Vaste grond

Vaste grond onder de voeten!

Na dagen stuiteren en door de kajuit vliegen als je niet uitkeek, lopen we nu weer op de wal. En wat een entourage! Het ouderwets aandoende Falmouth heeft een lange winkelstraat met winkels volop de mooiste prularia, aan paar banken met ATM en veel restaurants waaronder een met Caribbean food (!).Sailing_In_Mumbai_1442298435Aan de haven zitten met name zeilers in de middagzon op de terrasjes aan grote glazen bier en cider. Wat een land! Na een rondje winkelstraat en het tappen van ponden (geen idee hoeveel een pond waard is) zoeken wij ook een terras op en komen met een tot de rand gevuld glas cider aan onze trekken, Joke ziet zelfs kans te opteren voor een tweede glas! Nog voor zonsondergang zoeken we een restaurant op, het wordt Indiaas. Prima sfeer en ook hier hebben ze cider. Het smaakt uitstekend doch de porties overstijgen onze eetlust. Geen probleem, een doggybag biedt uitkomst.

Van de havenmeester moeten we verkassen: we liggen in de route van de loodsboten. Geen punt, snel gedaan.

Aan boord zoeken we snel de kooi op, een koud donsbed is ons deel. We slapen als rozen…

Ochtendzon in de kuip!

Wakker worden met een zonnetje, wat een luxe. De bimini kan half open. Een probleem, de schermen van de computer en dergelijke zijn in het felle zonlicht moeilijk te lezen. We nuttigen onze thee, koffie en ontbijt in de kuip, iets wat de laatse maanden niet meer heeft gekund. We hebben pech met het weer, op de Azoren, onderweg en hier ook al, de ochtendtemperatuur bereikt een nieuwe diepterekord: 14 graden.

De havendienst komt weer langs: er gaat vanmiddag om drie uur een zandzuiger vertrekken, we moeten standby zijn omdat we dicht bij het vaarwater liggen. Ook moeten we een paar meter (!) naar voren. Wat een gezeur.

Betaald wifi haal ik binnen met de visa-kaart: één dag voor 5 pond. Nu weten we eindelijk wat de wisselkoers is: 1 euro = 0,806 pond. Verder halen we natuurlijk de emails binnen die naar info@catzeiltochten en zeevonk@hotmail.com zijn gestuurd. Twee aanvragen voor een reis, een man wil graag het rondje sss-eilanden met ons maken…

Joke’s broer Ewout schrijft o.a. het volgende: “Ik zie jullie op AIS met een sneltrein vaart aankomen sinds vanmorgen 9 uur. Af en toe zelfs sneller dan de Velsheda ( J-class) die je vast wel in de baai hebt zien rondzeilen. Jullie zijn nou ook de Zeevonk op AIS , en niet alleen maar een nummer.”

Grappig moment in het havenkantoortje: één uur winst!

Een aardige vrouw bemand het huisje bij het hek van de marina, het hek dat alleen opengaat als je de code weet. Ze is zeer dienstvaardig, geeft ons veel informatie. Dan komt de klapper: het blijkt één uur vroeger dan onze klokken aangeven! De Amsterdamse zomertijd is dus niet gelijk aan die van Londen. Moeten we al onze elektronika weer aanpassen.

Ze vertelt dat we om half vier uur iemand aan boord moeten hebben voor het geval dat de loods eist dat we verkassen. Zoniet, dan staat daar een boete op van minimaal 60 pond, plus de kosten van het verhalen en de kosten van de jachthaven.

We gaan door de knieën voor een soort tearoom waar ze cream tea met aarbeien jam en scones met clotted cream aanbieden voor 3,75. Heerlijk, die Engelse teas. De dames blijven daarna in het stadje winkelen, de hoofdstraat is vol met voetgangers, een gezellige zondagsdrukte waarbij de meeste winkels open zijn. Zelf breng ik op de terugweg een bezoekje aan de Grote Pier uit Dordrecht, de Breehorn die vlakbij ligt. Dan komt de havenmeester weer langs: het vertrek van de zandzuiger is uitgesteld tot vijf uur. Of we dan maar standby willen zijn. Als de boot eindelijk om kwart over vijf vertrekt maakt hij een keurig rondje en hoef ik niets te doen. Op naar de kroeg voor mijn cider!

Het is intussen bewolkt en op het terras is het koud in de wind. Ik hunker naar wat warmte, Joke heeft dat al opgelost: ze kocht intussen een windbreker, een jas met fleece binnenjas. We liepen nog even de nu bijna verlaten winkelstraat in, de sfeer was weg en we besluiten de doggybag van de dag ervoor maar als diner te gaan gebruiken.

Murphy en de generator

Het is maandagochtend zes uur, stilte alom. Voorzichtig de deksel van de buitenwaterpomp eraf: de impellor is ongeschonden. Dan de kap die de v-snaren beschermt eraf en jawel: een slangenklem is gebroken! Als dat alles is dan is het zelf te herstellen. Het lukt en na bijvullen van de koelvloeistof loopt de generator weer als vanouds. Murphy is zeker niet aktief op maandagmorgen.

De hele ochtend regen: de Britse zomer laat zich niet van zijn beste kant zien

We vertrekken na weer uitgebreid inkopen te hebben gedaan – o.a. veel cider – en een fish and chips diner. Om vijf uur in de regen trekken we het anker uit de blubber.

fish and chips en … cider!

de ankerplek van Falmouth, de Zeevonk ergens achteraan

Aankomst in Dover

Na ruim anderhalf etmaal arriveren we in stralend weer en weinig wind in Dover! De forse stroom staat haaks op de westelijke ingang en met veel motorgeweld varen we naar binnen. Daar wacht ons een verrassing: geen boten geankerd in de buitenkom. We besluiten naar de getijdesteigers te gaan maar de marina verwijst ons naar het Granville dock waar we achterin een dubbele plek krijgen. Een nieuwe gewaarwording: aan een drijvende steiger in een havenkom liggen! Maar we mogen onszelf wel eens verwennen na bijna acht jaar ankeren.

Na een bezoek aan het marinakantoor lopen we richting centrum maar halverwege stranden we bij een moderne winkelketen met o.a. alweer buitensport kleding. De gevoerde en waterbestendige broek die ik in Falmouth kocht is intussen ingewijd en uitstekend bevallen. Dit keer maar de winkels overgeslagen en direkt naar het terras aan het eind om te kijken of daar valt te internetten. De dames hebben zo ruimschoots de gelegenheid om te winkelen.

De sfeer in het restaurant is goed. Engelse zeilers die ons aanspreken melden ook dat het eten van prima kwaliteit is dus blijven we tot dinnertime om dan van een heerlijke vis/kip te smullen.

De voorlaatste etappe: Dover-Den Helder, 166 mijl

We mogen pas halverwege het tij uit de haven – 6 meter verval – en kiezen tegen elven het ruime sop. Helaas hangt er boven het water mist met een zicht van een paar honderd meter. De AIS en de radar laten de omringende scheepvaart goed zien en welgemoed gaan we richting Noordhinder. De oversteek naar Nederland is behoorlijk ingewikkeld: de Noordzee heeft een serie verkeersscheidingsstelsels waar je u tegen zegt. Je mag ze alleen haaks kruisen, dus vaak tegen de wind een omweg van een tiental mijlen maken. We kiezen voor een route parallel tot aan de Noordhinder. Hier is een soort rotonde die je op alle manieren mag kruisen.

we passeren een lichtschip in de mist

Intussen moeten de motoren aan, de wind valt helemaal weg en de zee, notabene de ‘gevaarlijke Noordzee’, krijgt een olieachtig oppervlak. Aan de Engelse kust een stel windmolenparken die ons lang aan de horizon vergezellen. Maar ook zij hebben met windstilte te maken.

de ondergaande zon boven een gladde Noordzee

We varen naast de ‘traffic lane’ die ons naar de Noordhinder brengt. Daar is een soort kruising/rotonde waar de afslag naar de Nieuwe Waterweg is en de noordelijke routes, één voor de grote schepen die veel diepte nodig hebbe. Joke heeft de wacht en ziet op de AIS het meest ingewikkelde plaatje dat je je kunt voorstellen: schepen die van alle kanten komen en ook nog oversteken naar een andere traffic lane. Hoe deden we dat vroeger zonder AIS en radar? Het lukt met een paar koerswijzingen en dan afbuigen richting Den Helder. Het wordt meteen weer rustiger, we worden nu alleen maar ingehaald.

een ingewikkelde verkeerssituatie, de Zeevonk in de linker onderhoek

De dag breekt aan, nog 45 mijl van Nederland. We kunnen weer zeilen maar de wind blijft toenemen en we beginnen schuivers te maken met snelheden boven de tien knopen. Als de golven ook beginnen op te bouwen – het is dan af en toe al 30 knopen – snel twee riffen in het grootzeil, we hoeven geen records te breken. Gelukkig neemt de wind na een uurtje weer wat af en omstreeks 12 uur komt Nederland in het zicht! We koersen aan op de boei van het Schulpengat, passeren boorplatforms die als trouwe wachters aan de horizon staan.

We hebben geluk met het tij: er staat een flinke stroom naar binnen en vrij vlot wordt de vuurtoren van Huisduinen groter. We zien mensen op de dijk lopen en fietsen(!). We varen een glad Marsdiep op en melden ons bij de kustwacht. De marine jachthaven kunnen we niet bereiken, onze Amerikaanse marifoons blijken geen kanaal 31 te hebben.

De ingang van de marine jachtclub is nog als vroeger: twee dikke stalen palen met ongeveer 10 meter ertussen, erachter meteen steigers. Gelukkig is de steiger bij de ingang leeg en we parkeren vlakbij de reddingsboot “Joke Dijkstra” die daar aan zijn eigen steiger bij de ingang ligt. De havenmeesteres staat al klaar (met de fiets aan de hand) en haar eerste idee is dat ze geen plaats voor ons hebben en we maar naar een jachthaven achter een sluis moeten. Joke gaat met haar op zoek naar een plek en gelukkig komt de havenmeesteres na een paar telefoontjes tot inkeer en mogen we blijven liggen. De reddingsboot kan zonder problemen achter ons iets uit stekende achtereind passeren.

Om onze aankomst te vieren zoeken we met een fles cider het voordek op en genieten we van de avondzon die hier pas om tien uur onder gaat. We zijn na bijna acht jaar terug in Nederland!

De marine geeft voor ons? een welkomsfeest

We vallen met de neus in de boter: het zijn de populaire marine vlootdagen en we liggen eerste rang met uitzicht op het gebeuren. Bootjes volbeladen met toeschouwers varen door de haven, helikopters redden drenkelingen, dieptebommen worden afgeschoten. Op de oever tegenover ons zien we rijen wachtenden om de boten te bezichtigen.

Onze dochters arriveren!

Het is zonnig, een blauwe hemel, Nederland laat zich op zijn best zien. De bussen komen aan bij de veerbootterminal, alleen een ingewikkeld hek scheidt het marine jachthavenkompleks er van. Het is er druk, veel vakantie/weekendgangers wachten op de veerboot. Dan komt de bus: een dubbele met een harmonika in het midden. Marg met hond stapt uit. In februari zeilde ze nog met ons mee van de Dominikaanse Republiek naar Puerto Rico. Een heerlijk weerzien!

Een uur later komt Rinske in vol ornaat: hoogzwanger. Tibor zit nog even in Roemenië voor hij vader wordt. De laatste keer dat zij meezeilden is al meer dan een jaar geleden. Apart hoor, zo’n zwangere dochter!

Intussen is Leo, onze andere zwager ook gearriveerd. Hij heeft zeker een uur lang langs de havens rondgereden om ons te vinden. Kennelijk staan wij niet op zijn tomtom. Verbazend want wij zijn de enige gele mast… (grapje).

Eerst maar naar Texel

Het weerbericht voor de volgende dag praat over veel regen, vies weer dus. We besluiten vast een stukje in de zon naar Oudeschild te zeielen. Siets, die opstapte in Horta en ons het tweede stuk oceaan overhielp, gaat van boord. Toch wel bijzonder: het eerste stuk over de oceaan ging de ene zus (met zwager Bob) mee, het tweede stuk de andere zus. Leuke manier om zo de familiebanden aan te halen. Trouwens, op de heenreis ging de ene broer van Joke mee…

De vijf mijl is tegen de laatste ebstroom in en de wind laat het ook afweten. We motoren de haven in, mogen zelf een plekje zoeken, de havenmeester is al naar huis. We meren af aan een dagboot in het havenkommetje waar ook een paar bruinevlootschepen liggen. Het is gezellig druk op de kant, de terrasjes zitten nog vol. Opvallend veel ijsjesetende wandelaars. Schapen op de dijk vervolmaken het decor.

Nog geen uur later vertrekt de dagboot om de volgende ochtend om negen uur weer terug te komen. Wij hebben het plan om half negen te vertrekken, dat komt goed uit. We maken nog een avondwandeling langs de haven, een paar restaurants zijn al gesloten, alleen die waar we bijna tegenover liggen schijnt een feest te hebben en dat blijven we lang horen ook.

Het allerlaatste stuk

We vertrekken met donkere luchten op de achtergrond. Er is nog niet veel wind en de zee is glad. Wat een verschil met de afgelopen reis waar we bergen water moesten trotseren. Het is even wennen om met stroom mee de vele tonnen zonder botsing te passeren. Even later bereiken de regenbuien ook ons en valt de wind weg. We passeren Kornwerderzand, het wordt drukker op het water. Aan de horizon de contouren van Harlingen! Een uurtje later draaien we de haven van Harlingen binnen. Bij het sluisje wordt druk gezwaaid met Friese vlaggen en geroepen: een ontvangst! We herkennen onze vrienden en familie. De brug gaat keurig voor ons open en ook de brug van de Noorderhaven staat al uitnodigend omhoog. “Onze” ligplaats is vrij: we draaien met hulp van lijnen ons rondje en zijn te plek!!!(Anita had onze aankomst aangemeld bij de havenmeester).

Welkom door vrienden en familie

Gewapend met paraplui staan ze daar: onze vrienden en familie met pakjes in de hand. Wat een heerlijk weerzien! Snel aan boord en de kuip kan het nauwelijks aan. Ze hebben allerlei flessen meegenomen, o.a. Grouwster bier en Frysk Slokje. Ook suikerbrood en kaas komt op tafel. Dan is het tijd voor het ontkurken van de champagne! Wat een welkom, hulde aan onze dochters die dit wisten te organiseren dankzij Facebook en Linkedin!

Om de feestvreugde nog groter te maken stapt Nico de Koning met een maat aan boord, beladen met instrumenten: twee violen en een gitaar. Als zij Ierse fiddle muziek gaan spelen wordt iedereen even stil om vervolgens mee te klappen. Wat een genot!!! Een echt kippenve lmoment.

Een uurtje later arriveert een oude mercedes. Het blijkt een 85-jarige oudtante met achternicht Ellen die ooit op St Maarten woonde. De wonderen zijn de wereld nog niet uit. Ze is nog zeer scherp van geest en laat heel wat momenten uit het verleden passeren. Ze bracht voor Joke heel lief een lila fleecetrui mee, want ze had het toch zo koud gehad?

Dan weer een bijzonder moment, staat een verbaasde Harlinger Jan Vrouwe van de catamaran Witchcraft op de kant. Een paar maanden geleden lagen we samen in de Grote baai van Philipsburg, St. Maarten! Hun boot hebben ze tijdelijk gestald in Curaçao.

‘s Avonds heeft Anita al fotoos en een film op de blog gezet! sylpost2012-2.blogspot.com