index duits

e-mail: info@catzeiltochten.nl

onze vertegenwoordigster in Nederland: 0647130930 of 00870 764020057 (Zeevonk)Denk aan het tijdsverschil, het is bij ons zomers 6 uur vroeger!

wie zijn we?

vanuit een helikopter  van de kustwacht

wind en golven tegen

Zeevonk met parasailor

laatste wijziging: 28/01/09

Reis naar de zon deel 89

St. Lucia - Grenadines v.v.

vrijdag 19 december 2008-zo 4 januari 2009

Aankomst gasten

Er zijn twee vliegvelden op St. Lucia: het internationale in het zuiden, anderhalf uur rijden met een taxi naar Rodney Bay en het kleinere nationale bij Castries, een half uurtje rijden. Het toeval wil dat we van beide gasten krijgen. De Europese gast, Simon, is via Londen al in de middag gearriveerd, de Bonairiaanse gast, Monique, komt pas in de avond. We hebben afgesproken bij de Scuttlebutts, het grote restaurant bij de jachthaven. De kelner helpt ons aan rumpunch en dan maar wachten. De eerste gast is een uurtje later dan geschat, de douane op het vliegveld had veel tijd nodig. Het weerzien was er niet minder hartelijk om. In het donker naar de Zeevonk waar de Kerstverlichting werd ontstoken: 40 blauwe dolfijntjes in de kuip en een lichtsnoer vanaf het topje van de mast naar de boegspriet. Weer op tijd terug naar de wal en wachten, wachten... Dit keer hielp ook de rumpunch niet. De behulpzame kelner zal een oogje in het zeil houden en Monique zonodig opvangen. Terug naar de boot om te kijken of er misschien een levensteken was. Nada. Weer naar de wal waar het feest van de ARC in volle gang was. Simon wil een uur later wel te kooi, weer op en neer naar de Zeevonk. Weer een uur later wordt het restaurant gesloten en maak ik de afspraak met de wacht bij de steiger dat hij ons belt als ze alsnog verschijnt. Bij de steiger schiet een man mij aan: of ik zijn baas even naar zijn huis aan de overkant wil brengen, hij moet wat ophalen. OK. Na een paar minuten verschijnt hij en breng ik hem naar een door vijf grote honden bewaakte villa. Daar worden een paar dozen met flessen ingeladen en op zijn vraag of ik rum lust, geeft hij zijn metgezel de opdracht mij twee flessen uit een van de dozen te geven. Nadat ik hen bij de steiger heb afgezet weer richting Zeevonk. De rubberboot opgetakeld en op dat moment verschijnt Joke in de deuropening: Monique heeft net gebeld! Bootje omlaag en weer naar de steiger in de marina. Daar staat de wacht met een lamp te knipperen en wordt Monique door de kelner vergezeld. Ze heeft geen tas bij zich, die is onderweg bij het overstappen niet meegekomen. Eindelijk! Het is even na enen als we aan boord zijn. Na haar verhaal over de vier korte vliegreizen te hebben aangehoord en een sapje en een stukje chocolade taart gaan we te kooi.

je wordt meteen belaagd door boatboys

de marina van Rodney bay overvol door de gepavoiseerde ARC deelnemers

Een bijzondere dag?

Natuurlijk heeft de bagage van Monique de hoogste prioriteit en gaan we na het ontbijt en het ochtendbad naar het restaurant bij de marina. Een telefoontje naar het vliegveld en ja, de tas is daar. Men zal hem bezorgen. Intussen hebben wij tijd om met de manager van Scuttlebutts wat te dollen. Hij rekent voor dat het twee uur kan duren voor de tas wordt afgeleverd en na een drankje met Piet en Jelka gaan we bootwaarts. 's Middags weer naar de kant. Nog geen tas, dus weer bellen. Nu met druk erachter en jawel, binnen een half uur heeft Monique haar spullen terug. Terwijl we op de Aeson tijdelijk afscheid nemen maken de jollen van Martinique die in de noordkant op het strand lagen, los. "Een onderling wedstrijdje", weet Piet. Groot is onze verbazing als ze de Zeevonk als keerpunt gebruiken en we zo verwend worden met beelden van dichtbij: ze passeren de Aeson links en rechts! Geweldig hoe ze de ranke bootjes overeind weten te houden. Intussen zien we ze ook met een afwasteiltje de boot leegscheppen. Dan te bedenken dat ze morgen tegen de wind in terug naar Martinique gaan.

de jollen van Martinique op bezoek en tijdens de race waarbij wij als keerpunt dienden

teamwork

Ons eerste doel ligt vlakbij: Pigeon Island, het schiereiland met fort op de top en aan de voet het restaurant Jambe de Bois. We ankeren voor het strand van het resort Sandals. We hebben het hier nog nooit zo druk gezien maar vinden een prima plek vóór alle andere boten. Met de rubberboot naar de steiger van het natuurpark waarvoor je na vijven geen entree meer hoeft te betalen. We klimmen naar boven en genieten van het fantastische uitzicht rondom: in het noorden Martinique, in het zuiden de westkust van St. Lucia. In de diepte - we staan op 77 m volgens mijn hardloop-gps - zien we de geankerde boten en in de verte speedboten huiswaarts keren. De zon gaat als een vurige bal onder, dat betekent .... een groene flits!

fort Pigeon Island: drie 30 ponders bewaken de baai: deze is door zijn betonnen kruis gezakt

avondlicht fort Rodney

We dalen af door het bos dat herinneringen aan Nederland oproept. Op naar het restaurant met zijn stoelen en banken van oude wagenwielen. We gaan er aan de limejuice in afwachting op onze gebakken inktvisringetjes vooraf en het diner. Een heerlijke sfeer - geluid van de branding, vogels, uitzicht op de lichtjes van de geankerde jachten - dat later nog eens wordt versterkt door een muzikaal trio met viool en zang. De serveerster komt een lijst met hun repertoire brengen waaruit je verzoeknummers mag aangeven. Joke is zeer onder de indruk van het gangetje naar en van het toilet en adviseert ons om daar ook eens te gaan kijken. Schilderijtjes en kunstvoorwerpen overal. We vinden de Zeevonk terug door naar het blauwe licht van het snoer met de 40 dolfijntjes te koersen. We zijn niet de enige boot met feestverlichting, maar makkelijk herkenbaar. Eenmaal aan boord gaat ook het lichtsnoer vanaf de masttop naar de boegspriet aan en vallen we op in positieve zin. We houden het niet lang vol en na de koffie en thee verdwijnen we naar onze hutten. Een topdag!

We vroegen ons af of op de Engelse eilanden, waar het verkeer dus links rijdt, stuurboord en bakboord ook zijn omgekeerd. Vraagje voor de Wikepedia? (de boeien liggen immers ook volgens een ander systeem?).

Zuidwaarts

Na een rustige nacht, eindelijk zonder te rollen in de swell worden we gewekt door een korte regenbui, de eerste sinds dagen. Langzaam zie je de wereld ontwaken, een enkel jacht vertrekt al. Wij hebben geen haast en gaan aan het zondags ontbijt. In de verte zien we de eerste cruiseliners richting Castries gaan. Een hele grote kon wel eens de Queen Mary 2 zijn. Dan komt een bekende vijfmaster om de hoek, de Club Med 2 en ankert niet ver achter ons. Na dit schouwspel gaat ons anker op en hijsen we de zeilen. Een heerlijke bakstagwind verwent ons en met een knoop of zes zeilen we de baai uit. De grote cruiseliner ligt voor anker bij Castries en blijkt de Noordam van de Holland America Line te zijn. Bootjes varen af en aan om de passagiers aan wal te brengen. We blijven redelijk dicht bij de kust om de ingang van Marigot te ontdekken. Ooit verstopte een Engelse vloot zich in de baai, camoufleerde de masten met palmtakken en voer de achtervolgende Franse vloot voorbij, zo mooi beschut is deze baai. Van verre zagen we een paar zeiltjes in en uit varen, niet moeilijk om het zo te vinden. Verder langs de prachtig groene kust met een enkel vissersdorpje, palmenstranden en bergen op de achtergrond. Dan komt een bootje op ons af: Welcome, de eerste boatboy die al zijn diensten aanbiedt. Onze vislijnen heeft hij gezien en blijft keurig op afstand. Later volgen zijn kollega's, de een is nog beter dan de anderen als je ze mag geloven. De twee Pitons, de zo karakteristieke bergen komen in zicht en even later draaien we de baai van Soufrière binnen. Een nogal dwingende boatboy probeert Joke over te halen van zijn diensten gebruik te maken en als we er niet voor kiezen vindt hij de kapitein een onbetrouwbare persoon. Bij de mooring worden we opgevangen - zonder dat we er behoefte aan hebben of er om gevraagd hebben - door een boatboy met zoon waar we een half uur later zaken mee doen.

de zeilen klaarmaken voor vertrek

en onderweg

de Pitons plus fotografe gesnapt

vader en zoon, moderne boatboys Soufrière

kerstboom voor de Piton

de Zeevonk vanaf de achterbuurman in Soufrière

Onze achterbuurman is de catamaran Free Willow met momenteel alleen Gordon aan boord. Zijn vrouw is even naar Australië voor een bruiloft van een goede vriendin. Ze hebben de Fontaine Pajot pas een paar maanden en willen volgend jaar eerst in november naar Curaçao, dan later door het Panamakanaal naar Australië. Hij maakte vanaf zijn boot foto's van de Zeevonk met een dubbele regenboog erboven en via ons stickie kwam hij ze bij ons brengen. Aardige man, bijzonder was dat hij 's middags een zevental zwarte jongetjes aan boord had. We dachten eerst dat de eigenaar er niet bij was en de jongens vanaf de kant waren komen aanzwemmen. Maar nee, hij had ze uitgenodigd voor de lunch.

Met de taxi het binnenland in: watervallen en vulkanen

Na wat onderhandelen wordt het programma een bezoek aan een waterval en naar de vulkaanbodem. Met de rubberboot naar de steiger waar we prompt worden opgewacht door een rastaman die op ons bootje wil passen, hij hoeft echt niet aan de ketting. Als je vraagt wat hij ervoor moet hebben dan zegt hij eerst: wat we maar willen en bij doorvragen 10 EC, in feite een belachelijk hoog bedrag. We laten hem zijn gang gaan en stappen in de taxi na eerst te hebben geverifieerd waar we nu naartoe gaan. Onduidelijkheid troef maar door nogmaals krachtig te stellen wat we willen komen we er uit. Het stadje Soufrière zijn we snel uit, de winkels zijn dicht, het plantsoen voor de kerk waar in het verleden terechtstellingen zijn geweest , ligt er nu met kort geknipt gras verzorgd bij. De kerk lijkt gesloten en dat op zondag. Veel mensen op straat. We rijden over een weg vol gaten langs de middelbare school en gaan omhoog de bergen in. We worden voor de ingang van een waterval afgezet en moeten eerst een paar dollar betalen. Een keurig onderhouden pad met bruggetjes voert ons naar een kleine waterval. Niemand in het water. We kleden ons om/uit en stappen het koud aanvoelende water in.

zo groot!

Heerlijk om in zo'n zoetwaterbad te stappen. De kracht van het vallende water doet je oorschelpen tintelen en je houdt het niet lang vol. Na ons weer aangekleed te hebben in de speciale ruimte ervoor - een soort groepsbadhok, wandelen we door het miniparkje met prachtige bloemen. De al wat laag staande zon zorgt voor schitterende doorkijkjes. Dat gekombineerd met het geluid van het geklater van het water was top!

rose de porcelaine

een groot bord voor een kleine waterval

Ons volgende doel is een bezoek aan de vulkaanbodem. De weg ernaartoe is goed onderhouden en kronkelt de bergen in. Bij een slagboom moet eerst worden betaald bij een loket voor we verder kunnen rijden. Een gids stapt in en we rijden nog een stukje verder om om te draaien bij een minirotonde. Het begint net te regenen als Joke de mensen tot schaterlachen brengt met de opmerking: "ben je van gedachten veranderd?" Een vlakte met modderbronnen en wolken zwavel is ons deel. Onze gids Aquarinus vertelt veel over de vulkanische aktiviteiten in dit gebied. Imposant om dit natuurgebeuren te aanschouwen. We 'mogen' ook een bad nemen

uitzicht over de vulkaanbodem

onder in een werkende vulkaan

borrelende modder van 100 graden

iets minder heet en zeer geneeskrachtig

onze gids toont de primitieve eerste hulp kist, voldoet niet aan Amerikaanse mormen

Uitklaren terwijl je er niet in bent?

Na een onrustirge nacht, waarbij we onder een volmaakte sterrenhemel een aantal keren in botsing met onze Australische buurman kwamen door het dwarrelen van de schepen bij volmaakte windstilte, naar de wal voor uitklaren en een broodje. Tja, we konden geen bewijs van de immigratie in Rodney Bay laten zien dus waren we er niet. Inderdaad was de immigratieman vorige week achter zijn bureau verdwenen en mochten we de papieren inleveren bij zijn buurman die het ons echter niet teruggaf voorzien van een stempeltje. Nu werd er moeilijk over gedaan. De enige bewijzen die we hebben zijn een stempel in ons paspoort en een betalingsbewijsje van de douane. Het is niet genoeg en hij belt naar Rodney om een en ander te verifieren. Gelukkig klopt alles en mogen we het land verlaten. De warme bakker zorgt voor lekkere kaneelbroodjes. We stappen weer in de rubberboot die ik nu zelf heb bewaakt en keren weer terug naar de Zeevonk.

uitzicht over de schitterende baai van Soufrière

de Club Med 2 is onze achterbuurman in Soufrière

De parasailor uit de kast!

Sinds Curaçao niet meer gebruikt en nu bakstagwind. De windkracht is moeilijk in te schatten achter de Pitons maar het zeil kan veel hebben. De schoten klaarmaken en hijsen het zeil in de slurf. Dan de schoten vastmaken en de slurf omhoog. De wind komt nu toch meer half in, tijd om de bakstag door te zetten. Na wat gerommel met de schoten staat het zeil en maken we dik acht knopen. Helaas neemt de golfhoogte toe zodra we de punt van het eiland zijn gepasseerd en begint het ongestaagde topje van de mast te zwiepen. Een pijnlijk besluit: parasailor weer omlaag... Daarna varen we op grootzeil en iets ingedraaide genua met 7,5 tot 9 knopen richting St. Vincent. Heerlijk die snelheden! Onze crew heeft wat last van de golven en houdt zich rustig. Pas onder St. Vincent komt er weer wat leven in. De wind blijft onder het eiland en voor ik het weet zijn we op de hoogte van Cumberland Bay.

de parasailor aanslaan

daar komt hij

Idyllischer kan het niet

Pas laat komt een boatboy op ons af, hier nodig omdat we met de achterkant van de boot aan een palmboom moeten. Er ligt een vijftal boten en we kruipen er netjes tussen, Joke aan de achterlijn, Monique aan de afstandsbediening van de ankerlier. Eenmaal vast een zwerm bootjes en surfplanken om ons heen met fruit, armbanden en halssnoeren. Joke herkent een paar en gaat een gesprek met ze aan. Maar we hebben een beetje haast want ons wordt geadviseerd in te klaren in de volgende baai: Wallilaboubay, waar ooit deel 1 van de Pirates of the Caribbean is opgenomen. Het is een dikke mijl buitenom maar in de luwte van de kust is het makkelijk te doen. We gaan met zijn vieren want een filmdecor bekijken is interessant. Een boatboy aldaar pakt ons lijntje aan en zal op het bootje passen. We lopen langs een stel doodskisten van polyester die rechtop tegen een middeleeuwse decorwoning staan. Dan langs decor pakhuizen, bij een ervan zien we tientallen ouderwetse telefoons: een verzamelaar? De douane zit in een clean kantoortje, een man met strepen achter de balie, een vrouw op hoge hakken in een super getailleerd jurkje ervoor. Het bekende formulieren invullen en dan een soort kruisverhoor. De schipper van de Carib Kiss van Berend Botje werd het vuur aan de schenen gelegd. Hij dacht dat ze de Carib Kiss niet kenden en had niet ingevuld dat hij charterde. Alles bij elkaar duurde het even maar toen mochten we blijven tegen betaling van 140 EC. De vrouw op hoge hakken kwam achter ons aan met de paspoorten... Terug naar de Cumberland Bay, toch veel gezelliger door zijn beter beschutting gevende vorm, het riviertje dat er in uitmondt en de gezellige restaurantjes met palmbomen ertussen en op de achtergrond.

Bezoek aan de Black Baron

Het restaurant The Black Baron dat door de Franse zeezeilers Bruno en Line hier is opgezet heeft het karakter van een zeeroversnest. Buiten een wachttoren, binnen een etalagepop als liefje van een zeerover. Er omheen op tafels juwelen en ander roofgoed, wapens, verkleedkleren en een hoeveelheid pruiken. Je kunt jezelf daar omtoveren tot een heuse zeerover. Het is moeilijk dit buitenkansje te weerstaan en ook Monique wapent zich. Intussen is een echtpaar instrumenten aan het opstellen en krijgen we een mini jazzconcert met saxofoon en keyboard. Het zijn wereldomzeilers die op deze manier de kost verdienen. Hun boot is een 80 jaar oude Engelse reddingsboot. We bestellen bbq rib en moeten daar lang op wachten want eerst moet het vuur worden aangemaakt. een feestelijk wijntje erbij en als nagerecht bananen in brandende rum. Een klein glaasje rum kregen we van het huis. Een avondje op de wal waarbij je even de zee vergeet al lijkt het soms na te deinen.

levensgevaarlijk speelgoed

Aktie bij de monding van de rivier

Een groep mensen doet iets onduidelijks bij de rivier, het lijkt alsof ze netten aan het schoonmaken zijn of vissen ze? We gaan op onderzoek en een vrouw komt op ons af met een emmer vol kleine visjes lijkt het. Het moet heerlijk zijn en ze biedt ze te koop aan, twee bekertjes voor 10 EC. Het zijn geen vissen maar tritrees die drie dagen lang na laatste kwartier van de maan in de rivier opgeschept worden.We krijgen een heel recept aan te horen en we besluiten een paar bekertjes te kopen. We krijgen een extra bekertje mee vanwege de Kerst. Joke mailt later naar Jelka hoe het nu precies moet worden klaargemaakt en zij verwijst naar Brother van het restaurantje bij de riviermonding. Tegen de avond gaan Simon en Joke er naartoe en voorzien van het recept komen ze in het pikkedonker terug (de rumpunch op de veranda deed het erg goed). Joke gaat aan de slag en maakt er lekkere balletjes van in de frituur. De smaak lijkt een beetje op kibbeling.

riviermonding Cumberland

Tritri, de miniscule visjes

koekjes van eigen deeg

We willen naar de Dark View waterfalls en natuurlijk met openbaar vervoer. Je gaat met de rubberboot aan de lijn naar de palmboom trekkend naar het zwarte lavastrand. Dan een stukje lopen tussen miniplantages tot je bij de rivier komt. We hebben geen keus, wadend moeten we naar de overkant. Je kunt zien dat er voorheen een hangbrug is geweest, nu staan alleen de palen er nog en liggen rollen staaldraad in het gras. Om het wachten aangenamer te maken wandelen we vast in de goede richting en worden getrakteerd op prachtige uitzichten over de baai waar de Zeevonk als een soort middelpunt ligt te stralen. Het eerste busje blijkt nog voldoende capaciteit voor vier te hebben en we worden er in gepropt. Het lijkt of deze chaufeur ook een vliegbrevet heeft: hij scheurt over het nauwe bergwegje met zijn haarspeldbochten of hij achterna wordt gezeten. Onderweg stappen er meer mensen in, ik tel een gegeven moment 18 passagiers en een doos met een tv. De uitzichten onderweg zijn geweldig en Joke en Monique laten de camera's voortdurend klikken. De dorpjes bestaan uit veelal wrakke huisjes, het busje gaat er luid toeterend met een grote vaart doorheen. Je moet er niet aan denken dat een kind plotseling oversteekt. We worden keurig ter plekke afgezet vanwaar we wandelend verder moeten, de bergen in.

bekend van de "Pirates of the Caribbean", nu zonder lijken (Wallilebou)

wachtend op de groene flits

Bezoek aan de Dark View watervallen

Af en toe klettert een korte bui op ons neer. In feite hebben we geluk, onder een brandende zon omhoog is niet echt leuk. Het weggetje naar de watervallen is verlaten. We lopen verder langs de houten pijp die net als wijnvaten met ijzeren bindsels is gemaakt. Op enkele plaatsen spuit een klein straaltje water tussen de planken en je kunt zien dat er ook regelmatig wordt gerepareerd. De parkeerplaats is verlaten, hoera, we hebben het rijk alleen. De hangbrug met bamboelooppad ligt er prachtig bij tussen het groen en in het zonnetje. Dan door de grote bamboebossen, het geklater van een waterval wordt steeds duidelijker. Een veel grotere waterval dan die op St. Lucia komt in zicht. Kleren uit en onder deze natuurlijke douche. De waterstralen zijn aardig hard en de temperatuur is veel lager dan die van het zeewater. Speciaal voor de foto lijkt een zonnestraal door te breken waardoor we prachtige plaatjes kunnen maken. Kleren aan en... naar de volgende waterval die een stukje hoger ligt. We komen nu echt door de rimboe en klimmen over een smal modderpaadje met af en toe een paar treden omhoog. We naderen een steile wand en gelukkig is er nu ook een houten hek langs dat wat steun kan bieden en als vangrail dient. Dan komen we bij een stukje waar het pad in de diepte is verdwenen. Dit keer geen touw bij ons maar met handen en voeten via uitstekende rotspuntjes en boomwortels komen we boven. Een stukje door een glibberige rivierbedding en we zijn weer bij een waterval. Zelfde scenario: kleren uit en onder de waterval. een geweldig gevoel van vrijheid midden in de natuur. De terugweg gaat soepel en beneden bij de eerste waterval horen we mensen. Even verder komen we een paar kleine groepjes tegen en op de parkeerplaats staat nu een busje. We hebben geboft. Joke plukt callaloo voor de soep vanavond, het is er in ruime mate aanwezig, de plek wist ze nog van vorige keer met Jelka.

openbare weg!

idyllisch?

Cumberland baai van boven af

bamboe hangbrug bij de Dark View Falls

imponerend bamboebos

de bovenste watervallen

de onderste

Joke plukt callalou voor een overheerlijke inlandse soep

Kayakken als watersport

Natuurlijk ga je in een baai als deze op onderzoek. Onze tweepersoonskayak is dan het ideale vervoermiddel. Langs steile rotswanden en duidelijk zichtbare ondieptes kwamen we bij een strandje, dit keer van wit zand hoewel Monique het daar niet mee eens is (die vond het zwart). Het snorkelen bracht niet veel bijzonders. Het was wel mooi om rond een hoge rots te zwemmen, dan ineens in de schaduw dus duisternis te komen en verderop weer blauw licht te zien. Geweldig doorkijkje. Wij naar de overkant waar een duikplek en ook een snorkelplek zou zijn. De rode boei aldaar is door de tropische storm Omar verdwenen. Het water is helder genoeg om de rotsen en koralen onder je te zien en wij weer te water. Helaas, geen grote vis te zien. Af en toe tegen pittige windvlagen in rammend komen we thuis. Dit is sport!

De batcave en de tunnel

Vrij vroeg regende het fors, bui na bui zorgde voor veel groen op het eiland. Zodra het een beetje opklaarde vertrokken we en buiten de baai... was geen wind. Volgens windfinder.com en windguru.cz zou het 's morgens 25 knopen waaien, windkracht 6. We motorden de 5 mijl naar ons doel: de batcaves. Hier ankerden we tussen de Buccamentbay en Petit Byahaut. De Zeevonk draaide alle kanten op en om niet de rotswand te raken toch maar iets meer naar buiten. Eerst verkenden we het rif dat Joke wat vond tegenvallen. Vervolgens met de rubberboot het hoekje om naar de ingang van de batcave. Leuk detail: een rondvaartboot voer wel even naar de ingang - waar je dus geen vleermuis kon horen of zien - en ging toen weer verder. De deining viel mee dus te water en voorzichtig snorkelend naar de ingang. Dan linksaf waar we werden verwelkomd door krijsende vleermuizen. Door de deining wordt je als het ware naar binnen gestuwd en voor we het wisten dreven we de nauwe gang in. Boven je hoofd voldoende ruimte voor je snorkel. Direkt zagen we al het blauwe licht van de uitgang, een veilig idee want een donkere tunnel in zonder licht is niet mijn hobbie. Monique voelt zich als een vis in het water en duikt naar beneden, het blauw tegemoet. Een fantastisch gevoel om hier te snorkelen en na een tweede keer mochten ook Joke en Simon onder begeleiding erdoor. Ze kwamen al even enthousiast weer boven water bij de uitgang.

ingang batcave: hels gekrijs en duisternis

uitgang batcave bij Buccament St. Vincent

Ruw weer bij de oversteek naar Bequia

'Even' de tien mijl naar Bequia dacht ik. Met de ervaring dat om het hoekje van St. Vincent de wind toeslaat en gezien het ruwe water is de keuze snel gemaakt: eerst maar de fok ipv de genua. De zeilen stonden nog niet of een zware bui dendert over ons heen. Joke ziet 35,7 knopen op de windmeter staan. Gelukkig nam in de bui de wind iets af en snelden we met 10 knopen in de goede richting. Nog geen tien minuten later weer een bui. Het water begon ook ruwer te worden. Joke komt vragen wanneer het eerste rif er in gaat. Gezien de nog af te leggen afstand, 6 mijl, dacht ik dat het niet nodig was. Met de halve wind schiet je lekker op. De golven bouwden op en schuimstrepen ontstonden. Een kruller klapte tegen de romp en spatte uiteen over de Zeevonk. Dus toch maar een rifje! Het bleef erg ruw tot een paar mijl van de ingang van de Admiralty Bay toen de wind iets afnam. In de luwte van de punt borgen we de zeilen op en motorden de baai in.

Altijd mot met Amerikanen?

We vonden ruimte aan de noordkant en met de flinke noordoostenwind die de volgende dagen wordt verwacht - een waarschuwing over de radio dat jachten werd geadviseerd niet op open water te varen - en lieten vele meters ketting lopen. Nabij gelegen jachteigenaren stonden waaks op het dek, sommigen begonnen te schreeuwen dat hun anker vele meters voor hun lag. Ons anker viel op 4 meter diepte, prima als je veel wind hebt en nog meer kunt verwachten. Eindelijk aan de lunch. Maar al heel snel verscheen de voorbuurman in zijn dinghy om te vertellen dat hij naar onze ankers had gekeken: wij lagen vlakbij de zijne en ons anker was niet ingegraven. Hij voelde zich erg oncomfortabel en of we maar een andere plek wilden zoeken en dan graag voor het donker werd... We zijn altijd bereid om onze goede wil te tonen maar we lagen goed. Eerst maar eens kijken hoe de ankers liggen en wat zie ik? Zijn anker ligt verder weg en meer dan tien meter van de onze, en, keurig ingegraven. Geen reden om het te verplaatsen en we varen naar de buurman om dat te melden. Zijn vrouw begint te stuiteren, heel vervelend dus. We varen de baai rond, dus ook naar de overkant bij de Princess Margaret Beach om te zien hoe de toestand daar is. Er zijn wat geschikte plekken. Opvallend trouwens dat in de hele baai maar één ander Nederlands jacht ligt, de Kingfisher uit Amsterdam, voor ons onbekend. Terugvarend naar de Zeevonk konden we konstateren dat de afstand tussen ons en de voorburen en achterburen tientallen meters was. Alles bijelkaar voldoende om het dwingende verzoek van onze buren te negeren!

Een uurtje later kwam een groot motorjacht in de buurt ankeren, hij gaf zoveel ketting dat hij in de route van de veerboten terecht kwam en ... bleef liggen ondanks het gemopper over de marifoon van de veerbootkapiteins. Het werd snel donker en de grote vijfmaster met verlichte ra's ging vertrekken. Een prachtig gezicht al die lampjes van het langzaam draaiende schip. Intussen hadden wij ook onze Kerstverlichting aan: het snoer met 40 blauwe dolfijntjes boven de kuip, de kerstboom binnen en het witte lichtsnoer van de masttop naar de boegspriet. Om ons heen ook boten met feestverlichting en natuurlijk op de wal. Het mooiste was bij een villa hoog tegen de heuvel, een kerstslee met kerstman en tekst.

Kerstdrukte in de Admiralty bay Bequia: 200 jachten?

Het water was te ruw om met zijn vieren tegen de wind naar het dorpje te varen dus een alternatief programma: een heerlijke mix van Joke en kijken naar de film "The pirates of the Caribbean". We herkenden de plekken waar het was opgenomen in Wallilabou baai. Dat Monique halverwege in slaap viel geeft aan dat we een aardig vol programma achter de rug hadden.

Eerste Kerstdag op Bequia

Na het Kerstontbijt met muziek van het koor van de St. Paul's Cathedral op de achtergrond, tuffen we naar de kant. De wind is duidelijk afgenomen en we komen droog over. De fruit- en groentenmarkt met de (net als vorige keren) te opdringerige rastamannen is normaal in bedrijf en ook het kleine levensmiddelenwinkeltje en de boekwinkel zijn open. We kijken wat rond. Monique scoort heerlijke koeken met stukjes chocolade, Simon koopt een "oude" kaart van de Grenadines. De man (Mitchell) van de internetzaak herkent ons en schudt de hand. Hij heeft geen ijs e.d. meer in de verkoop, handelt nu in appartementen. Ook hangt er een plan voor een jachthaven in de baai aan de andere kant van het eiland. Tijd om omhoog te lopen richting Hope Bay waar we eerder een leatherback op klaarlichte dag eieren zagen leggen. We komen langs het ziekenhuis en een voetbalveld met tribunes. Hier is een man met een rood hoedje bezig om het hoedje dat steeds van zijn hoofd waait weer op te vangen. Monique wil graag met een kerstmuts op de foto. Je begrijpt het al: samen op de foto.

Sorrell, hier maakt Joke een drankje van:

Joke's Kerstdrankje: van sorrel bloemen

We vervolgen onze weg verder omhoog en dan loopt die dood. Door een parkachtige tuin klimmen we een stukje om op de hoger gelegen weg te komen. Gelukkig geen honden. Bij een viersprong nemen we de verkeerde afslag en na een paar kilometer is het duidelijk dat we richting schildpaddenopvang lopen. Prima, was ook een mooi doel. Ineens zien we een weggetje naar een strand. We hoeven niet lang na te denken: op naar de zee! Het blijkt een ruw strand met een paar ruïnes van eettentjes en een vissersbootje op de kant. Het water trekt en al snel liggen we in het water. Monique bedelt om een fotosessie van haar met het palmenstrand op de achtergrond. We genieten met volle teugen. We gaan weer verder en komen bij een klip waarvan je een prachtig uitzicht hebt op de kolossale branding en een paar eilanden in de verte. Even verder komen we bij de baai met een restaurant aan het water. Het is royaal lunchtijd, voor twijfel is geen plaats. Op het veldje aan het water staan heerlijke stoelen en heb je een prachtig uitzicht. Monique ziet een scheve palm en dus... klimt ze erin hetgeen ook weer fotografisch moet worden vastgelegd. Simon ziet de appartementjes die hier worden verhuurd en toont meer dan normale belangstelling. Als we ons broodje lobster verorberd hebben vraagt hij om een rondleiding. Binnen valt het tegen: erg 'basic' en ook de prijs liegt er niet om: US$ 85 per nacht.

wachtend op een cocosnoot?

verlaten strand: opdrogen na een naturistische duik

Weer verder en bij de volgende bocht zien we eindelijk het gebouwtje van de schildpadden. Overal schildpadden in alle maten en soorten in de bassins. We zien ook hoe ze gevoederd worden met kleine visjes. De schildpadden pakken ze dwars met hun snavelachtige bek, tikken met hun voorvlerkken kop en staart naar achteren en slokken het visje vervolgens op. Ze gaan als stofzuigers over de bodem en binnen de kortst mogelijke tijd zijn alle visjes verdwenen. Er staat een safariachtige taxi, een klein gezelschap franstaligen is er mee gekomen en het lot wil dat we terug mee kunnen. Ik mag vanwege mijn beenlengte bij de chauffeur plaatsnemen en in een ijselijk langzaam tempo hobbelen we terug naar Port Elizabeth aan de haven. Wat een verschil met de kamikazebusjes van St. Vincent! Het Franse gezelschap wilde niet van meebetalen weten, een aardig gebaar.

Hawksbill

een paar dagen oud

Terug naar de Zeevonk om het kerstdiner te bereiden, onze gasten dwaalden langs de restaurants aan de baai en we kwamen elkaar tegen bij de duiksteiger. Na een versnapering op het terras van Gingerbread - met de gratis wifi die we aan boord kunnen ontvangen - stapten we in de rubberboot en kwamen terecht bij de Kingfisher, een Swan 60 met Nederlandse vlag. De Braziliaanse schipper die we al in Wallilabou ontmoetten bij de douane, nodigde ons uit voor een wijntje. Een gezellige man, we hopen ze in het zuiden weer tegen te komen, Monique vooral vanwege het wakeboard dat ze aan boord hebben. Ook wil hij wel een wedstrijd. De eigenaar is niet aan boord, als we het goed begrijpen is hij de man van het tijdschrift Quote. Nadat de Kerstman in korte broek in een dinghy ook was langsgekomen en we de lichtjes van de Zeevonk zagen aangaan werd het tijd om huiswaarts te keren.

de Zeevonk in Kerst outfit

Kerstdiner aan boord

Het hoeft niet primitief, hetgeen Joke bewijst met een meergangen diner, zie foto. We smullen van de exotische gerechten, terwijl kalkoen in Europa een onderdeel van het kerstmenu is. Na de afwas, koffie en thee hebben we niet veel praatjes meer en zoeken we vlot onze kooien op.

Naar de Tobago Cays!

De Tobago Cays gelden als het mooiste stukje Carieb. Het is het meest tot de verbeelding sprekende: onbewoonde eilandjes en witte stranden met palmbomen. Het geheel ligt beschut achter een halvemaanvormig rif, het Horseshoe rif. Binnen het rif is veel ondiep zand dat de kleur van het water alle schakeringen tussen turkoois, groen en blauw geeft. Het water is glashelder en de temperatuur ligt boven de 27 graden. Schildpadden grazen op de bodem, af en toe boven water komend om weer wat lucht te happen. Snorkelend tussen de riffen zien we vele vissen met af en toe een schuwe haai of een nieuwsgierige barracuda (maar dit keer niet).

Als we anker op gaan moeten we omzichtig langs onze vervelende voorbuurman. Het gaat allemaal moeiteloos, de stootwillen hangen voor niks. Ook de Canadese achterbuurman vertrekt, hij heeft keurig op ons gewacht omdat wij in de buurt van zijn anker lagen. Met de wind pal achter varen we de Admiralty Bay uit, samen met vier andere boten. Bij het ronden van de westpunt gaan de schoten aan en met 7-8 knopen op fok en grootzeil met één rif gaan we zuidwaarts. De zee is niet echt ruw, we hebben bakstagwind en al snel kan de genua erbij. Canouan wordt snel groter en ook de contouren van Mayreau, Union Island en Carriacou zijn zichtbaar. Een groot zeiljacht haalt ons in, het lijkt een echte ouderwetse racer. Achter ons vele zeilen. Voor Canouan trekt de wind iets aan tot 30 knopen. Ook de golven die schuin van achter komen worden hoger en voor we het weten ligt onze snelheid boven de 10 knopen met een maximum van 11,3. Dat schiet lekker op! De Tobago Cays komen in zicht als we Canouan passeren, tijd om wat zeil te minderen zodat we komfortabel tussen de riffen door kunnen. We draaien langzaam naar de wind toe en onder het eerste eiland bergen we de zeilen op. De ondiepe doorvaart tussen de twee eilanden ligt al vol met boten, waarschijnlijk omdat ze het achter het rif te ruw vinden. We schuiven er tussendoor, gaan stuurboord uit waar we dichterbij het rif kunnen komen. Het aantal schepen valt mee, de meeste liggen aan de nieuwe moorings. We zoeken een van de voorste op en maken daar vast. Monique springt in het water om de tweede lijn ook aan de mooring te bevestigen wat met veel wind, stroom en golven geen sinecure blijkt. Om het uiteinde door het oog van de mooringlijn te krijgen moet ze met volle gewicht afzetten. Het lukt en we liggen in het paradijs!

Schildpadden?

In het afgebakende stuk onder het eilandje Baradel grazen de schildpadden. We zijn teleurgesteld als blijkt dat door de golven die van twee kanten om het eilandje komen het water behoorlijk troebel is door het opwervelende zand. Geen schildpad te zien terwijl even daarvoor er twee grote achter de Zeevonk omhoog kwamen. Joke mediteert op het strandje, Monique beklimt de top van het eiland en wat later maken we kennis met een Nederlands sprekend gezin dat schildpaddeneieren vond. Monique klom in een palm maar anderen waren haar voor en de kokosnoten waren al verdwenen. Een kitesurfer maakte zijn spullen klaar, een heel gedoe met al die lijnen.

Surfen?

In de verte zag ik een windsurfer en maakte Monique er op attent. Zij zag hem achter een boot verdwijnen waarop ik opperde er naartoe te varen, misschien een kans voor haar? Hier volgt het relaas van Monique:

"Aangekomen bij de boot vertelde Henk de kaptain Vill aan boord dat ik een windsurfster ben die de windspullen "vergeten" is mee te nemen. Nou dit was geen probleem, ik mocht wel met zijn setje gaan varen (Neil Pryde V8 6.5m2 en formula fanatic). Het was wel even wennen, het is natuurlijk niet mijn 2008 slalom setje (North Sails en Starboard). De giek bewoog heen en weer en het was onmogelijk om in de voetbanden te komen en het kostte heel veel moeite om op de plank te blijven staan want die was vreselijk glad ook met surfschoentjes aan gleed ik er zo ineens vanaf, maar het kon de pret niet drukken. Mijn geluk kon niet op, om op zo'n mooie plek wat rakjes heen en weer te kunnen maken, tussen de onbewoonde eilandjes van Tobago Cays. Helemaal met de witte stranden en de palmbomen en dan met 22 knopen tussen de zeiljachten door, wat wil je nog meer. Na een klein uurtje ben ik weer terug gegaan naar de boot en hebben we nog lekker zitten kletsen. Toen we afscheid namen zei Vill: als je morgen weer wilt kom je maar weer gerust langs dan kan je de spullen weer gewoon lenen. Nou daar wilde ik wel zeker gebruik van maken van dat aanbod...."

de nieuwe massagetafel bevalt uitstekend

De catamaran van Moorings met een Engelse vlag bleek 'bewoond' door twee Letse families en Wil blijkt een gezellige prater. De catamaran, een Zuidafrikaanse, is hun eigendom, wordt verhuurd aan Moorings en over 1 jaar komt hij vrij. Hij ligt in de Britse Maagden eilanden en een aantal weken per jaar kunnen ze er zelf mee varen. Hij en zijn vriendin wonen momenteel in Vienna, zijn broer met gezin in Letland. Hij weet alles van windsurfen en de plank heeft hij gehuurd, helaas bleken al snel een aantal mankementen.

De " Senang"

Dit maleisische woord past uitstekend bij een Indonesisch gezin met twee jongens van 8 en 9. Jean-Pierre en Vara zijn dit jaar vertrokken uit Nederland en willen door het Panamakanaal naar Australië en Indonesië. Ze hebben een drie jarenplan. Joke geeft ze inside information over de Carieb, wie weet komen we ze ergens tegen voor ze definitief naar het westen vertrekken.

De windgeneratoren overwerkt

Volgens de gebruiksaanwijzing van de KISS-windgenerator kunnen ze tot ongeveer 23 knopen goed werken, daarboven krijgen ze het wat warm en gaat een thermische rem in werking. Je kunt ze afzetten door de schakelaar op 'off' te zetten. Dit zou tot 40 knopen goed werken, daarboven moet je de propellor uit de wind draaien. We liggen hier in de Cays in de volle wind, de windmeter geeft gemiddeld 21 knopen aan. De beide KISS-en maken lawaai wat we niet gewend zijn. De amperemeter laat een veel lager ampere zien dan we gewend zijn: het is duidelijk, ze hebben het benauwd. Om het lawaai te voorkomen draai ik ze uit de wind want ze reageren niet echt op de uit-schakelaar. Zo creëer je wel een aparte situatie: genoeg wind, geen stroom. Voor de nacht is het veel rustiger, want als het tijdens een bui echt gaat waaien...

Wachten op Wil

Zeker een uur nadat de 'bakker'zijn broden heeft afgeleverd zien we Wil met de windsurfer aan de gang, zijn neef met de kitesurfer. Komt Monique nog aan de beurt? Nadat hij een paar maal achter ons langs is gevlogen en mijn inziens te veel risiki neemt door over een donkere koraalplek te scheuren, zien we hem niet meer uit het water komen. Iets kapot? Van een nabijgelegen boot komt een dinghy hem redden en, alles wordt aan boord gehesen en teruggebracht naar hun catamaran. Wij per kayak er naartoe en jawel, meneer is zijn vin kwijtgeraakt door over een te ondiep rif te varen. Vin weg, einde verhaal. Wij moeten terug boksen tegen wind en golven, dat is ook sport!

Op snorkelexpeditie bij het horsshoerif

Bij het rif zijn oranje moorings voor de rubberboten, vandaar snorkel je zo het rif binnen. We hebben gelukkig flippers aan want er staat een flinke tegenstroom. Het water is glashelder, de vissen doen net of ze je niet zien. Deze kwaliteiten doen Curaçao vergeten maar, waar blijven de haaien? Als troost vind ik een drietal kreeften van redelijk formaat, hun sprieten verraden hun aanwezigheid. Joke ziet een kleine kreeftachtige waarvan ik de naam niet heb gehoord. Op de terugtocht komen we de bemanning van de Kingfisher tegen, de boot hebben we niet gezien, vanwege zijn diepgang waarschijnlijk aan de andere kant blijven liggen. Eenmaal thuis probeert Monique te vissen met aas en wordt ze verrast door twee southern rays. Ook komt af en toe een schildpad van redelijke afmetingen even poolshoogte nemen.

even ademhalen

Waar moet je zonnen op een catamaran?

De trampolines lijken bij uitstek geschikt maar Monique vindt een alternatief: liggend op de kayak die af en toe stuitert aan zijn lijntje achter de Zeevonk. Word je sneller bruin zo dicht bij het water?

zwevend op het blauwgroene water

Op eilandexcursie, dit keer Petit Bateau

Dit is het eiland waar de souvenierverkopers zijn neergestreken en 's avonds wordt gebarbequed. Terwijl we die kant opvaren zien we dat op de boot met de Italiaanse vlag de windsurfspullen aan boord worden gehesen. Toch even een praatje maken? Snel er naartoe, je weet nooit of er een mogelijkheid bestaat... We hebben sukses, een vrouw met zoon zijn net het zeil aan het losmaken als hun duidelijk wordt dat Monique misschien wil? Ze tuigen het zeil weer op en laten het in het water zakken. Monique in haar element! Simon en ik worden aan boord van de "Gemm", een Swan 55 verwend. Gastvrouw Roberta blijkt heel gezellig, kent Zuidlaren waar haar schoonmoeder heeft gewoond! De huisvriend, Luca, is vroeger een goede waterpoloër geweest, hi heeft het geschopt tot jeugd internationaal en is verheugd te horen dat ik ook een polo carrière achter de rug heb. Er komt bier en wijn op tafel met brokken Parmasaanse kaas. Het leven is zo slecht nog niet! Het eiland op... kan de volgende dag ook nog.

Monique surfend tussen de boten

aan boord bij de Swan 55 van Vincenzo en Roberta

Zondagochtend programma

Allereerst naar Jamesby, het meest zuidelijke. Daar staat een scheve palmboom op het strand die tijdens ons vorige bezoek beklommen werd door Marinus, een oprechte Fries. De foto staat op deze website. Nu is het de beurt aan Monique die elders al heeft geoefend. We leveren eerst een usb-stick met foto's van de bemanning van de Gemm. Daar wordt Monique direkt weer uitgenodigd, maar eerst naar Jamesby. De landing aan lagerwal viel mee, lijn aan de palm en naar de klimboom. Het blijkt een peuleschilletje voor Monique. Na ook de heuveltop te hebben beklommen en panoramafoto's te hebben genomen, stappen we in de rubberboot en varen naar het strand van Petit Bateau. We beklimmen eerst de top voor we naar het strand aan de noordkant gaan waar souvenierverkopers hun waar aan de lijnen hebben hangen. Er wordt gescoord: T-shirts met "Sail more. work less" en "Sail fast, live slow" veranderen van eigenaar.

Friese boeren kunnen het, Bonairiaansen ook!

met een diepere betekenis? Simon: work less?

Op de terugweg passeren we de "Senang" waar we meteen voor de koffie worden uitgenodigd. Monique gaat door naar de "Gemm" om weer te surfen. We hebben het er maar druk mee. Later komt ze zwemmend naar ons toe, bekaf want zonder trapeze met 22 knopen wind valt niet mee.

Dan is een bezoek aan het afgezette stuk onder Baradel aan de beurt. Het water is nu glashelder dus dat is schildpadden scoren. Het was boven en onder water druk: veel snorkelaars en veel schildpadden. Prachtig te zien hoe de schildpadden grazen. Het opstijgen om weer lucht te krijgen gaat met ferme slagen, een paar maal de kop boven water en weer naar beneden. Het feit dat je met ze op kunt zwemmen in hun natuurlijke omgeving maakt het bijzonder. Heel anders dan op Bequia bij de schildpadden opvang.

Eenmaal terug op de Zeevonk tijd voor de lunch en daarna massage en Reiki. Kan het beter? Nog een keer snorkelen bij het rif blijkt niet eenvoudig: er staat nu een forse tegenstroom en het oppervlaktewater is zeer onrustig. De helderheid is duidelijk minder dan de vorige keer en behalve met foto's van een onderwater snorkelende Monique, keren we met lege handen terug.

Vreemde capriolen in de duisternis voor ons

Monique zit voorop sterren te kijken: de melkweg is schitterend te zien. Er ligt een catamaran voor ons. Het waait zo'n 22 knopen, de windgeneratoren maar afgezet vanwege hun lawaai. Het water is onrustig. Dan ziet Monique de cat voor ons dichterbij komen en mensen op het voordek. Vreemd, want hij ligt toch aan een van de twee moorings voor ons? Er klinkt geratel van een ankerketting, ze hoort stemmen. Ze waarschuwt mij en we kijken wat er verder gebeurt. De vrij grote cat komt tot stilstand zo'n 30 meter voor ons. Ik had al de sleutels in de contactsloten want zijwaarts proberen weg te komen was de meest voor de hand liggende optie. De cat aan de mooring op tien meter achter ons blokkeert de achteruitgang. Het wordt rustig aan boord van de voorburen en wij hebben weer tijd voor andere dingen: een Duitse promotievideo van dit gebied bekijken waar ieder nu al vele plekken herkent.

De tijd tikt door, ons verblijf in de Tobago Cays loopt ten einde

In de vroege ochtend een paar regenbuien, zware donkere luchten. Tijdens het ontbijt klaart het op maar de wind is nog steeds 22 knopen. Ons plan is simpel: richting Bequia en we zien wel. Monique komt met een verrassende observatie: de twee mooringballen voor ons zijn weg, de cat voor ons ligt aan zijn anker. Wat is er de vorige avond gebeurd? Wij maken los en terwijl we door het veld heen varen komt de Marine Park boot er aan om de centjes op te halen. Prima timing dus. Ook de alarmerende mededeling van Wil dat een mooring 45 EC per nacht kost blijkt in de praktijk mee te vallen: niemand heeft geld voor de mooring gevraagd zodat we drie nachten en vier dagen in de Cays hebben gelegen en maar voor twee nachten hebben betaald: 10 EC pp per dag dus 80 totaal. We varen achter de Senang langs waar alles nog in diepe rust lijkt. Als we Petit Rameau voorbij zijn is het tijd om het grootzeil bij te zetten, dit keer met twee riffen om niet te worden overvallen door buien met windkracht zeven. We kruipen weer tussen de riffen door, de kortste weg naar het noorden. Halverwege Canouan klinkt een bekende stem over de marifoon: het is Jelka van de Aeson die ons tegemoet vaart! Ze hebben overnacht in Canouan en gaan nu naar de Tobago Cays en brengen Oud en Nieuw door op Mayreau. We stampen verder en ter hoogte van Canouan nemen we het besluit om dit voor ons onbekende eiland aan te lopen. Een grote slag en we liggen voor de Charlestown Bay. We zien er veel moorings, letterlijk en figuurlijk: er is hier een 'nederzetting' van Moorings, een van de grote verhuurders in dit gebied. We maken de man in de rubberboot die komt aanvaren duidelijk dat we gaan ankeren en geen behoefte aan een boei hebben.

Bliksembezoek aan Canouan

We kunnen kiezen uit drie steigers, die van het Tamarind hotel is leeg, die van de veerboot is verderop dus kiezen we voor de middelste waar een paar dinghies liggen. Een komfortabele roestvrij stalen trap maakt het landen makkelijk. We blijken aan de steiger van Moorings te liggen en lopen door het gebouwenkomplex naar de openbare weg. Niemand die ons vragen stelt. Joke heeft een drietal restaurants uit de Doylegids overgeschreven en wij zetten de eerste stappen op dit voor ons nog onbekende eiland. Het is er erg rustig, de zon brandt er lekker op los en de weg vooert zeer steil naar de top zonder dat we een van de genoemde restaurants tegenkomen. Het uitzicht over de oostkust is mooi, een flinke branding stuitert op de riffen. Er komt een man met speargun en flippers aanlopen. Hij moet ons teleurstellen, de genoemde restaurants bestaan niet meer of serveren geen lunch maar misschien hebben we meer geluk beneden (!) achter het politiebureau. Aan de kant van de weg zitten kleine groepjes mensen onder de bomen, iets dat Monique van Bonaire herkent. Als ze daar aan de jeugd vraagt wat ze het liefst doen dan is er een grote kans dat ze zeggen: "onder de bomen zitten". Achter het politiebureau uit 2005 is een gebouwtje dat de kliniek blijkt te zijn. Aan de deur hangen prijslijsten van bloedonderzoek, tijden van artsen aanwezigheid en zo meer. Als ik er een foto van wil maken gaat de deur open en een hoogzwangere verpleegkundige vraagt of ze iets voor me kan doen. Als ik vertel dat ik graag wil zien hoe hier de gezondheidszorg is mag ik over een uur terugkomen, ze gaan nu net lunchen. Verderop onze laatste strohalm, maar ook dit restaurant blijkt gesloten, de mensen zijn op vakantie. Via een klein supermarktje scharrelen we weer terug en komen bij Crystal Appartments eindelijk aan een lunch toe. We zitten op de porch aan een keurig geknipt gazon en krijgen sandwiches, Sprite en Haroun bier, het inlandse bier hier.

Nog 18 mijl tegen de wind en 3 meter hoge golven naar Bequia, dat wordt nachtvaren

Onder het eiland staat niet veel wind, het is wel vlagerig. We zien de "Ocean Viking" van Maarten liggen. We halen een rif uit het grootzeil en duiken in de volle wind en golven. De westpunt van Bequia blijkt al snel te hoog te liggen. De autopilot heeft het zwaar met de hoge golven die ons steeds naar lij drukken. Monique doet haar best en we vorderen gestaag. De wind neemt wat af en de genua kan deels worden uitgerold. Toch gaan we niet snel, het houdt op bij vier-vijf knopen. De zon verdwijnt oranje onder de horizon. De wind blijft vlagerig maar neemt iets af, helaas de golven blijven. Als de genua steeds weer inklapt moet ik kiezen: of verder afvallen of recht tegen de wind op de motoren. Gekozen voor het laatste blijkt het effekt tegen te vallen: we halen nauwelijks twee knopen en hebben moeite om bij deze lage snelheid te sturen. We kruipen naar de westpunt van Bequia en om half tien zijn we in de baai. Joke heeft het diner klaar en meteen daarna duiken we te kooi. Een boeiende dag maar wel vermoeiend.

weekprogramma clinic Canouan: twee ochtenden per week een arts op het eiland

Uitklaren terwijl je er niet bent

Typische situatie: de douaneman vroeg naar onze immigratiepapieren die we niet hadden. Hij wist waarom: in Wallilabou zit alleen douane, geen immigratie. In die val loopt natuurlijk iedereen. Moet je soms naar elders voor de immigratie? Voor hem betekende dat wij niet in het land waren en dan kan je ook niet uitklaren! Hij wist ook de oplossing: naar het loket van de immigratie en daar eerst inklaren en meteen weer uitklaren. Dit verliep zonder noemenswaardige problemn. Weer een ervaring rijker.

Mutsen haken en sieraden verkopen

Bij een tafel aan de kant van het voetpad zat een jonge inheemse vrouw mutsen te haken. Er hing een hele serie, reden om te passen. Het werd hem niet maar wel een armband, een paar flessen vruchtenwijn en we mochten fotoos van haar maken. Ze heet Melissa en blijkt moeder van twee kinderen, zoontjes van 4 en 2 jaar die even later aan haar hingen.

geheim drankje Melissa

muts passen

Modelbootjes

Bequia staat bekend om zijn prachtige modelbootjes, wij dus naar de winkel waar ze tentoongesteld staan. Zelfs een schitterende viermaster stond te midden van vele modellen, de een nog glimmender dan de ander. We hebben maar niet naar de prijzen gevraagd. In een model zit minstens een week werk.

Eindelijk vriendelijke rasta-jongens

Joke heeft ze getemd, dat blijkt.

Speedy krijgt een andere eigenaar

Wat of wie is Speedy? Het is de Optimist die door de Senang uit Nederland is meegenomen voor hun zonen. Hij is niet gebruikt al die tijd en ligt maar op het voordek. Het ging fout toen een forse golf tussen Tobago Cays en Bequiea hem bijna van het dek spoelde. De lastpost moet weg en zo snel mogelijk. Jean-Pierre wil hem wel gratis op de kant zetten, zover is het al. Tja, is dat niet een beetje zonde? We denken aan Carriacou, waar de yachtclub geld inzamelt voor kinderen met handicaps. Kunnen ze hem daar niet inleveren? Nee, want ze komen daar niet. Uiteindelijk bieden wij aan het bootje mee te nemen en het ergens voor een goed doel te verkopen. Ze gaan akkoord en het bootje wordt opgetuigd, het boekje moet er bij komen om te zien hoe dat precies moet. De grootvader van de jongens heeft zelfs een roeiset gemaakt, ook die gaat mee. Dan stappen Monique en ik in Speedy die dan aardig overbelast lijkt. We zeilen voor de wind naar de Zeevonk die aan de andere kant van de baai ligt. Het geluk is met ons, we houden hem overeind!

een diepgeladen Speedy richting Zeevonk

Natuurlijk wil Monique, notabene zonder zeilervaring, met Speedy op pad. Het gaat goed tot ze moet gijpen en jawel, omslaat! Daarna was het halfvolle bootje moeilijk te sturen en moest ze naar de Zeevonk worden gesleept. Weer een ervaring rijker.

de eerste les eindigt ondersteboven

Op naar Buccament Bay, St. Vincent

Veel cruisers laten bewust St. Vincent liggen, wij deden dat ook. De reden was aggressieve overvallen op boten, daar wordt je niet blij van. Maar het tij keert, zoals dat heet: in Chateaubelair werden de overvallers gepakt en Piet en Jelka leerden ons mooie plekken kennen, o.a. de batcave met de tunnel waar je doorheen kunt snorkelen. Joke las in de Doyle gids positieve dingen over Buccament Bay en Petit Byahaut en omdat we zo noordelijk mogelijk in St. Vincent wilden overnachten om de volgende dagtrip niet te lang te laten worden en omdat we aan de wal wilden eten, kozen we voor de eerste. Simon stuurde tijdens de oversteek en krijgt een aantekening op zijn CV. Het resort blijkt gesloten, het restaurant op de foto is er niet meer. Om niet verder te hoeven ankeren we voor het strand, onbekend wat de andere mogelijkheden van dit dorpje zijn. Het is heerlijk rustig, er spelen wat kinderen op het strand, er zijn wat vissers bezig met kleine roei(!)bootjes. We lanceren de kayak zodat onze gasten rond een eilandje op de hoek van de baai kunnen varen. Het hoogtepunt echter is het onder de Zeevonk doorvaren. Het water is glashelder, maar helaas, de duisternis slaat toe en we zoeken de kant op. We treffen het: we liggen tegenover een gloednieuw Thais restaurant, we hoeven alleen maar de weg over te steken. We worden warm ontvangen en krijgen een prima plek tussen de tuin en een inpandige vijver. Het eten smaakt ook voortreffelijk en Joke praat na afloop met de eigenaar, Rocky Punnett, die hier een paar maanden gelden met zijn Thaise vrouw en haar familie dit restaurant "Baan Thai" heeft geopend. Kortom, een aanrader!

de crew op kanoavontuur: onder de Zeevonk door!

een nieuw restaurant ontdekt in Buccament: een Thaise aanrader!

De laatste etappe: Buccament Bay (St. Vincent) - Marigot (St .Lucia), 56 mijl

We vertrekken vroeg na een koude nacht waarbij Monique op het voordek onder Speedy heeft liggen slapen en ik het echt koud heb gehad: de thermometer wijst 's morgens 23 graden aan, brrr. We weten niet wat voor wind ons te wachten staat en het is een flinke oversteek. Voor en achter ons al meer dan tien boten die er kennelijk net zo over denken. We moeten motoren tot de noordpunt van St. Vincent maar dan kunnen we zelfs iets ruim varen. Ook de golven zijn niet al te hoog, het belooft een makkelijk ritje te worden. Een bui nadert en we rollen de genua preventief iets in: de windmeter kwam niet boven de 26 knopen. Helaas raakte de wind wat van slag en moesten we afvallen, ons doe was niet langer bezeild, zoals dat heet. Tien mijl van de Pitons draaide de wind weer iets in de goede richting maar dat duurde niet lang: de wind viel weg en kwam met vlaagjes pal tegen af en toe terug. Motoren maar weer. Dan steekt de wind weer op en zeilen we de laatste mijlen. De ingang van de baai is makkelijk te herkennen: boten varen af en aan.

karakteristiek plaatje baai Marigot

de bananen boatboy is zeer bedreven in het aanprijzen van zijn waar

Oud & Nieuw in Marigot St. Lucia, een aanrader!

De laatste jaren zaten we met Oud & Nieuw duidelijk op de verkeerde plekken: in Roseau (Dominica) en Deshaies (Guadeloupe) waren we de enige met vuurwerk. We maken eerst een verkennend rondje in de kleine baai en zien zowaar twee Nederlandse vlaggen: de Tara en de Velvet. We ankeren buiten op 1.80 m. Daar krijgen we geen spijt van blijkt later. We willen eten aan de wal en varen de restaurants langs. Resultaat: te duur, volgeboekt, alleen het dure menu. Joke belooft veel lekkers dus huiswaarts.

Om twaalf uur barst een grandioos vuurwerk los. We hebben een pracht plek om dit alles te aanschouwen en aan te horen: de knallen weergalmen tussen de heuvels. Daarna is het onze tijd: we hadden al wat getoeterd maar nu ieder een lichtkogel. Met champagne en accra's vierden we 2009, maar het naturistisch hoogtepunt was het rondje om de Zeevonk zwemmen, een vroegere Nieuwjaarsduik is niet mogelijk! Daarna naar het pizzarestaurant waar onder live muziek gedanst wordt. Het blijkt noch reggea, noch salza: het is een simpele karnavalsdans, de calypso. Ons vroege opstaan gaat tellen en om half twee keren we terug naar de opvallend verlichte Zeevonk.

Champagne na de nieuwjaarsduik

schietgrage gasten

Marigot vanaf de heuvel

Met Speedy in aktie

De dames wilden wel zeilen en de kleine buitenbaai hier leent zich er prima voor al is het uitkijken voor het in- en uitgaande verkeer. Joke kwam echter met panne terug: de bevestiging van de schoot aan de giek had het begeven. Wat blijkt: het beugeltje dat met popnagels aan de giek zat was verdwenen, de popnagels waren doorgerot. Wat wil je, zout en rvs op aluminium, daar kan je op dachten dat het wegcorrodeert. De reparatie is eenvoudig, terug naar simpele oplossingen: een minisjorring om de giek. Klaar voor de volgende rit. We laten hem een nachtje in het water omdat hij vrij onhandelbaar is, bij het te waterlaten liep hij half vol.

Fish Friday in Anse la Raye

Hoe kan het dat ineens allemaal bekenden hier in Marigot aankomen? De Kingfisher met de Braziliaanse schipper, de Courlander met de Letten onder aanvoering van Vill die zijn vinnetje van zijn surfplank op het rif verspeelde en de Italianen van de Gemm die we ontmoetten op de Tobago Cays liggen om ons heen! Gevolg is dat we de bemanning van de Gemm ook eens op de Zeevonk uitnodigen. Luca, Roberta, Vincenzo en hun dochter Julia komen wat drinken, het zijn heerlijke mensen. Hoewel ons Italiaans weinig voorsteld komen we er makkelijk uit. We besluiten naar de wekelijkse Fish Friday in Anse la Raye te gaan. De taxi van Bo is te klein voor het hele gezelschap dus moet hij twee keer rijden. Het vissersplaatsje ligt een kwartier gaans. Terwijl de eerste lichting onderweg is barst alweer een dikke bui los. Als dat maar goed komt en het cfestijn niet verregend zoals een keer op Grenada. Het kwam goed, de mensen hier wisten met allerlei afdakjes droge terrasjes te creëren. Tussen de buien door kon je oversteken naar de volgende kraam met allerlei vislekkers. Luca en Vincenzo ontpopten zich als ware gastheren en kwamen met rumpunch, bier en visgerechten aanzetten. Het eten staat hier duidelijk op de voorgrond al waren er ook een paar tenten met kleinkunst artikelen. Centraal in het straatje langs het strand - boulevard? - een grote muziekinstallatie die het geheel voorzag van kleurrijke muziek. Het decor hier en verder in het dorp is armoedig: primitieve houten huizen, soms niet van bouwvallen te onderscheiden. Maar, de mensen leven. Geen idee hoeveel procent een mobieltje heeft. We vermaakten ons prima en een paar uur later bracht Bo ons weer thuis. Een echte aanrader, je kunt ook in de baai voor het dorpje ankeren.

lekker ding

een drankje en een vishapje: Fish Friday Anse la Haye

Regen, regen en nog meer regen

Het is even mis met het weer, de ene bui na de andere over de baai. Terwijl in Nederland al een vaarverbod voor het van Harinxmakanaal is vanwege een mogelijke Elfstedentocht! We vertrekken voor de allerlaatste etappe naar Castries, de hoofdstad van St. Lucia. We zijn de baai nog niet uit of ineens een rubberboot achter ons aan: Umberto en Luca komen nog gedag zeggen? Niet helemaal, Luca vraagt om een lift naar Castries, achteraf niet verbazend wetende dat hij een oogje op Monique heeft. We motoren de paar mijl langs de kust, vragen bij de ingang van de baai van Castries aan het vliegveld of we naar binnen mogen. We varen vlak voor de landingsstrip van het minivliegveld langs. In de haven slechts één cruiseliner, maar ook twee jachten en niet te vergeten een oude sleepboot met de naam Doggersbank. Over de thuishaven Rotterdam is heen geverfd. Hij wordt hier als havensleper gebruikt.

aftappen mast

Bezoek aan Castries

We liggen in de hoek van de markt, ons eerste doel. Lang niet alle stands zijn bezet, maar voor ons is er voldoende aanbod. We steken over richting Shirley voor de lunch. Ineens bekenden op straat: Roberta en Vincenzo ook hier. Met zijn zessen vinden we een plekje aan een tafel in de smalle doorgang met de eettentjes, Shirley blijkt gesloten. We zijn net op tijd en genieten van de bonte verzameling van passerende mensen. Het kipgerecht heeft een paar verrassingen: botsplinters, leuk voor je vullingen. Na wat sneupen op de markt - bijna geen vis meer - redelijk wat groente - veel souveniers, nemen we afscheid van de Gemm-bemanning, wie weet zien we ze terug op Martinique.

toepasselijk geschenk van Monique! (zie hier)

De laatste nacht: een bijzondere

De hele middag konden we flarden muziek vanaf de kant horen. Bij het invallen van de duisternis dachten we dat Joke muziek had aangezet. Het tegendeel was waar, men had op de wal de volumeknop opengezet. Tot onze verbazing hoorden we achter elkaar cowboyliederen. Dat het zou doorgaan tot drie uur 's nachts wisten we toen nog niet. Karel's bar op Bonaire was hier kinderachtig bij. Intussen lagen we alleen, niet een echt veilig gevoel hoewel we tegenover de customs lagen waar duidelijk bewaking rondliep. Om half vijf gingen de wekkers/telefoontjes af. Opstaan, Monique moet om kwart over vijf in de taxi naar het vliegveld zitten. De markt was verlicht en verlaten. Ik kon het hek zo openen, echter op de terugweg naar de rubberboot viel ik bijna over een halfslapende waakhond, gelukkig aan een touw. Toch maar een andere plek gezocht om aan de wal te komen. Glijdend over glibberige rotsen lukte dat. De taxistandplaats was vlakbij, het liep ondanks het vroege tijdstip op rolletjes (de zware tas gelukkig ook).

voor de liefhebbers van Country music

In de val in Castries

Terwijl we wachten op het opstijgen van Monique's vliegtuig komt de pilotboot op ons af. We liggen in de weg voor de cruiseliners die hier moeten draaien. In de verte komt de eerste aan. We willen er langs varen maar worden tegengehouden door een ander bootje. We moeten wachten tot de Ocean Village is gedraaid en dan mogen we uitvaren. Als het zover is de tweede hobbel: de landingsbaan van het vliegveld. We vragen per marifoon of we langs mogen en nabij standby mogen we uitvaren. Precies voor de landingsbaan een toenemend oorverdovend lawaai: een vliegtuig van de LIAT vliegt vlak boven ons langs. Waarom moet je eigenlijk permissie vragen?

wegwezen, de eerste cruiseliner komt er aan

Monique vertrekt

de eerste cruiseliner blokkeert de uitgang

prima spreuk, kan bij ons ook

Weerzien in Rodney Bay

De paar mijltjes naar Rodney zijn tekort om het grootzeil te hijsen, maar de wind is gunstig dus maar op de genua. Een paar slagen en we zijn er. De Koolau ligt buiten en we ankeren ernaast. Einde van deze geweldige reis. We hebben deze eilanden ahw herontdekt, veel nieuwe vrienden opgedaan en prima gasten gehad. Nu al heimwee!

 


volgend verslag

index

top

laatste wijziging: 28-jan-09