanrollende golven moesten trotseren.

kan
het mooier?
Inklaren
op zijn Frans
Het
mooie gemeentehuis van Bourg is ook politiebureau, douanekantoor
en misschien nog wel meer. De raadszaal is beneden aan de straatkant
met veel glas. Via de achteringang kom je binnen en de bode wees
voor het inklaren de deur "Police" aan. De formaliteiten
zijn eenvoudig: alleen moeten de formulieren naar Point à
Pitre worden gefaxd en mogen wij over een uur terugkomen. De tijd
benutten we met een bezoek aan de boulangerie waar ze zelfs bruin
stokbrood verkopen, een kopje koffie met gebak aan boord, ophalen
van de fietsen en een fietstocht naar de verschillende stranden.
Intussen zijn de anderen lopend tegen de berg op naar het Fort
Napoleon met zijn museum, schitterende uitzicht en de grote leguanen.
We vinden elkaar weer op de steiger waar het een drukte van belang
is. De driemaster Sea Cloud II, de viermaster Sea Cloud, een klein
cruiseschip en twee grote catamarans met dagjesmensen komen er
met bootjes aan, naast de steiger waar de veerboten grote hoeveelheden
mensen uitspugen. Het toeristencircus begint op volle toeren te
draaien. De tientallen scooters zijn snel verhuurd en de busjes
voor sightseeing zijn snel gevuld.

op
de fiets de stranden af: hier is de branding te woest

leguaan
Fort Napoleon
Naar
Île de Cabrit
Het
geiteneiland doet zijn naam eer aan, we worden verwelkomd door
een stel geiten, al voor we het achteranker hebben liggen. De
jongens te water en naar het strand waar in mum van tijd hun eerste
fort werd gebouwd. De anderen gingen snorkelen. Intussen moeten
wij het roer aan de strandkant optrekken omdat we steeds dichter
bij een rots kwamen door de stroom. Maar we waren nog niet klaar:
de wind draaide achter het eiland en we lagen aan lagerwal. De
Engelsman, "Lost Horizon", draaide nu boven ons anker.
Voor de nacht toch wat onrustig, zo naast de rotsen, stel je voor
dat ons achteranker aan het slippen gaat, altijd midden in de
nacht natuurlijk. We besloten naar de ankerplek achter Le Pain
du Sûcre te gaan waar ook de catamaran "Yassa"
van Philippe en Valérie ligt. We kwamen Philippe al tegen
in het dorp. Met een beetje hulp van de Engelsman - we kwamen
ook wel heel dreigend op hem af - konden we vrij blijven van de
rotsen en het anker boven water krijgen. Joke en Marcel klaarden
het achter anker met de rubberboot, alles verliep zeer rustig
en gekontroleerd. Bij de nieuwe ankerplaats aangekomen racete
een Fransman voor langs om snel zijn anker te laten vallen. Typisch
Frans? Even later zagen we hem in het water stappen met snorkel
en kwamen twee visboeitjes boven water: over boeien heen gevaren,
zou er nog wat aan zitten? Hij gooide de boeitjes in zijn rubberboot,
hees zijn bootje op, vervolgens het anker en voer weg. Wij zetten
het hekanker weer uit zodat we de golven wat minder dwars in kregen,
het beloofde een rustiger nacht te worden dan de vorige toen we
door windstoten en flinke rollers een beetje uit de slaap werden
gehouden. De kano werd gelanceerd voor een tochtje rond de kaap
naar het naturistenstrand, anderen gingen snorkelen doch zagen
noch de inktvissen, noch de flying garnets met hun schitterende
vleugels die we hier eigenlijk altijd zien. We vierden de plek
met een lekker drankje en Joke en ik gingen even op bezoek bij
Philippe en Valérie. Het diner: couscous en lamsbout (we
kregen geen geit te pakken) smaakte voortreffelijk. De wifi van
het hotel stond open maar was te zwak.
Laatste
etappes
Het
gezelschap wil de vulkaan op Guadeloupe nog op en na veel puzzelen
komt als oplossing te voorschijn: zeilen naar Rivière Sens
(vlak onder de hoofdstad Basseterre). Daar een of meer auto's
huren en na het vulkaanbezoek naar de baai tegenover Pigeon Island
waar wij de Zeevonk naar toe varen. De volgende dag met de huurauto
naar Point à Pitre en 's avonds naar het vliegveld. Vertrek
de volgende morgen vanaf Les Saints om acht uur.

onze
racende stuurvrouwe
Voor
achten zagen Emil en ik kans om het hekanker op 6 meter diepte
te klaren. Even na achten voeren we weg richting vuurtoren op
de zuidwestpunt van Guadeloupe. Zodra we uit de de windschaduw
van de eilanden waren bleek er een dikke vijf te staan en met
bakstagwind haalden we met Marijke aan het roer regelmatig de
10 knopen met als maximum 11,2. Vlak voor de kust voeren we bijna
over een grote schildpad. We ankerden voor Rivière Sens
en waren royaal voor op schema. In het gangboord lag een stille
getuige van onze snelheid: een mini-vliegende vis. Volgens Emil
had Marijke recht op twee bonnen: te snel varen en een schildpad
overvaren. Ik zette ze af in de jachthaven voor de "Location
de Voitures". Daar liep het anders, geen auto's (meer?),
maar verderop een tweede mogelijkheid. Hier kwamen ze wel aan
een auto maar die moet 's avonds terug zijn. Goede raad is duur,
dan maar 's avonds met de taxi of de bus terug naar de baai van
Pigeon Island.

onder
de kust van Guadeloupe

op
de uitkijk...

...maar
dit bleef de enige dolfijn die we zagen
Beklimming
van de vulkaan
De
parkeerplaats halverwege de vulkaan La Soufrière was maar
10 km van de kust. De hoger gelegen parkeerplaats waar de trails
begonnen kon (nog?) niet met de auto worden bereikt zodat de wandeling
naar de top nu 2,5 uur duurde. Ondanks het mooie weer liep je
wel in de wolken, dus mist, vochtig, koud met veel wind, later
te veel wind. Het pad was prachtig, eerst een stuk regenwoud dan
kaler, met mos begroeide rotsen en veel erosie met een grote variatie
aan kleuren. Er was een stuk met enorme treden, voor kleine mensen
bijna niet te beklimmen. Af en toe kwam je andere wandelaars tegen,
redelijk populair dus. De bewegwijzering was niet optimaal, een
foto van bord met alle paden erop gaf een beetje inzicht in de
mogelijkheden. Hierop een wandeling rond de krater en een vier
uur durende tocht. Voor de diehards dus volop avontuur. Het vulkaanmuseum
was in het nabijgelegen dorpje, hiervoor bleek de tijd te kort.
Door de wolken was het zicht beperkt en kon je niet in de krater
kijken. De laatste uitbarsting was in 1979 en momenteel wordt
er 7 dagen per week gemonitored op aktiviteit. Men wil niet voor
verrassingen komen te staan. Alles bijelkaar zeer de moeite waard
om het van dichtbij te zien! Het is al donker als het gezelschap
met de lijnbus arriveert in Malendure waar de Zeevonk nabij het
populaire strand en de steiger van de duikbootjes en de glasbodemboot
ligt. Tijdens de koffie veel gespetter rondom, kennelijk zijn
de vissen op jacht en proberen de opgejaagde vissen te ontsnappen
door salto's in de lucht te maken. Of zou het te maken hebben
met onze knipperende kerstverlichting die door Marcel omgebouwd
is van 110 naar 220 volt?

vermoeid
en koud op de top van La Soufrière
Laatste
dag geslagen
Het
is rustig weer, een goede reden om vroeg naar de Îles de
Pigeon te varen, daar ontbijten tegen zonsopkomst en vervolgens
te water om het Jaques Cousteau onderwaterpark te bekijken. Het
eerste bootje met duikers/snorkelaars arriveert als Marijke net
klaar is met onderwater filmen. We maken los en zeilen naar de
baai van Deshaies. Bij het binnenvaren komt een dreigende lucht
op ons af en vlak voor de bui losbarst hebben we de zeilen gestreken.

een
typisch Hollands portret?

een
naturiste in aktie

de
zeemeermin bekijkt haar onderwaterfoto's
De
reis zit er op. Een auto huren en die op het vliegveld afleveren
was niet mogelijk, dus een grote taxi besteld en na tweeën
nadat een flinke bui de straten had schoongespoeld en de dame
van de VVV nog een keer belde, kwam een luxe bus voorrijden. De
terugreis kan beginnen.
volgend
verslag
gastenboek
openingspagina