index duits

e-mail: info@catzeiltochten.nl

onze vertegenwoordigster Margje in Nederland: 0647130930 of 00870 764020057 (Zeevonk)Denk aan het tijdsverschil, het is bij ons 6 uur vroeger!

wie zijn we?

vanuit een helikopter  van de kustwacht

laatste wijziging: 25/05/08

Reis naar de zon deel 77

Guadeloupe-Martinique

vr 9 - za 24 mei 2008

Aankomst Point à Pître

We maken het niet vaak mee dat de vertrekkende gasten met het vliegtuig van de nieuwe gasten naar huis terugkeren. Met een huurauto voor een dag spaar je de taxikosten uit en kan je ook nog komfortabel boodschappen doen. We zoefden over de kustweg naar Deshaies en brachten onderweg een bezoek aan Leader Price, een grote supermarkt. Alles kon in één keer in de rubberboot en niet lang daarna zaten we aan een welkomsdrankje.

de Zeevonk voor de steiger

restant steiger

de internet shop gesloten, dan maar een maandkaart "hothothotspot", nog te gebruiken tot Grenada

Hoezo, Fransen zijn niet aardig?

Even later vaart een echtpaar met rubberboot een rondje om ons heen. Ze zijn duidelijk geïnteresseerd in ons schip. Ik vraag of ze van de grote catamaran verderop zijn en inderdaad. We nodigen ze uit voor een drankje en een rondleiding en François en Valérie maken er graag gebruik van. Ze spreken beiden Engels hetgeen de konversatie eenvoudig maakt. Hun 47 voet cat is een oudje:een Kellsal van bouwjaar 1970. Als ze na een uurtje opstappen hebben we nieuwe vrienden. We worden uitgenodigd voor het Pinkster ontbijt bij hun aan boord.

Ontbijt op de "Triana"

François en Valérie wonen op het oostelijk deel van Guadeloupe, hun boot ligt aan een mooring bij het eilandje ten zuiden van PàP. Het ontbijt om 7.30 uur was heel gezellig en informeel. We kregen een paar tips om nieuwe eilanden te bezoeken, zoals Marie Galante en Îles de la Petite Terre. En passant gaf Joke ook nog een Reiki behandeling vanwege een dikke enkel opgelopen op het laatstgenoemde onbewoonde eiland, oorzaak onbekend.

Reiki als tegenprestatie voor een zondags ontbijt

tot de volgende keer

Rivierwandeling

Het kleine riviertje dat bij Deshaies in de zee uitmondt en waarover de dure aluminium boogbrug voor voetgangers ligt, kan je stroomopwaarts volgen. Wandelschoenen aan en op pad, dit keer puur voor het vermaak de pols gps mee om op een later tijdstip de route te kunnen projekteren op Google earth. Het meest boeiende dat Joke onderweg zag waren mieren die een blaadje als parachute/parapluie boven zich hielden, en wat schaatsenrijders in een poeltje.

parachute mier

schaatsenrijders op de rivier

Op zoek naar Barry

Het blijft een spannende bezigheid: snorkelen tussen de schildpadden en af en toe een barracuda tegenkomen. Een grote schildpad onder het schip had twee vissen (remora's) met zuignappen op zijn schild terwijl ze er meestal onderhangen. De schildpad graasde onverstoorbaar verder, trok zich niets van ons aan. Dit keer liet Barry de barracuda zich niet zien maar vonden we wel een stingray die zich onder het zand had verstopt. Alleen zijn ogen, snuit en gevaarlijke staart waren te zien. Merkwaardige beesten en moeilijk in te schatten of ze echt gevaarlijk zijn.

Pigeon Island=Cousteau Reserve=top duiklokatie

We zeilen de 8 mijl onder de kust. Altijd lastig door draaiende winden maar zeker aan het eind kunnen we hoog aan de wind tot vlak onder ons doel komen. We pakken een mooring in het kommetje tussen de twee eilandjes van Pigeon Island, naast een andere catamaran. Van hier snorkelen we rond in La Piscine. Elk plekje heeft een eigen naam. Het water is glashelder en nabij de overgang naar dieper water zie je een geweldige kleurenpracht van koraal: het is weer zwemmen in een aquarium. We worden niet van onze duikmooring verdreven door een boot met duikers, zij nemen de laatste boei waar geen lus aanzit, voor hun kennelijk geen bezwaar, Het eiland op doen we dit keer niet: de betovering ervan wordt doorbroken door de aanwezigheid van een tiental kano's met bijbehorende bemanning. We motoren naar de overkant, Malendur, en gaan in de baai voor anker. De duikschool is snel gevonden en binnen een kwartier staat onze gast in het pak en loopt met een fles op de rug naar het klaarliggende bootje. Wij naar het restaurant op de klippen en nuttigen daar een overheerlijk en rijkelijk van alkohol voorzien drankje. We bestellen bij de Columbiaanse serveerster meteen maar een tafel voor de avond.

Onze duiker komt zeer tevreden terug van de Japanse Tuin

Deze duikplaats ligt aan de noordkant van de baai, dus niet bij Pigeon Island. Het was er erg mooi, veel grillige formaties, veel koraal en veel vis. Zijn duikmaatjes waren allen franstalig maar onderwater geeft dat niet. Terug bij de Ecole de Plongeur komt de fles op tafel en worden de plastic bekertjes met vuurwater uitgedeeld. Wij horen er ook bij, heel aardig. Ook een van de redenen om niet zelf een compressor te hebben, er valt altijd wel wat te beleven bij de duikcentra.

Diner op de klippen

Bij het restaurant," la Roche de Malendur" zijn we de eersten om 7 uur en er is verwarring omdat Zeevonk niet in het bespreekboek voorkomt en ook niet voor drie personen. Als ik meekijk in het boek staat er "Zeifon", 2 pers. Niet alle Columbiaansen verstaan Nederlands al sprak ze de naam van onze boot prima uit. Het raadsel was opgelost, er werd voor een derde persoon gedekt en een fles heerlijke witte wijn kwam op tafel. De maaltijd werd op artistieke wijze geserveerd en de hoeveelheid en kwaliteit waren uitstekend. Een aanrader. In de verte beneden ons zag je het ankerlicht van de Zeevonk temidden van de andere geankerde schepen. Wat een romantiek.

Ankeren voor het strand van Rivière Sens

Na nog een ochtendduik waarbij wij doken bij de Japanse Tuin en daar ontzettend genoten zeilen we verder zuidwaarts langs de kust van Guadeloupe. Op een bepaald punt sloeg de windrichting om en konden met de zeilen over de andere boeg toch rechtdoor varen. We kwamen wat westelijker uit en moesten nog een slag naar de kust maken. Hier "vonden" we vorig jaar het jacht dat van zijn anker was gegaan en onbemand zee had gekozen. Op het zwarte strand was het druk, logisch op zondagmiddag. Ook op de weg langs de kust werd druk getrimd, zowel door wit als zwart. Dit keer geen beach volley, het net was niet opgehangen. We werden verwend met een prachtige groene flits - voor de ongelovigen kijk eens op Wikipedia voor de natuurkundige verklaring van dit verschijnsel. Jules Verne gaf er een romantische betekenis aan: wie de flits zag zou gelukkig in de liefde zijn. Tegen het donker raakte het strand verlaten en bleven we met twee andere catamarans in de duisternis achter.

Uitstapje Basse Terre, de hoofdstad van Guadeloupe

We parkeerden de rubberboot aan de verboden steiger die op instorten staat maar door iedereen wordt gebruikt. Opvallend hoe snel de betonnen steigers achteruit gaan, heeft het weer zo gestormd of is de kwaliteit van het beton zo slecht? De voetgangersbrug in het kustpad is nog niet klaar, ook deze was vernield tijdens een storm. Er komt een mooie ronde van gelaagd hout voor in de plaats. We daalden af naar de rivierbedding en konden van steen naar steen hoppend droog aan de overkant komen. De boulevard met zijn prachtig versierde booglampen lag er ongeschonden bij en een kilometer verder waren we bij het centrum met de nieuwe overdekte markthal (2001). De geur van specerijen kwam je al van verre tegemoet. De winkelstraten waren weer vol mensen, grappig is dat het merendeel van de winkels kleren en schoenen bieden. Heel basaal, maar elke dag een andere jurk lijkt wat overdreven. We bezochten de kerk, eenvoudig en fris en gingen op zoek naar een voeding voor onze iPod. Gevaarlijke winkels, die computerzaken. We kwamen buiten met een impuls aankoop van een 500 gigabyte externe schijf. Heermee was in één klap ons probleem van volle externe schijven opgelost. Van iPods had men hier nog niet gehoord leek het. Terug met een lokale bus was een klein avontuur maar we kwamen ongeschonden in Rivière Sens.

Îles des Saints is niet ver

Deze eilandengroep is zeer populair bij de dagjesmensen, de veerboten van Guadeloupe varen af en aan. Voor ons werd het een lange tocht want de wind viel weg en kruisen zonder wind schiet niet op. Toch hielden we vol en als beloning lag een bekend schip bij Bourg voor anker: de "Nix" van Nico en Letty. Grappig was dat Nico net een emailtje naar ons had gestuurd. toen ze een halfuurtje later aan dek verschenen een en al verbazing. Het weerzien was hartelijk, de drankjes heerlijk en we keerden terug met een externe schijf met een honderdtal dvd's erop.

de veerboot ligt nu onder water

Kleine reparaties

Toevallig zag ik een losse naad van de genua en vanwege de windstilte konden we makkelijk het zeil laten zakken en met de naaimachine op het dek repareren. Zodra de boei van de dagcharters vrij kwam meerden we daar en kon ikhet te ruime stuk ankerketting (zo'n 15 meter) met de flex ertussen uit slijpen: sinds St. Maarten kwam dat stuk met horten stoten naar binnen, het was duidelijk te ruim, waarschijnlijk door het schuren over de zandbodem van de Simpsonbaai.

Diner op het plein bij het kunstrestaurant

We zaten koud op het balkon aan het plein toen Nico en Letty onze kant opkwamen. Er werd simpel een tafel bijgeschoven en we maakten er een heerlijk Nederlands onderonsje van. Het dorpje is net als Vlieland: zodra de laatste veerboot met dagjesmensen is vertrokken valt de stilte.

Ontmoeting met de "We two are One"

Van Carl wisten we dat zijn boot was verkocht op Guadeloupe en nu liggen we voor het snorkelen bij het "Suikerbrood" er vlak voor. We maakten kennis met Egon, die de vorige eigenaar bleek te zijn en hem dus had teruggekocht om ermee naar België te varen.

Alarm aan boord

Terwijl ik bij de "We two are One" een praatje maakte riep Joke vanaf de Zeevonk dat ze een vreemd geluid hoorde dat ze niet kon thuisbrengen. Eenmaal aan boord klonk het geluid als een lenspomp maar onze lenspompen waren het niet. Onze Belgische buurman wist trouwens waar het geluid vandaan kwam: de onderzeese pijpleidng waar we precies boven lagen! Hier wordt water doorgepompt en het geluid plant zich door het water voort. Ook weer opgelost, maar wel even schrikken. Het snorkelen gaf een paar flying gurnards maar niet de beloofde zeepaardjes.

Op naar het groenste eiland: Dominica

De Nix was ons gepasseerd toen we snorkelden bij het Suikerbrood en zodra we tussen de eilanden uit waren zagen we een stipje aan de horizon. Tot iets voorbij halverwege lekker zeilweer, rustige zee. Dan in de buurt van Dominica een paar forse vlagen en vervolgens tegenwind uit het zuidwesten met een daarbij horende golfslag. Van zeilen was geen sprake meer en moterend in de lichte kruiszee stuiterden we naar de Prince Rupert baai. Zo'n twee mijl van ons doel verwijderd kwam de eerste boatboy ons tegemoet: het toeval wilde dat het Alexis was die we de vorige keer beloofden nu van zijn diensten gebruik te zullen maken.

Diner bij Chez Letty

Alweer een email van Nico: ze hadden een grote makreel gevangen en nodigden ons uit voor een visdiner bij hun aan boord! Er lag trouwens nog een Nederlands schip in de baai: de "Leviathan" met Peter die we al van Curaçao en St. Maarten kennen. Letty maakte een heerlijk diner van de verse vis, Tijd om weer wat sterren uit te delen.

Dag rondtoeren in de noordelijke helft van Dominica

We huurden via Alexis een busje met chauffeur Roy. Ook Nico en Letty gingen mee al begint de tijd voor hun wat te dringen: hun boot gaat in Trinidad de kant op en zij vliegen naar Nederland. Na het verplichte bezoek aan de douane, we moesten ook de overtime betalen vanwege het weekend, het binnenland in. De kleurenpracht van de palmen, bananen en vele andere bomen, bloemen en planten in het ochtendlicht is niet te beschrijven. De weg kronkelde zich door de dalen en na een paar dorpjes kwam de oceaan aan de oostkant in zicht. Meteen schitterende uitzichten over verlaten stranden met riffen en rotseilanden onder ons. In een dorpje laven we ons in een proper minirestaurantje aan pure grapefruitsap. We bezoeken een strandje waar een man - John - in het water loopt met een zak en daar af en toe wat in doet. Het blijkt een soort zeegras te zijn waarvan ook sap wordt gemaakt. Hij laat zich enthousiast fotograferen. Een minivissersdorpje in een mooie baai laat het primitieve leven van de vissersfamilies zien.

Atlantische kust

casave pannekoeken

John "seamoss"

 

Randy the Chippendaler

We lunchen bij Randy's, alweer een minirestaurant. De enthousiaste eigenaar is trots op zijn Chippendale verleden(?). Ook zou hij chefkok zijn maar dat is aan de gortdroge banaan niet te merken. Nico koopt een Dominicaans vlaggetje van hem en belooft voor een Nederlandse te zorgen. We komen langs het vliegveld waarvan de startbaan verlengd wordt door Venezolanen, we komen langs een moderne vissershaven die gemaakt is door Japanners, in ruil voor walvisjacht. Dit is daarna ingrijpend veranderd: nu is de jacht verboden (alleen Japan en Noorwegen lijken zich hieraan te zondigen) en organiseert Dominica juist walvis kijk trips.

(geen foto)

Carib Territory

Dan bereiken we het territory van de Carib indianen. Het zijn de oudste inwoners van de Carieb en hier hebben ze een eigen stuk land waar anderen geen grond kunnen kopen. Langs de kant een afdak waaronder een vuur en een grote oude metalen pan. Op de achtergrond een primitieve maalmachine en op een stuk oud metaal met daarop een stel pannekoekachtige wat bruingebrande Carib koeken. Letty kocht er een. De smaak was wat zoetig. Vervolgens brengt onze chauffeur en gids ons naar cde ingang van een soort openluchtmuseum. We kregen eerst een videopresentatie en vervolgens een rondleiding door een historicus. We zagen alleen hutjes en afdaken, geen mensen, geen aktie. Bijzonder was dat de vrouwen apart van de mannen zouden slapen, je echt vrouwenhutten had. Langs een klein watervalletje trerug naar de ingang waar wat souvenierwinkeltjes waren. De dames die ze runden zaten onder een boom manden te vlechten.

theater Carib openluchtmuseum

mandenvlechtsters

Emerald Pool

Weer verder, naar het laatste doel: de Emerald waterval en -poel. Het was nog een halfuur rijden over bochtige wegen vol kuilen. We passeerden een vrachtauto met een omgekeerde boomstamkano erop, klaar voor de tewaterlating. Bij de Emerald pool waren ze al de souvenierwinkeltjes aan het inpakken. Op onze weg door het regenwoud naar de waterval kwamen we de laatste baders tegen bleek even later, we waren alleen en konden in ons blootje genieten van de kracht van het neer beneden vallende water. Opgefrist verder. De weg naar de westkust loopt het laatste stuk langs een rivier. Een paar maal per jaar geeft hij overstromingen van de weg, soms verdwijnt eenstuk van de weg. Veel stenen en zand worden dan naar de monding gevoerd waar men depôts heeft gemaakt van zand dat naar het buitenland - ook St. Maarten - wordt verkocht en getransporteerd. We weten er alles van, waar wij gewankerd lagen in de Simpson baai te St. Maarten kwamen wekelijks sleepboten met een grote zandschuit erachter hun vracht lossen.

Emerald pool en waterval

Vissersdorp live

Onze jonge chauffeur nodigte ons uit voor een bezoekje aan zijn dorp en het huis waar hij met zijn moeder woonde. Vanaf hun balkon keek je neer op de kustweg en het vissersdorpje. Het dorpje zelf was een typische oude vissersnederzetting met boten op de kant getrokken. Een minirivier kwam in zee uit en op een plein waren een stel jongemannen aan het basketballen. We kregen een biertje en moesten weer vertrekken wilden we nog met daglicht in Portsmouth terugkomen. Een prachtige oranje ondergaande zon vergezelde ons het laatste stuk kustweg. Langs de Ross University - Amerikaanse medical school - daalden we af tot bijna zeeniveau en reden Portsmouth binnen. Bij Big Papa zat Alexis al op ons te wachten. De heren hebben allen een telefoontje en worden om de haverklap gebeld, staan dus regelmatig in verbinding met elkaar. Alexis bracht ons in het schemerdonker naar onze boten. Een schitterende tocht van zo'n zeven uur vierden we met een glaasje. Nico en Letty hadden geen spijt, moeten nu wel iets sneller doorvaren om op tijd in Trinidad te komen.

Langs de kust naar Roseau

Ook deze zeiltocht wordt gekenmerkt door wisselende winden: dan weer hoog aan de wind van BB, dan weer van SB, dan geen wind, dan vlagen tot 24 knopen (windkracht 6). Voor de bemanning veel werk te doen al zagen we Nico met de Nix voor ons ook veel en heftig aan zijn koffiemolen draaien. We kwamen aan in een verlaten Roseau en ankerden voor het Fort Young hotel. Er was trouwens nu nog maar 1 mooring over. De boatboy had nog geen andere liefhebbers voor een tochtje naar watervallen dus spraken we af de volgende dag opnieuw te overleggen. In de namiddag maakte een chartercat met 10 man aan boord vast aan de mooring. Helaas begaf hun buitenboordmotortje van de rubberboot het, er kwam dikke rook uit voor hij definitief stopte. De rubberboot ging in de takels en ze voeren met cde cat naar de steiger van het hotel. 's Nachts lagen ze weer naast ons. Lastig, tien man en een kleine rubberboot zonder motor.

Duiken bij Scotts Head

Jeroen vertrok al vroeg met de duikboot naar een van de beste duikplekken van het eiland. Veel leuker dan nog meer watervallen met een busje te bezoeken. Wij deden boodschappen in de stad en kwamen met batterijen en visspullen en levensmiddelen terug. Om half twee anker op naar Martinique. Het Dominicaans avontuur is weer voorbij!

Schitterende overtocht Dominica-Martinique!

Zeilen blijft een fantastisch avontuur, de ene keer alles tegen: harde wind en steile golven, dit keer echter een vriendelijke windkracht 4 uit het ENE'n en weinig golven. Onze roerganger stuurde een nagenoeg rechte lijn met snelheden tussen de 7 en 8 knopen. De Zeevonk gedroeg zich zeer komfortabel. Lekker zonnetje erbij. Wat wil een mens nog meer? De ondergaande zon leverde een miniscule groene flits en even later kruisten we een groep dartelende dolfijnen. Zodra we in de windschaduw van de Mt Pelée kwamen draaide de wind naar het westen om een paar mijl verder voorbij het stadje Pêcheur weer terug naar het noordoosten te draaien. Toen waren we echter al de zielen aan het bergen. Dan komt de volle maan op die de wolkenranden van zilver voorziet. De vierkante kerktorens van St. Pierre worden almaar groter aan de horizon. In het maanlicht is het makkelijk navigeren en na een half uur motoren laten we het anker vallen naast de pier. Vanaf een nabij liggend schip worden we aangeroepen, het lijkt door een vrouwenstem, we zien een Nederlandse vlag. Wie? Als ik op verkenning ga blijkt het de "Leviathan" van Peter te zijn, geen vrouw aan boord. Hij ligt hier al twee dagen. Hij maakte zich bezorgd over het feit dat we slechts een tiental meters van de pier liggen en riep dat we meer zijn richting op moesten komen. Het anker zit prima, we maken ons geen zorgen.

Op verkenning in St. Pierre

Dit voormalige hoofdstadje van Martinique werd in 1902 door een hete gaswolk uit de vulkaan Mt Pelée in een paar minuten met de grond gelijk gemaakt, de 30.000 inwoners overleefden het niet. Gelukkig houdt hij zich sindsdien koest en is het leuk ankeren in de baai waar ook nog de 18 wrakken van de toen geankerde vrachtschepen liggen. Het museum is een must om zicht te krijgen op die fatale gebeurtenis. De markt 's morgens wordt bevolkt door vaak in klederdracht gehulde vrouwen, die soms ook nog een uitdagende dans uitvoeren en mannen uit het publiek veroveren. Vandaag niet...

De zware weg naar de rumdistillerij

Het merk Dépaz komt hier vandaan en wij op pad. We werden pas door een busje ingehaald toen het nog een kilometer lopen zou zijn dus besloten we door te lopen. De weg liep omhoog en het was warm, een flinke prestatie om zo drie kilometer te lopen. Dorstig kwamen we aan op de parkeerplaats van Dépaz. Het restaurant was al open maar we werden de deur uitgewerkt omdat we alleen maar wilde drinken. Gelukkig was op het terrein ook een terrasje waar je vruchtensap kon krijgen. Vandaar konden we de ruwe aanvoer van suikerriet gadeslaan, met grote vrachtwagens tegelijk. Vervolgens werd dit met een shovel in een sleuf gestort op een transportband die het naar de vermaling bracht. Vandaar op een transportband waar water wordt toegevoegd en dit mengsel stroomde de fabriek binnen voor de verdere bereiding: 13.000 liter per dag. We kregen geen rondleiding, moesten het rode pad maar volgen. Dat we het nagenoeg in omgekeerde richting deden, daar maakte niemand zich druk over. Toevallig liepen Jeroen en Peter over de weegbrug voor de vrachtwagens en kregen van de vrouw die hem bediende vanzelfsprekend op verzoek te horen hoe zwaar ze ieder waren. Het landgoed dat nog hoger lag kon niet worden bezichtigd. Uiteindelijk komt de route uit bij de winkel, hoe kan het ook anders. Een bereidwillige jongedame liet ons proeven van jonge en oude rum en na het een en ander te hebben ingeslagen verlieten we de fabriek. De bushalte was aan de hoofdweg, hier moesten we een half uur wachten voor een busje ons voor €1,20 uit de nood hielp.

Grote boxen en een tent op het plein: wat gaat er gebeuren?

Op het dorpsplein voor de schitterende waag wordt een soort feesttent opgebouwd en even later kwam een auto enorme boxen brengen. Onze programma's zwegen in alle talen. Tegen zessen de eerste geluidstesten, gelukkig stonden de boxen van ons af gekeerd. Toen we voor het diner naar het cybercafé/inkklaringskantoor liepen, zaten er tientallen mensen op het plein naar de muziek te luisteren, ergens op wachtend? Toen we een paar uurtjes later weer passeerden zaten ze er nog en de twee in het wit geklede donkere schoonheden die we vroegen wat er gaande was konden ons duidelijk maken dat er werd gewacht op een paar honderd wandelaars(?) die nog moesten anakomen. We waren voldoende afgepeigerd door het dagprogramma om de boten op te zoeken, voor ons geen feest meer...

Vroeg vertrek naar Fort de France

Dit keer geen dolfijnen, wel redelijke wind. We kruisen een Amerikaan die motorzeilend langszij kwam net toen de wind wat toenam en uit een betere hoek kwam. Hij koos eieren voor zijn geld en dook achterlangs. Vervolgens nam de wind weer wat af en bleven we een tijdje parallel varen. Hij maakte wat stennis, wij begrepen niet waarom. Een half uur later nam de wind weer toe en konden we de grote baai van FdF invaren, hij ging rechtdoor en verdween uit het zicht. Bij FdF niet druk. Passagieren en boodschappen doen in de stad. Hier heerste een aangename lunchdrukte, veel volk op de been. Alle, vooral schoenen- en kledingwinkels, open. Voor een voeding van de iPod konden we niet slagen. Peter, die ook deze kant op wil, verscheen maar niet aan de horizon.

Anse Mitan vervuilt de horizon met nieuwbouw

Behalve een aardige snorkelplek en een paar restaurants bij de haven heeft dit dorp weinig te bieden vinden we zo langzamerhand. Waarschijnlijk wordt dat ook veroorzaakt door de vele liggers aan eigen moorings waardoor voor ons weinig ruimte is. We snorkelen bij de boei, glashelder water en de volgende dag - alweer een vrij dag vanwege de afschaffing van de slavernij - lopen we het dorpje door en pakken een terrasje. Dan is het tijd om voor het lapje de korte afstand naar Grand Anse te zeilen.

De duikschool van Grand Anse d'Arlet

In deze baai de gebruikelijke drukte, maar naderbij komend ook veel muziek=lawaai. Waarom? Twee grote motorcats met veel dagjesmensen aan de steiger hebben de geluidsinstallatie op maximaal staan. Die mensen hebben zo een gouden dag - feestdag vanwege de afschaffing van de slavernij - de mensen op de jachten kunnen niet anders dan het willoos ondergaan of wegvaren. Wij trotseren de herrie en brengen een bezoek aan de duikschool. Hier is het nieuwe terras vol en zit de eigenaar aan het hoofd van een lange tafel. Geen tijd voor ons en de duik die middag is vol. Jeroen bespreekt voor de volgende ochtend en we kunnen aan het snorkelen.

Wat blijft er over van een catamaran dioe op de rotsen is geslagen?

Een paar maanden geleden lagen er stukken mast, een motorblok en stukken romp en verstaging. Wij kijken hoe het er nu uitziet. Groot is mijn verbazing als er alleen nog stukjes polyester te vinden zijn. Geen verstaging, motorblok of stukken romp meer. Opgeruimd? Na goed zoeken tocht nog wat vondsten: een blok, een spanner, een pomphendel en een bovenstuk van een lier samen met een dinosaurus. Kleine bruikbare zaken!

Hoe kom je van Grand Anse in Le Marin?

Vorig jaar deden we dat in zware buien, de ervaring is dat we altijd wind tegen hebben. Vanaf de ankerplek zien we behoorlijk wat witte koppen op de golven, een dikke windkracht 5? Omdat het op de hoek tot Roche Diamant altijd flink tekeer gaat starten we voorzichtig met een rif en de fok. St. Lucia ligt recht voor ons, hoger kunnen we niet. Door de tegenstroom worden we flink weggezet en omdat de wind afneemt tot onder de 20 knopen kan het rif eruit en de genua erbij. Toch houden we weinig hoogte en als we weer een slag maken passeren we Roch Diamant net bovenlangs. Als we nog 4,8 mijl hemelsbreed van ons vertrekpunt zijn hebben we al 20 mijl gevaren. Zo komen we nooit voor etenstijd in St. Anne of Le Marin! De laatste 8 mijl zouden we ook moeten kruisen terwijl de wind verder afneemt. Terugkeren of op de motor? We besluiten toch tot het laatste en na bijna twee uur moteren ankeren we om half acht in de baai van St. Anne.

Alweer feest in St. Anne!

Het is alsof de duivel ermee speelt: altijd als we in St. Anne aankomen is er feest. Dan weer carnaval, dan weer oogstfeest of zoiets. Veel mensen op straat maar wij eerst diner aan de markt. Hier speelt een band op het plein en dansen de allerkleinsten de sterren van de hemel. We maken nog net het staartje van het feest mee.

Het laatste stukje

Op de moter rond het rif naar Le Marin. Onze Franse vrienden van de Yassa liggen niet op hun plek. Wel zien we de Passaat liggen, echter geen leven aan boord. We huren een auto voor € 38 voor een dag. De rit naar het vliegveld verloopt soepel, we kwamen alleen files tegen. Op het vliegveld een en al rust. Tijd voor een afscheidsdrankje.


volgend verslag

index

top

laatste wijziging: 25-may-08