Zeezeilen voor naturisten

avontuurlijke zeilvakanties  met de kajuitcatamaran "Zeevonk"
ontdek de kleurrijke Carieb
 

 

e-mail: info@catzeiltochten.nl

onze vertegenwoordigster Margje in Nederland: 0647130930 of 00870 764020057 (Zeevonk)He

waar zijn we? wie zijn we?

Reis naar de zon deel 52

Martinique-Guadeloupe

24 december 2006 - 5 januari 2007

Communicatie in het Frans blijft moeilijk

Het vliegtuig met onze Kerstgasten, acht man sterk, zou omstreeks half acht arriveren. We schatten de tijd nodig voor uitstappen, bagage en douane op een half uur tot één uur. De taxi van Lamentin naar Fort de France moet het in een half uur kunnen doen. Om negen uur zaten we op de boulevard om ze te verwelkomen. Na anderhalf uur wachten maar weer terug naar de Zeevonk, het vliegtuig zal wel vertraging hebben. Opgebeld naar hun mobiele nummer, ingesproken. Om twee uur gingen we naar bed...

De volgende ochtend lag er een email van Rinske uit Nederland: de gasten konden ons niet vinden en zijn ten einde raad in een hotel gekropen.Ze probeerden ons te bellen doch kregen geen gehoor.

Wij weer een belpoging en nu was het raak! Om een uur of negen zouden ze op de kant staan. En ja hoor, daar waren ze! Tegen de taxichauffeur hadden ze iets van "le marine" gezegd en deze begreep dat ze Le Marin bedoelden, aan de zuidoostkant van het eiland. Daar liggen honderden schepen en zou je de Zeevonk niet makkelijk vinden. Vervolgens noemden ze Fort de France en hier liepen ze om half elf op de kade, zagen schepen liggen maar herkenden de Zeevonk helaas niet. We lagen als achterste schip vanwege de problemen met stuurinrichting en motoren. Wij keken regelmatig met de verrekijker of we witte mensen op de kant zagen, maar nee, alleen zwarten waren zich er aan het vermaken. Konklusie: we hebben elkaar op minder dan een half uur gemist. Hoe het nou kon dat ze ons telefonisch niet konden bereiken is ons een raadsel. De volgende morgen lukte het prima.

Met huurauto's de zuidelijke helft van Martinique rond

Op het verlanglijstje staan een rumfabriek, een bananenplantage en nog meer van dat soort bezienswaardigheden. Martinique is hierin ruim bedeeld en enthousiast kwam men 's avonds terug.

Kerstdiner door gezamenlijke inspanning

Joke heeft goede ervaring met samenwerking op kookgebied dus iedereen kreeg een taak op papier en een bakje met ingrediënten. Hierdoor werd een meergangen diner een fluitje van een cent en voelde ieder zich betrokken en verantwoordelijk. De Kerstverlichting bestond uit louter kaarsen, het elektrische setje dat we in Porlamar kochten en voor 110 V was kreeg ik (nog) niet werkend omgebouwd tot 220 V. Met muziek van het koor van de St. Paul's cathedral op de achtergrond werd het diner met Jambon de Noël een groot sukses.

Twee verrassingen!

Eerst probeerde ik met Amerikaans spul - twee komponenten, hard als metaal en druk bestendig - het gebroken T-stuk te repareren. Na zes uur uitharden monteren en het stuursysteem vullen. Het ging goed tot Joke olie uit het gerapeerde T-stuk zag spuiten.

Jammer dan, mislukt, maar gelukkig bij een stadje waar misschien nieuwe onderdelen zijn te vinden. Sea Service, de watersport winke,l was het eerste adres. Groot was de verrassing van Jacques om mij weer te zien: het naaimachine onderdeel dat hij ooit achter ons aan naar St. Maarten stuurde was twee maanden later bij hun terug bezorgd! Wij hadden op St. Maarten al uren besteed aan het terugvinden en het uiteindelijk opgegeven. Nu kwam Jacques met het doosje aanzetten.

het zoekgeraakte naaimachine onderdeel

De jongen bij hun in de zaak hielp mij aan een adres waar onderdelen voor de hydrauliek waren te vinden. Wij er naar toe, lopend in de warmte, en vonden de zaak snel. De vrouw achter de toonbank - er lagen RVS koppelstukken in de vitrine! - dacht eerst dat deze niet pasten - maar ik wilde zeker zijn van de zaak omdat het een beetje taps moest toelopen. Passen leverde op dat de maat goed was!!! Overal in Nederland en in Australië naar gevraagd, hier liggen ze in de eerste de beste winkel! Per paar slechts €90. Meteen twee paar gekocht, plus 10 m hydraulische slang en 4 liter olie. Het afrekenen ging helaas wat moeizaam: de VISA-kaarten pakten niet. Lopend naar de stad om geld te tappen, net voor lunch sluitingstijd weer terug om te betalen. Eindelijk RVS koppelstukken die tegen het zoute water kunnen. Geen gedoe meer met vetband en doorroesten. Bij het demonteren braken de andere T-stukken heel makkelijk af, we zijn dus een hoop ellende bespaard gebleven.

glimmend roestvrij staal!

Testvaart naar Anse Mitan

De paar mijl naar de overkant van de baai van Fort de France moeten laten zien dat de stuurinrichting weer werkt als vanouds en dat de motoren - eindelijk nieuwe brandstoffilters - blijven lopen. Iets voorbij de helft begon de SB-motor weer te sputteren doch herstarten hield hem weer even aan de praat. We ankerden vlakbij de boei met de twee zwarte ballen waar een prachtige koraalbank onder zit. Hier konden we heerlijk snorkelen en daarna brachten we een kort bezoek aan het moderne toeristenplaatsje Anse Mitan.

Anse Noir en Grand Anse d'Arlet in de regen

Op de genua naar Anse Mitan. Door de wind werden we gedwongen om het eilandje dat als miltair gebied op de kaart staat heen te zeilen. Dat kwam goed uit want een motorboot die aan de verkkerde kant langs voer kreeg een helikopter achter zich aan. Grijze luchten kwamen snel naderbij en vlak voor we de intieme baai van Anse Noir invoeren en de genua hadden ingerold barstte de bui los. Het snorkelen in de regen had wel wat: het water voelde warmer aan dan de lucht! Daarna Kaap Salomon om naar onze geliefde baai: Grande Anse d'Arlet, waar je fantastisch kunt duiken en snorkelen en je op de kant leuke eetgelegenheden hebt. 's Avonds na de regen naar de pier om een geschikt restaurant uit te zoeken. Er bleek weinig keus, alleen de grootste was open, hoewel het terras door de regen niet kon worden gebruikt. De bediening was wat rommelig, hoewel de goede aantallen werden opgeschreven kwamen we toch een red snapper te kort en moesten we er werk van maken voor hij op tafel kwam.

Ankeren op harde ondergrond

In de nacht slipten we ook al hadden we het anker gekontroleerd. We lagen op vijf meter van de achterbuurman dus meteen anker op en een betere plek zoeken voor de wind ons tegen hem aan zou blazen. Hij had waarschijnlijk nog niets gemerkt maar toen we de motoren startten en het anker ophesen zag ik beweging bij hem aan boord. We ankerden nu op 10 meter, zestig meter ketting en voor de zekerheid kontroleerde ik nog even met snorkel en duikbril. Wie schetst mijn verbazing bij het zien van een achterstevoren liggend anker met de ketting gehaakt achter het harpje voor het lijntje waar een ankerbal aan kan! Tja, goede raad is duur, weer het anker op of toch maar even met snorkel naar beneden? Het laatste was toch het handigste en het lukte zowaar op tien meter diepte het anker in positie te krijgen, wel belangrijk want we liggen boven de rand van het diepe deel van de baai.

onderweg naar Grand Anse d'Arlet

Christmas tree worm (vlak na de Kerst)

Wandelpad in het groen

Volgens de Nederlander die ons 's morgens kwam opzoeken, Douwe van de "Johanna" - hij kwam ons de groeten doen van zijn neef Michiel op Vlieland - liep er een schitterend, door gele strepen aangegeven pad langs de kust. Reden om de boeken erbij te pakken en na het ochtendbad op stap te gaan. Een enkel regenbuitje zorgde onderweg voor een frisse geur al werden de wat steilere rotsgedeeltes hierdoor wat glad. Een schitterende pijlstaartr rups kwam natuurlijk op de foto. De platgereden "aap" had wel een lange staart maar was toch waarschijnlijk iets anders. Terug met zijn allen in één keer met de rubberboot, niemand hoefde te zwemmen.

Nederlandse invasie

Opvallend was de invasie van de Nederlandse driekleur binnen een uur: de "Fine Fleur", "It Heidenskip" en later de catamaran "Maraq". De laatste kennen we van het wad waar we elkaar al eens tegenkwamen. Tegen borreltijd kwamen Douwe en echtgenote Maaike en Martin en Rosemarie van de "Maraq" op bezoek. Altijd weer leuk om plannen en ervaringen van andere zeilers te horen. Intussen was vader Marcel met zijn twee zonen met de kano op expeditie geweest. Na het snorkelen - Joke vond weer een schorpioenvis - en de eerste oefeningen van onderwaterfotografie door Marijke en Emil begon de konditie een woordje mee te spreken. De popcorn bracht niet voldoende energie, later deden de gevulde christophenes met medium tenderloin uit Venezuela, perzik met sour cream en koffie/thee het beter. Al met al een drukke, aktieve dag die zo wreed begon met het geratel van de ankerketting!

De vuurdoop

Naar Le Marin, de grootste en drukste baai waar ook alle huurboten liggen en alles op het gebied van watersport is te krijgen. De afstand hemelsbreed is een mijl of 12, stelt dus niets voor. Maar, windkracht 5 tegen, oceaanrollers tegen en stroom tegen geven het toch een ander tintje. We motoren het eerste stukje onder de kust waar de wind zeer grillig is en plotseling kan wegvallen om even later onder een totaal andere hoek weer terug te komen. Zodra de Roche Diamant om de hoek zichtbaar wordt hijsen we de zeilen, de genua moet nog wel een stuk ingerold worden want 24 knopen over dek met deze zee is duidelijk te veel, we zijn tenslotte geen duikboot. De jongens hebben nu nog dikke pret (later werden ze wat pipsjes) elke keer als er een forse golf komt aanrollen en sissend onder de boot verdwijnt. We gaan buitenom de Roche Diamant - ooit tot Engels oorlogschip verklaard! - maar ook de zee is daar op zijn woest. Na een uur boksen overstag en de slag brengt ons net boven deze bijzondere steenklomp tot aan de kust. Daarna nog vele keren overstag en hoe dichter we bij de baai van Le Marin/St. Anne komen hoe rustiger het water. Al snel zien we de masten van de daar voor anker liggende schepen en natuurlijk de gebouwen van het Club Med komplex. Bij de kust van St. Anne wordt het ondiep en liggen overal plastic flessen als boeitjes voor de viskorven. Het is net slalom en volgens mij bleef er ook eentje even hangen. De zeilen konden worden opgeborgen en op de motoren tuften we het veld geankerde schepen binnen tot vooraan bij de zwemboeien. Joke verscheen met een gifblauw mengseltje ("blue dream") om de behouden reis te vieren. Dan naar de kant voor het strand en een bezoekje aan het zo leuke dorpje St. Anne waar we ooit carnaval meemaakten. Zowaar de groene flits bij de ondergaande zon, een kado van de natuur met vast een betekenis al zijn we niet bijgelovig. Toen ik om half zeven naar de steiger voer om het gezelschap op te halen zaten ze al luid zingend op het puntje. Uit de kombuis kwamen al lang heerlijke geuren en het duurde niet lang of een verrukkelijke Creoolse maaltijd werd door Joke en haar assisterende dames opgediend. Daarna viel ik van vermoeidheid in slaap...

golven tellen als afleiding tegen zeeziekte

Stappen in Le Marin

Drie ploegen: 1. naar de supermarkt, 2. naar het strand, 3. naar het watersportcentrum met wifi. Om half elf kunnen we vertrekken, weer volgeladen met allerlei heerlijks via de grote Leader Price supermarkt. Lekker oostenwindje, kracht vier. Gelijk met een andere catamaran voor de wind richting Roche Diamant. De golven gaan nu van achteren onder ons door en geven ons af en toe een zijwaartse zet hetgeen onze roergangster Bertine af en toe handenvol werk geeft. Maar wat een komfort: met 6-7 knopen in de goede richting, heel wat anders dan het boksen tegen de golven op de heenreis! Voorbij Roche Diamant kom je in de luwte van de bergen en Cap Salomon. Maar eenmaal hier voorbij ligt de baai van Fort de France, altijd een waar tochtgat. We maken snelheden tot boven de negen knopen en Emil heeft het als roerganger niet moeilijk en geniet met volle teugen: dit is zeezeilen! Eenmaal weer in de luwte van het land valt de wind weg om even later terug te komen uit het noorden. Tijd om te motoren en met opgerolde genua gaan we recht op ons doel af: St. Pierre.

St. Pierre

Op zaterdagmiddag na vieren is er weinig te beleven in deze stad die 8 mei 1902 door een vulkaanuitbarsting geteisterd werd: 30.000 doden, 1 overlevende (diep in een gevangeniskerker) en 26 verbrande en gezonken schepen voor de kust. Kortom, de hoofdstad van Martinique verdween van de landkaart door een alles verzengende gaswolk van meer dan 2000 graden die zelfs het zeewater deed koken. Er wonen nu 9000 mensen, de kerk is gerestaureerd en er is een nieuw overdekt marktgebouw, een boulevard met palmbomen, een oud museum en een nieuw museum, een aanlegpier en een prachtig beursgebouw in oude stijl. Het eenrichtingsverkeer wurmt zich door de straten en kinderen spelen op het strand. Een visser roeit voorbij, een boot met duikers gaat terug naar zijn basis. We ankeren achter de "Johanna" vlakbij de pier. Het diner is vandaag aan de wal en we zitten nog niet aan tafel als een zware bui losbarst. We zijn de eersten en worden snel geholpen. Het menu van €14 spreekt ons aan: vooraf ti-punch of een planteur: vruchtenrumdrank met suiker op de rand van het glas, naar keuze kip, vis of vleesgerecht, ijs of pudding toe. De maaltijd was eenvoudig. Bij het afrekenen kregen we een heerlijk glaasje rum uit waarbij de bodem bestond uit een vergrootglas met daarin een sexueel gekleurde afbeelding. ..

De volgende ochtend naar het museum, de douane en de kruidenier. De douane, tegenwoordig bij het internetcafé, blijkt niet op tijd open maar Joke voorzag dit en had de ingevulde formulieren en fotocopiën van de bemanningslijst al klaar en gooide ze maar door een gat boven de deur. En passant hielp ze een Amerikaan die ook wilde uitklaren, aan een leeg formulier. Je zal niet weg kunnen omdat de douaneformaliteiten ter plaatse niet lukken en je bijvoorbeeld terug moet naar Fort de France!

zondagochtend

In recordtijd naar Dominica

Met halve wind, kracht vijf, golven van ruim twee meter scheuren naar het noorden waar de contouren van Dominica te zien zijn. De Amerikaan die het eerste stuk motorzeilend met ons opvoer lieten we snel achter ons. We klokten ruim negen knopen met een stuk ingedraaide genua. Wel kwam er af en toe een plens water op het voordek of in het gangboord zodat iedereen lekker in het zonnetje aan lijzijde in het gangboord zat. Het rollen was behoorlijk hevig met de golven precies dwars. Eenmaal in de luwte van Dominica komen we in vlak water en - natuurlijk - vliegt er al snel een bootboy op ons af. Het is de ons bekende Pancho. Hij helpt ons aan een boei voor het Fort Young hotel bij het centrum van de hoofdstad Roseau en biedt aan voor ons een tour over land te organiseren. Wij hebben de gidsen nog onvoldoende bekeken en zeggen toe hem later via de marifoon te bellen. Het aanbod op Dominica is groot: vulkaanmeertjes, watervallen, indianennederzettingen, bananenplantages, oerwoud met papegaaien, botanische tuin en ga maar door. Er wordt een tocht afgesproken, om negen uur op de steiger. Acht man een hele dag voor $165.

Oudejaarsavond

Na de heerlijke pindasoep komt Joke met een ware sushi-maaltijd op tafel: schaaltjes krab, gember, avocado, komkommer, naar keuze inpakken in velletje nori (zeewier) en dippen in wasabi en sojasaus. Daarna zoeken enkelen hun kooi al op, de rest blijft met spelletjes wakker. Tegen twaalven is iedereen weer aanwezig en kan het feest beginnen. De stad blijft stil maar wij niet: toeterend gaan we het nieuwe jaar in, onze lichtkogel schijnt op het hotel waar de muziek gewoon door lijkt te gaan. Bij ons vloeit de champagne rijkelijk, ook aan de jongsten is gedacht. De geroosterde garnalen smaken best, maar het volgende programmapunt doet alles verbleken: we worden de eerste Nederlanders die dit jaar een Nieuwjaarsduik maken. Bij naturisten hoef je dit maar één keer te zeggen: binnen mum van tijd is ieder uit de kleren en zwemt een rondje om de Zeevonk. Onder de boot is het lichten van de zee (zeevonk) goed te zien. Een geweldige start van het nieuwe jaar: "tweeduizendzeven".

Excursie in het regenwoud

Even na negenen arriveerde de taxi en even later ook Pancho. Hij liet weten een zware nacht te hebben gehad en liet ons over aan de taxichauffeur. Deze verstond zijn vak en dat van gids uitstekend en reed naar watervallen, modderbaden en meertjes. Het zoete water was heerlijk, door het ontbreken van cruiseschepen aan de pier hadden we het rijk alleen en kon er textielloos worden gebaad. De wegen waren steil en bochtig en bij interessante plekken werd gestopt en kregen we uitleg over vruchten, etc. De bus die door de hurricane David in 1979 sneuvelde onder een woudreus in de botanische tuin is het monument van oergeweld dat hier over het eiland kan komen. De lunch was in een klein restaurant onderweg, door de taxichauffeur aanbevolen. De kwaliteit was goed, de prijs pittig. De papegaaien lieten zich niet zien. Het laatste stuk ging over de kustweg naar het noorden. Hier is de tweede stad van Dominica aan een grote baai waar twee wrakken van vrachtschepen tegen de kant liggen, ook orkaanslachtoffers. Je zal zoiets in je achtertuin hebben liggen. Van weghalen is kennelijk geen sprake. Onze suggestie: laat Indiërs het slopen. Op het steigertje van het "Purple Turtle" restaurant kwamen meteen weer boatboys op ons af, dit keer voor de roeitocht de Indian River op. We maakten de afspraak voor de volgende ochtend. Eenmaal aan boord tijd voor een drankje en het bekijken van de onderweg gemaakte foto's. (voor de begrijpende lezer: de Zeevonk zeilde van Roseau naar Portsmouth, had onderweg te kampen met behoorlijk wat regenbuien en aardig wat wind uit de goede hoek.)

een heerlijk zwavelbad

Trafalger Falls

bananen-boatboy in Portsmouth

Op roeitocht in de stromende regen

Lawrence kwam het gezelschap afhalen en vlak na vertrek barstte de eerste bui los. Nat tot op het bot en bijna niet vooruit kunnen kijkend werden we door Lawrence de Indian River opgeroeid. Zware regen in het tropisch regenwoud. Pas bij het restaurant kon er wat water van de kleren verdampen. Het wandelpad dieper het woud in was onbegaanbaar, Duitsers kwamen bemodderd te voorschijn. Terug konden we meer zien van de schitterende flora en fauna van dit gebied. Zeer de moeite waard. Eenmaal weer op de Zeevonk konden de doorweekte kleren uit en stond Joke met vers gebakken bananen muffins en koffie klaar.

Lawrence met zijn Sea Bird 2

Indian River

Nieuw rekord naar Les Saintes

Een zeegat van 17 mijl oversteken lijkt niet veel. Zodra we achter Dominica vandaan kwamen bleek er een dikke windkracht vijf uit het oosten te staan met bijbehorende rollers. Deze kwamen schuin van achter in en tilden de Zeevonk soms op tot ongekende hoogte. We surfden net niet, ook niet toen de fok erbij kwam. De snelheid lag steeds tussen de 9 en 10 knopen met een maximum van 10,4. De iets kleinere catamaran voor ons, voor dagtochten en dus relatief lichter, haalden we geleidelijk in. Bij de Pas de Dames vlogen we tussen de rotsen door en werd de zee eindelijk wat rustiger. Het allerlaatste stuk naar Bourg kruisten we op grootzeil en fok. Op de volle rede zochten we naar een ondiepe plek maar kwamen toch uit op 10 meter tussen een prachtig Noors jacht, een Engelsman die ons niet wilde zien en een Fransman die gebaarde dat we boven zijn anker lagen. Later op de middag kwam de schitterende driemaster "Sea Cloud II" ook de baai binnen en liet met enorm geratel zijn anker vallen.

onze achterburen, de "Sea Cloud II"

Passagieren in Bourg

De laatste dagjesmensen stapten rond 5 uur op de veerboot naar Guadeloupe, een drukte van belang op de veersteiger. In het kleine zeer toeristische winkelstraatje bleven de meeste winkels nog even open en kon er naar hartelust worden rondgekeken. Verleidelijke kleren in verleidelijke kleuren sierden de gevels. Natuurlijk werd ook de internetshop ontdekt en er zat een man op straat een paar broden te verkopen. Toch niet de bakker? Het fort boven op de berg zag er verlaten uit, ook de Franse vlag hing er niet te wapperen. Het werd snel donker, tijd om een geschikt restaurant op te zoeken. We waren de eersten die een met blauwe lampen en blauwe kerstverlichting versierde gelegenheid aan het water binnenvielen. De houten banken waren wat hard, alles zat goed in de lak. De serveerster in het rood, de magere kokkin in het rood en de dikke kokkin in het groen sloofden zich behoorlijk uit. Het werd vol en toch zagen ze kans in de kleine open keuken heerlijke maaltijden te bereiden. De jongens werden het eerst geholpen en kregen een menu met hamburger en patat. Snel zaten ze op het strand en vonden daar "fossielen" dachten ze (het zijn chitons, doen inderdaad prehistorisch aan met hun platte schild). Als echte Nederlanders konden ze de drang naar zandkastelen maken niet onderdrukken en in het donker verschenen wat onbestemde bouwsels die de aanrollende golven moesten trotseren.

kan het mooier?

Inklaren op zijn Frans

Het mooie gemeentehuis van Bourg is ook politiebureau, douanekantoor en misschien nog wel meer. De raadszaal is beneden aan de straatkant met veel glas. Via de achteringang kom je binnen en de bode wees voor het inklaren de deur "Police" aan. De formaliteiten zijn eenvoudig: alleen moeten de formulieren naar Point à Pitre worden gefaxd en mogen wij over een uur terugkomen. De tijd benutten we met een bezoek aan de boulangerie waar ze zelfs bruin stokbrood verkopen, een kopje koffie met gebak aan boord, ophalen van de fietsen en een fietstocht naar de verschillende stranden. Intussen zijn de anderen lopend tegen de berg op naar het Fort Napoleon met zijn museum, schitterende uitzicht en de grote leguanen. We vinden elkaar weer op de steiger waar het een drukte van belang is. De driemaster Sea Cloud II, de viermaster Sea Cloud, een klein cruiseschip en twee grote catamarans met dagjesmensen komen er met bootjes aan, naast de steiger waar de veerboten grote hoeveelheden mensen uitspugen. Het toeristencircus begint op volle toeren te draaien. De tientallen scooters zijn snel verhuurd en de busjes voor sightseeing zijn snel gevuld.

op de fiets de stranden af: hier is de branding te woest

leguaan Fort Napoleon

Naar Île de Cabrit

Het geiteneiland doet zijn naam eer aan, we worden verwelkomd door een stel geiten, al voor we het achteranker hebben liggen. De jongens te water en naar het strand waar in mum van tijd hun eerste fort werd gebouwd. De anderen gingen snorkelen. Intussen moeten wij het roer aan de strandkant optrekken omdat we steeds dichter bij een rots kwamen door de stroom. Maar we waren nog niet klaar: de wind draaide achter het eiland en we lagen aan lagerwal. De Engelsman, "Lost Horizon", draaide nu boven ons anker. Voor de nacht toch wat onrustig, zo naast de rotsen, stel je voor dat ons achteranker aan het slippen gaat, altijd midden in de nacht natuurlijk. We besloten naar de ankerplek achter Le Pain du Sûcre te gaan waar ook de catamaran "Yassa" van Philippe en Valérie ligt. We kwamen Philippe al tegen in het dorp. Met een beetje hulp van de Engelsman - we kwamen ook wel heel dreigend op hem af - konden we vrij blijven van de rotsen en het anker boven water krijgen. Joke en Marcel klaarden het achter anker met de rubberboot, alles verliep zeer rustig en gekontroleerd. Bij de nieuwe ankerplaats aangekomen racete een Fransman voor langs om snel zijn anker te laten vallen. Typisch Frans? Even later zagen we hem in het water stappen met snorkel en kwamen twee visboeitjes boven water: over boeien heen gevaren, zou er nog wat aan zitten? Hij gooide de boeitjes in zijn rubberboot, hees zijn bootje op, vervolgens het anker en voer weg. Wij zetten het hekanker weer uit zodat we de golven wat minder dwars in kregen, het beloofde een rustiger nacht te worden dan de vorige toen we door windstoten en flinke rollers een beetje uit de slaap werden gehouden. De kano werd gelanceerd voor een tochtje rond de kaap naar het naturistenstrand, anderen gingen snorkelen doch zagen noch de inktvissen, noch de flying garnets met hun schitterende vleugels die we hier eigenlijk altijd zien. We vierden de plek met een lekker drankje en Joke en ik gingen even op bezoek bij Philippe en Valérie. Het diner: couscous en lamsbout (we kregen geen geit te pakken) smaakte voortreffelijk. De wifi van het hotel stond open maar was te zwak.

Laatste etappes

Het gezelschap wil de vulkaan op Guadeloupe nog op en na veel puzzelen komt als oplossing te voorschijn: zeilen naar Rivière Sens (vlak onder de hoofdstad Basseterre). Daar een of meer auto's huren en na het vulkaanbezoek naar de baai tegenover Pigeon Island waar wij de Zeevonk naar toe varen. De volgende dag met de huurauto naar Point à Pitre en 's avonds naar het vliegveld. Vertrek de volgende morgen vanaf Les Saints om acht uur.

 

onze racende stuurvrouwe

Voor achten zagen Emil en ik kans om het hekanker op 6 meter diepte te klaren. Even na achten voeren we weg richting vuurtoren op de zuidwestpunt van Guadeloupe. Zodra we uit de de windschaduw van de eilanden waren bleek er een dikke vijf te staan en met bakstagwind haalden we met Marijke aan het roer regelmatig de 10 knopen met als maximum 11,2. Vlak voor de kust voeren we bijna over een grote schildpad. We ankerden voor Rivière Sens en waren royaal voor op schema. In het gangboord lag een stille getuige van onze snelheid: een mini-vliegende vis. Volgens Emil had Marijke recht op twee bonnen: te snel varen en een schildpad overvaren. Ik zette ze af in de jachthaven voor de "Location de Voitures". Daar liep het anders, geen auto's (meer?), maar verderop een tweede mogelijkheid. Hier kwamen ze wel aan een auto maar die moet 's avonds terug zijn. Goede raad is duur, dan maar 's avonds met de taxi of de bus terug naar de baai van Pigeon Island.

onder de kust van Guadeloupe

op de uitkijk...

...maar dit bleef de enige dolfijn die we zagen

Beklimming van de vulkaan

De parkeerplaats halverwege de vulkaan La Soufrière was maar 10 km van de kust. De hoger gelegen parkeerplaats waar de trails begonnen kon (nog?) niet met de auto worden bereikt zodat de wandeling naar de top nu 2,5 uur duurde. Ondanks het mooie weer liep je wel in de wolken, dus mist, vochtig, koud met veel wind, later te veel wind. Het pad was prachtig, eerst een stuk regenwoud dan kaler, met mos begroeide rotsen en veel erosie met een grote variatie aan kleuren. Er was een stuk met enorme treden, voor kleine mensen bijna niet te beklimmen. Af en toe kwam je andere wandelaars tegen, redelijk populair dus. De bewegwijzering was niet optimaal, een foto van bord met alle paden erop gaf een beetje inzicht in de mogelijkheden. Hierop een wandeling rond de krater en een vier uur durende tocht. Voor de diehards dus volop avontuur. Het vulkaanmuseum was in het nabijgelegen dorpje, hiervoor bleek de tijd te kort. Door de wolken was het zicht beperkt en kon je niet in de krater kijken. De laatste uitbarsting was in 1979 en momenteel wordt er 7 dagen per week gemonitored op aktiviteit. Men wil niet voor verrassingen komen te staan. Alles bijelkaar zeer de moeite waard om het van dichtbij te zien! Het is al donker als het gezelschap met de lijnbus arriveert in Malendure waar de Zeevonk nabij het populaire strand en de steiger van de duikbootjes en de glasbodemboot ligt. Tijdens de koffie veel gespetter rondom, kennelijk zijn de vissen op jacht en proberen de opgejaagde vissen te ontsnappen door salto's in de lucht te maken. Of zou het te maken hebben met onze knipperende kerstverlichting die door Marcel omgebouwd is van 110 naar 220 volt?

vermoeid en koud op de top van La Soufrière

Laatste dag geslagen

Het is rustig weer, een goede reden om vroeg naar de Îles de Pigeon te varen, daar ontbijten tegen zonsopkomst en vervolgens te water om het Jaques Cousteau onderwaterpark te bekijken. Het eerste bootje met duikers/snorkelaars arriveert als Marijke net klaar is met onderwater filmen. We maken los en zeilen naar de baai van Deshaies. Bij het binnenvaren komt een dreigende lucht op ons af en vlak voor de bui losbarst hebben we de zeilen gestreken.

een typisch Hollands portret?

een naturiste in aktie

de zeemeermin bekijkt haar onderwaterfoto's

De reis zit er op. Een auto huren en die op het vliegveld afleveren was niet mogelijk, dus een grote taxi besteld en na tweeën nadat een flinke bui de straten had schoongespoeld en de dame van de VVV nog een keer belde, kwam een luxe bus voorrijden. De terugreis kan beginnen.

volgend verslag

gastenboek

 

 

openingspagina

 

 

 

 

 

laatste wijziging: 22/01/07